Adviesraad Sociaal Domein
De Adviesraad Sociaal Domein (ASD) adviseert het college over het beleid op het gebied van
- de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo);
- de Jeugdwet;
- Werk en Inkomen.
De ASD bewaakt of de gemeente inwoners en organisaties betrekt bij de beleidsontwikkeling. En of de uitvoering goed geregeld is voor de mensen die het nodig hebben. De ASD is daarmee een belangrijke schakel tussen de gemeente en inwoners. Het gaat vooral om inwoners die ondersteuning van de gemeente krijgen of die zich inzetten voor de samenleving.

V.l.n.r.: voorzitter Piet van Adrichem, Daniëlle van der Eerden, Daniël Reijsbergen, Sandra van Overveld, Hetty Harmse, Rick Bijl, Dorien Krom, Ursila Soebhan, Coby de Koning en Ad van Winden.
Op de foto ontbreken Ricardo Bronsgeest en Eva Kloet.
Samenstelling
De ASD bestaat uit een voorzitter, secretaris en 9 leden. De ASD wordt geholpen door mensen die veel ervaring hebben met een uitkering of voorziening. Of door mensen die extra veel weten van de Wet maatschappelijke ondersteuning, Jeugdwet of Werk en Inkomen. Een onafhankelijke secretaris ondersteunt de ASD.
Voorzitter : de heer P. van Adrichem
Secretaris : mevrouw S. van Overveld-Rensen
- de heer R. (Ricardo) Bronsgeest
- de heer R. (Rick) Bijl
- mevrouw D. (Daniëlle) van der Eerden
- mevrouw H. (Hetty) Harmse-Vis
- mevrouw C. (Coby) de Koning
- mevrouw D. (Dorien) Krom
- de heer D. (Daniël) Reijsbergen
- mevrouw E. (Eva) Kloet
- de heer A. (Ad) van Winden
Contact
U kunt contact opnemen met de ASD via e-mail: adviesraadsociaaldomeinpn@gmail.com
Jaaroverzichten
JAAROVERZICHT 2024 ADVIESRAAD SOCIAAL DOMEIN PIJNACKER-NOOTDORP
De Adviesraad Sociaal Domein adviseert het College van B&W over het gevoerde beleid (gevraagd en ongevraagd) op het gebied van de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet, de Participatiewet en daarmee samenhangende onderwerpen.
Samenstelling
- Onafhankelijk voorzitter: de heer P.N.J. (Piet) van Adrichem
- Leden:
- De heer J.B. (Jos) Arends (tot 5 maart 2024)
- De heer R. Bronsgeest (vanaf 2 april 2024)
- Mevrouw M.G.M. (Monique) Dekker-van der Maarel (tot 31 december 2024)
- Mevrouw D. M. (Daniëlle) van der Eerden (tevens plv. voorzitter)
- Mevrouw H.J.G. (Hetty) Harmse-Vis
- Mevrouw C. (Coby) de Koning
- Mevrouw D. (Dorien) Krom
- Mevrouw U.A. (Ursila) Middelburg-Soebhan
- De heer A.B.W. (Ad) van Winden
- Secretaris: mevrouw S. (Sandra) van Overveld-Rensen
De Adviesraad vergaderde in 2024 op 9 januari, 6 februari, 5 maart, 2 april, 30 april, 28 mei, 25 juni, 27 au-gustus, 24 september, 22 oktober en 26 november.
De schil, het netwerk van de ASD
De ‘flexibele schil’ van de ASD, bestaande uit mensen of organisaties die ervaring hebben met de verschil-lende gemeentelijke voorzieningen en/of (specifieke) kennis bezitten van de verschillende wetten, bestond eind 2024 uit 38 personen. Zij worden betrokken bij de advisering van de ASD of bevraagd over actuele on-derwerpen.
Terugblik
We vergaderden in 2024 elf keer, vrijwel maandelijks. Regelmatig stonden daarin adviezen met betrekking tot actieplannen, visies, verordeningen en beleidsregels centraal. Verder rapportages en (jaar)verslagen, vaak voorzien van een mondelinge toelichting en gevolgd door een bespreking. Belangrijk onderwerp was inclusie.
Daarnaast woonden leden van de ASD meerdere bijeenkomsten bij.
Voltallig waren we aanwezig bij de bijeenkomst van de adviesraden uit de regio Haaglanden in maart. We volgden de ontwikkelingen rond Orange the World (ter bestrijding van geweld tegen meisjes en vrouwen) en activiteiten rond het thema Eén tegen eenzaamheid. De ASD heeft het actieprogramma hiervan mede ondertekend.
We waren aanwezig bij de kick off van de Lokale Educatieve Agenda (LEA) en we woonden ook informatie-bijeenkomsten bij over de mogelijke komst van een AZC.
Raadplegen netwerk
Tweemaal hebben we de leden van ons netwerk via de mail een vraag voorgelegd. Dat betrof de concept visie op het sociaal domein en de evaluatie van het actieplan bestaanszekerheid. De daarop ontvangen re-acties hebben we meegenomen in de beantwoording van de vragen die ons door de gemeente zijn voorgelegd.
Aan het eind van het jaar hebben we een Nieuwsbrief verspreid over onze activiteiten in 2024. Deze Nieuwsbrief ging naar onze contactpersonen binnen de gemeente en naar de leden van ons netwerk.
De contacten met de gemeente verliepen soepel. Wijnand Kort was de contactpersoon tussen ASD en de gemeentelijke organisatie. Adviesaanvragen werden waar nodig toegelicht door de betrokken beleidsamb-tenaren, waarbij we als ASD niet alleen formeel, maar al in de bespreking de mogelijkheid kregen om onze ideeën en opmerkingen in te brengen.
Terugkijkend kunnen we stellen dat de ASD in 2024, zowel qua voeling houden met wat leeft in de samen-leving als met het adviseren over beleid en uitvoering binnen het sociaal domein zo goed als mogelijk invul-ling heeft kunnen geven aan de participatie van burgers en cliënten.
Wel merken we dat de volle agenda’s van de ASD leden in combinatie met vacatures en ziekteperiodes re-gelmatig een stevige uitdaging vormden om ‘alle ballen in de lucht te houden”.
Een overzicht van de belangrijkste gespreksonderwerpen in 2024:
- Aanpak eenzaamheid; actieprogramma en uitvoeringsplan eenzaamheid ‘Samen naar verbinding’ (9 januari);
- Actieplan bestaanszekerheid (9 januari);
- Vrijwilligersbeleid gemeente (9 januari);
- Onderzoek lokale ombudsman en pilot sociaal raadslieden (6 februari);
- Monitor Sociaal Domein 2022 (5 maart);
- Regiobijeenkomst ASD’s H10 (5 maart);
- Visie op het sociaal domein (2 april);
- Voortgang pilot welzijnsondersteuner ouderen (30 april);
- Gesprek met de wethouders Marieke van Bijnen en Hanneke van de Gevel (28 mei);
- Beleidsregels Bijzondere Bijstand (28 mei);
- Bespreken presentaties Klankbordgroep 19 maart: Uitvoering Wet Inburgering en JIM = jouw in-gebrachte mentor (28 mei);
- Regionaal Integraal Gezondheidsakkoord (RIGA) (25 juni);
- Regionaal werkcentrum arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (RWV-ZHC) (25 juni);
- Bijdrage ASD aan de Lokale Inclusie Agenda (LIA) (25 juni);
- Verordening Jeugd (27 augustus);
- Update leerlingenvervoer en regiotaxi (27 augustus);
- Beleidsregels vrijlating giften 2024 en beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang op grond van sociaal medische indicatie 2024 (24 september);
- Communicatieplan sociaal raadslieden (24 september);
- Lokaal gezondheidsbeleid (22 oktober);
- Dienstverlening gemeente (22 oktober);
- Verslag spiegelgesprek met Regiotaxi Haaglanden (22 oktober);
- Evaluatie Klankbordgroep Sociaal Domein van 15 oktober 2024 (22 oktober);
- Nieuwe campagne rondom normaliseren voor de jeugd (26 november);
- Evaluatie actieplan bestaanszekerheid (26 november);
- Invulling vacatures ASD;
- Dashboards Werk & Inkomen Q3 2023, Q1 t/m Q3 2024.
Uitgebrachte adviezen in 2024
- 12 maart 2024: Advies over het besluit van de gemeenteraad om dienstverlening van sociaal raads-lieden beschikbaar te stellen aan de inwoners van de gemeente.
- 1 mei 2024: Advies met betrekking tot de Visie op een veerkrachtig sociaal domein ‘Samen gereed voor de toekomst’.
- 27 juni 2024: Advies over de Beleidsregels bijzondere bijstand.
- 24 september 2024: Advies inzake de Verordening jeugdhulp.
- 30 oktober 2024: Advies over de beleidsregels giften 2024 en de beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang op grond van sociaal medische indicatie 2024.
- 6 november 2024: Advies met betrekking tot het opstellen van een Lokale Inclusie Agenda (LIA).
Alle adviezen en reacties daarop van het College staan op de website van de adviesraad: www.pijnacker-nootdorp.nl/asd.
Klankbordgroep Sociaal Domein
De Klankbordgroep Sociaal Domein kwam in 2024 drie keer bij elkaar. Tijdens de bijeenkomst in maart werd een afvaardiging van de ASD samen met vertegenwoordigers van de fracties uit de gemeenteraad ge-informeerd over de voortgang van de Wet inburgering, het actieprogramma eenzaamheid en een mentor-project gericht op de ondersteuning van jongeren (JIM).
In juni werden we uitgenodigd in de nieuwe locatie van de SWOP in Nootdorp (in de St. Jozefschool) en stonden de onderwerpen dementie, ingeleid door Lies Rutten van Alzheimer Nederland, en ouder worden in Pijnacker-Nootdorp op de agenda.
In oktober keken we met elkaar naar het cliëntervaringsonderzoek Wmo 2023, de monitor sociaal domein en het jaarverslag participatie, beiden ook over 2023. Verder werden we geïnformeerd over de voortgangs-rapportage schuldhulpverlening en kinderopvangtoeslagenaffaire.
Wat de klankbordbijeenkomsten mede waardevol maakt is de uitwisseling tussen ASD leden en gemeente-raadsleden. Bijzonder en waardevol dit jaar was ook het feit dat zowel in juni bij het onderwerp dementie, als in oktober bij de toeslagenaffaire inwoners waren uitgenodigd, die over hun eigen persoonlijke ervarin-gen vertelden. Indrukwekkende verhalen, waar we met respect naar luisterden en die ons inzicht boden welke impact dit had en/of heeft op hun leven.
Overleg voorzitters adviesraden regio Haaglanden
Het overleg in de regio bleef dit jaar niet beperkt tot het overleg van de voorzitters. Op 4 maart organiseer-den we samen met de andere adviesraden in de regio een bijeenkomst voor alle adviesraadsleden. Deze vond plaats in theater De Veste. Centraal daarin een lezing van Erik Dannenberg die zijn visie gaf op de ont-wikkelingen in het sociaal domein. Op zich voor ons niet nieuw, omdat we in onze gemeente dit verhaal al hadden gehoord tijdens de Conferentie over de visie op het sociaal domein in oktober vorig jaar.
Wat de bijeenkomst extra waardevol maakte, waren de onderlinge contacten en de uitwisseling van erva-ringen. In vervolg op de bijeenkomst is het plan opgevat een chatgroep te maken. In die chatgroep kunnen ASD leden uit de hele regio met elkaar contact opnemen en elkaar bevragen of informeren over onderwer-pen die op dat moment aan de orde zijn.
Het reguliere overleg vond dit jaar vier keer plaats, waarvan één keer digitaal.
Er waren geen gezamenlijke adviestrajecten. Wel werden adviezen uitgewisseld en toegelicht. Naast deze informatie-uitwisseling werd in januari aandacht besteed aan het onderwerp positieve gezondheid en in juni werd de bijeenkomst van maart geëvalueerd en het besluit genomen om een chatplatform te creëren.
In september lieten we ons bijpraten over de stand van zaken met betrekking tot de regionale Woonzorgvi-sie Haaglanden en in december gingen we in gesprek met vertegenwoordigers van het regionaal pro-gramma Jeugdhulp.
Tussentijds werden we begin december in een iets andere regionale samenstelling geïnformeerd over het Regionaal Integraal Gezondheidsakkoord (RIGA) en werd besproken hoe we daar als adviesraden uit de deelnemende gemeenten bij betrokken worden en over kunnen adviseren.
Wat we vorig jaar al signaleerden, werd ook dit jaar bevestigd, namelijk dat het regionaal overleg belangrij-ker wordt, vooral omdat gemeenten in onze regio op meer terreinen een inhoudelijke samenwerking na-streven. Samen met bestuurders en beleidsmakers zoeken we naar wegen om de inbreng vanuit de advies-raden zo goed mogelijk tot zijn recht te laten komen, zowel in de fase van beleidsvorming als bij de formele advisering over de besluitvorming.
Samenstelling Adviesraad
In de samenstelling van de ASD traden in 2024 twee wijzigingen op. Lisa Coronado Fernández nam per 1 januari afscheid en korte tijd later verruilde Jos Arends het lidmaatschap van de ASD voor dat van de ge-meenteraad in de fractie van Eerlijk Alternatief.
Het wervingstraject voor de eerste vacature werd succesvol afgerond met de voordracht en benoeming van Ricardo Bronsgeest.
De werving voor de tweede vacature heeft tot nu toe niet tot een benoeming geleid. Voor een evenwich-tige samenstelling van de ASD willen we graag één of twee jongere leden benoemen. We hebben gesprek-ken gevoerd met organisaties, die actief zijn in het jongerenwerk, maar dat heeft in het verslagjaar nog niet tot concreet resultaat geleid.
Per 1 januari 2025 komt er een nieuwe vacature bij door het tussentijdse vertrek van Monique Dekker-van der Maarel. Zij neemt om gezondheidsredenen afscheid van de Adviesraad.
Studiedag ASD
In het najaar op woensdag 23 oktober organiseerden we onze jaarlijkse studiedag, die opnieuw plaatsvond in de Smulhoeve in Den Haag/Leidschenveen. De Smulhoeve is een locatie van Ipse de Bruggen, waar men-sen met een beperking actief zijn. Centraal stond deze dag het thema inclusie. Doel van de dag was informatie verzamelen voor ons advies richting het college van B&W over de opstelling van een Lokale Inclusie Agenda (LIA). Tijdens het ochtendprogramma verkende Fayaaz Joemmanbaks, projectleider binnen Movisie, met ons de vraag wat inclusie precies inhoudt. Een brede term, waaronder toegankelijkheid, diversiteitsbeleid, gelijke kansen en burgerparticipatie vallen. In zijn presentatie baseerde hij zich op de handreiking van Movisie voor het bevorderen van inclusief beleid binnen gemeenten.
In een interactieve sessie, waarbij we ons ook op een concreet thema richtten, diepten we de kennis uit.
Voor het middagprogramma hadden we Stichting Voorall uitgenodigd. Stichting Voorall behartigt de belan-gen van Hagenaars met een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke beperking en/of chronische aandoe-ning, zodat zij zo gelijkwaardig mogelijk kunnen deelnemen aan de samenleving. Directeur Wim Carabain vertelde ons over de activiteiten van Voorall en dacht met ons mee over wat in Pijnacker-Nootdorp noodza-kelijk is voor de genoemde doelgroep.
De opbrengsten van de studiedag zijn door ons verwerkt in een advies aan het college.
Wat brengt 2025?
Het sociaal domein is na de decentralisatie van 2015 geëvolueerd tot een omvangrijk beleidsterrein voor de gemeenten. In de begroting voor 2025 voor onze gemeente zien we bedragen van bijna 13 miljoen euro voor Wmo uitgaven, ruim 20 miljoen euro voor Jeugd en ruim 10 miljoen euro voor participatie op de be-groting staan. Grote uitgavenposten, terwijl de uitkeringen van het rijk daarmee geen gelijke tred houden. Dat vraagt om scherpte en kritisch kijken of alle uitgaven noodzakelijk zijn.
Het college werkt daarom aan een nieuw interventieplan om de uitgaven in het sociaal domein te beteuge-len. Als adviesraad zullen wij dit voornemen kritisch volgen vanuit het perspectief van de inwoners die aan-gewezen zijn op deze voorzieningen en regelingen. Wat zijn voor hen de gevolgen van eventuele aanscher-pingen of bezuinigingen?
Regionaal staat de uitvoering van het Regionaal Integraal Gezondheidsakkoord (RIGA) op de agenda. Een onderwerp waarin onze gemeente tot de initiatiefnemers behoort, maar dat door onzekerheid over de fi-nanciering door de rijksoverheid nog veel onzekerheden kent.
Eveneens regionaal vraagt de aanpak van de zwaardere vormen van jeugdhulp onze aandacht. De omslag van marktdenken naar een gezamenlijke aanpak door overheden en zorgaanbieders moet leiden tot een nieuwe regionale aanbesteding, gericht op de periode vanaf 2026.
In het algemeen verwachten we toch wel spannende tijden. De onzekerheid over het ‘ravijnjaar’ 2026, meer in het algemeen het beleid van de landelijke overheid en de begin 2026 geplande gemeenteraadsver-kiezingen zorgen ongetwijfeld voor de nodige turbulentie.
Verder wordt er ongetwijfeld het nodige geëvalueerd en zullen zich vanuit de actualiteit ook andere onder-werpen aandienen.
Het einde van deze gemeenteraadsperiode betekent voor de ASD dat voor een aantal ASD leden het einde van hun tweede benoemingsperiode van vier jaar nadert. Dat is meteen de maximum termijn. In het najaar zullen we daarom beginnen met de werving van nieuwe ASD leden.
Binnen onze mogelijkheden zullen we ons als ASD inzetten om de belangen van de betrokken inwoners zo goed mogelijk te behartigen en bij te dragen aan goed beleid met aansluitend een goede uitvoering van dat beleid.
Vergaderingen ASD
De vergaderingen van de ASD zijn openbaar. De agenda en de verslagen van de vergaderingen staan op de website van de adviesraad: www.pijnacker-nootdorp.nl/asd.
Voor 2025 zijn de volgende vergaderdata vastgelegd: 21 januari, 18 februari, 25 maart, 22 april, 27 mei, 24 juni, 22 juli, 19 augustus, 23 september, 21 oktober en 25 november. Tijd: 19.30 – 22.00 uur.
De Adviesraad Sociaal Domein (ASD)
De Adviesraad Sociaal Domein (ASD) adviseert het College van B&W over alle mogelijke onderwer-pen binnen het sociaal domein. Dat domein omvat de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet en de Participatiewet (Werk en Inkomen). Ook daarmee samenhangende onderwer-pen als de Wet Schuldhulpverlening, armoedebestrijding en inburgering worden gerekend tot het sociaal domein.
Adviezen worden uitgebracht over beleidsvoornemens, uitvoering en evaluatie van beleid. Ge-vraagd en ongevraagd.
De ASD bestaat uit een onafhankelijk voorzitter en negen leden. Betrokken inwoners, die samen een breed scala aan deskundigheid en ervaring inbrengen en afkomstig zijn uit de diverse kernen van onze gemeente. De raad wordt ondersteund door een secretaris/ondersteuner.
Alle vergaderstukken zijn in te zien op www.pijnacker-nootdorp.nl/asd
Verslagen
Aanwezig: Piet van Adrichem (vz), Rick Bijl, Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Eva Kloet, Coby de Koning, Dorien Krom, Daniël Reijsbergen, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Heidi Brandenburg (19.45-21.30 uur), Mirjem Azouagh en Barry Kristians (19.45-20.30 uur), Nico Brandts en Marja Hogervorst (20.15-21.10 uur)
1. Opening, vaststelling agenda en interne afstemming
Piet heet alle aanwezigen welkom. Aanvulling agenda: Nieuwsbrief ASD 2025.
2. Sluitende aanpak personen met verward/onbegrepen gedrag
Mirjem Azouagh en Barry Kristians lichten de aanpak toe.
Het gaat om de aanpak voor mensen die grip op hun leven (dreigen te) verliezen, waardoor het risico aanwezig is dat zij zichzelf of anderen schade berokkenen. Dit verlies kan eenmalig of chronisch zijn. Er is eerst gekeken naar wat er lokaal al was aan voorzieningen.
Huidige lokale structuur:
- Kernteam (gedragswetenschapper, casusregisseur AMW)
- Meldpunt bezorgd
- Meldpunt niet acute zorgmeldingen
- Bemoeizorg
- Coördinator Wvggz (Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg)
- Procesregisseur Zorg en Veiligheidskamer
- Maatwerk budget
- Adviseur openbare orde en veiligheid (coördinator woonoverlast en casusregisseur veiligheid)
- Inloopvoorziening de herstelacademie ggz. Laagdrempelig en vrij toegankelijk.
- Convenant woningen – directe bemiddeling. Hier komt Barry volgend voorjaar graag op terug.
- Housing first
- Ketenaanpak onbegrepen gedrag (regionaal)
- Zorg- en veiligheidshuis haaglanden (zvhh)
Jaarlijks wordt er een bemoeizorgrapport gemaakt. De ASD kan deze cijfers ook krijgen. Barry zal ze toezenden. De ASD geeft aan dat het goed zou zijn om in de cijfers ook eens in te zoomen op bepaalde doelgroepen, zoals mensen die uit oorlogsgebieden hier gekomen zijn of jongeren die door social media beïnvloed worden.
Er zijn twee routes naar verplichte zorg:
1. Zorgmachtiging via de rechter (aanvraag door de gemeente of door een zorgaanbieder bij een lopende behandeling).
2. Crisismaatregel bij directe spoed (burgemeester)
Het Wvggz verkennend onderzoek vindt plaats binnen twee weken na een melding. Eerst wordt informatie verzameld bij GGZ Delfland, huisarts, politie en andere partners. Daarna wordt de ernst en de noodzaak tot verplichte zorg beoordeeld en zo nodig gaat er een verzoek naar de officier van justitie.
Vragen aan de ASD:
- Zien jullie meer signalen van zorgwekkend gedrag in de samenleving?
We merken een verlaagde tolerantie voor ‘ander gedrag’ op. Daarnaast kunnen ook geldproblemen leiden tot zorgwekkend gedrag, omdat dit ook invloed heeft op de psyche. - Bereiken we inwoners voldoende met het meldpunt?
Er is een korte lijn tussen de verschillende instanties en de gemeente, maar de bekendheid kan beter. Wijkverpleegkundigen, thuiszorg en huisartsen moeten op de hoogte zijn van het meldpunt. Kerken kunnen ook een belangrijke rol spelen bij het signaleren en bieden van steun aan deze mensen. - Hoe kan onze communicatie naar naasten, buren, vrijwilligers en professionals beter?
Mensen worden nu vooral via de SWOP geïnformeerd. Het is belangrijk dat er meer preventief gewerkt gaat worden en dat er gekeken wordt naar het maatschappelijk effect van zorgwekkend gedrag.
Volgend jaar brengt het kernteam een bezoek aan de ASD. Dan kunnen we dit ook bespreken en de rol van het kernteam hierin.
3. Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen 2024
Marja Hogervorst van de GGD Haaglanden afd. Gezondheidsbevordering licht de gezondheidsmonitor toe. Zij adviseert scholen, kinderopvang en gemeenten over gezondheidsbevordering.
De gezondheidsmonitor is een landelijk onderzoek vanuit het RIVM. Vragenlijsten liggen voor 95% vast, de GGD kan zelf nog 5% toevoegen. Mensen krijgen random een brief thuis. 37% van de benaderde inwoners van Pijnacker-Nootdorp heeft de enquête ingevuld (ca. 1.000 mensen). De antwoorden zijn hoe inwoners het zelf ervaren. Dit hoeft niet altijd overeen te komen met de feiten en normen. De resultaten zijn in mei 2025 gepresenteerd.
De gezondheidsmonitor is te vinden via https://gezondheidsgids.ggdhaaglanden.nl/mosaic/gezondheidsmonitor-volwassenen-en-ouderen/over-de-gezondheidsmonitor-volwassenen-en-ouderen. Als we onze gemeente willen meten met een vergelijkbare buurgemeente, kunnen we dit het beste doen met Lansingerland.
Het leefbaarheidsonderzoek vindt plaats om de 2 jaar. Dit wordt uitgevoerd door een extern bureau. Een aantal elementen hiervan zit ook in de gezondheidsmonitor, maar het leefbaarheidsonderzoek is veel uitgebreider.
4. Verordening Individuele Inkomenstoeslag
Heidi licht de procedure kort toe. De verordening moet nog langs het college en de gemeenteraad. De ASD heeft hier al een keer over geadviseerd. Het gaat nu om het aanpassen van bedragen en enkele tekstuele veranderingen.
Uitleg van twee vragen vanuit de ASD:
- Kan-bepaling = dat de gemeenteraad ervoor kan kiezen of niet.
- Wat betreft de bijstand: iemand die de individuele inkomenstoeslag eenmaal heeft aangevraagd, krijgt het ambtshalve bij een nieuwe termijn opnieuw toegekend, als de situatie niet veranderd is. Dit betekent een administratieve verlichting voor de aanvragers.
5. Mededelingen gemeente
- Vergaderschema 2026: 10 november wordt 24 november. 11 Augustus vervalt.
- Dashboards Q1 t/m Q3 2025. Aandachtspunten:
- In de loop van de jaren is het aantal bijstandsgerechtigden nauwelijks gestegen.
- Het bedrag voor terugvordering en verhaal is 3x zo hoog als begroot. De reden is dat er minimale aandacht was voor terugvordering. Nu is een pilot gestart om de bedragen terug te vorderen als dit gegrond is.
- De ASD wordt op korte termijn door de gemeente geïnformeerd over het huis van Rie. Daarna zal Heidi de vragen van de ASD beantwoorden.
- Vraag aan Heidi:
- In Pijnacker-Noord moet iedereen van het gas af. Naast kosten voor nieuwe apparatuur, kost het de mensen ook nieuwe pannen. Heel veel mensen hebben een kleine beurs en hebben hier geen geld voor. De toegezegde tegemoetkoming van Rondom Wonen gaat niet door. Kan de gemeente hierin iets betekenen?
Dit geldt ook voor noodpakketten: gaat de gemeente de mensen helpen die het zelf niet kunnen betalen?
- In Pijnacker-Noord moet iedereen van het gas af. Naast kosten voor nieuwe apparatuur, kost het de mensen ook nieuwe pannen. Heel veel mensen hebben een kleine beurs en hebben hier geen geld voor. De toegezegde tegemoetkoming van Rondom Wonen gaat niet door. Kan de gemeente hierin iets betekenen?
- De aanstelling van Eva Kloet tot ASD-lid is akkoord.
6. Advieskalender
Geen aanvullingen en wijzigingen.
7. Concept verslag ASD vergadering 21 oktober 2025 en A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
A&A-lijst:
Punt 2, H9-directeuren afspraak sociaal domein: kan eraf.
Het Convenant adviesraden inz. regionale samenwerking heeft Piet meegenomen naar zijn overleg met Martin Groen. Martin stelt het voorstel intern aan de orde.
8. Vacatures ASD
Komende week verschijnt de vacaturetekst in de Telstar/Eendracht. Het streven is nieuwe kandidaten per 1-1-2026 toe te laten treden.
9. Nieuwsbrief ASD
- Nieuwe leden stellen zich voor: Daniël, Rick en Eva. Zij zullen hun tekst naar Piet mailen.
- Stukje over Sociaal Raadslieden.
- Stukje over de insteek van de ASD: werken voor de meest kwetsbare inwoners.
- Bijeenkomsten die we bijgewoond hebben.
10. Uitgaande correspondentie
De ASD heeft nog geen reactie ontvangen op de twee adviezen.
11. Ingekomen correspondentie
Geen aanvullingen
12. Planning afscheidsetentje
Voorstel: 6 januari 18.30 uur bij Tout le Monde. Piet zal Monique en Ursila ook uitnodigen en met Heidi afstemmen i.v.m. de op die avond geplande Klankbordgroep Sociaal Domein.
13. Rondvraag en sluiting
Er wordt geen gebruik gemaakt van de rondvraag.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng en wenst hij iedereen fijne feestdagen en een voorspoedig nieuwjaar.
Aanwezig: Piet van Adrichem (vz), Rick Bijl, Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Daniël Reijsbergen, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Aanwezig als toekomstig ASD-lid: Eva Kloet
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Heidi Brandenburg (19.45-21.20 uur), Nadia Eijken, Sharon van Belzen en Samantha van Steijn (19.45-20.45 uur), Yvonne Post en Robbert ten Bosch (19.45-21.15 uur)
1. Opening, vaststelling agenda en interne afstemming
Piet heet alle aanwezigen welkom. Er volgt een voorstelronde voor en door kandidaat ASD lid Eva Kloet.
2. Lokale Inclusie Agenda (LIA)
De presentatie wordt verzorgd door Nadia Eijken.
Proces om tot de LIA te komen:
- Er is een startnotitie opgesteld.
- Op 20 mei 2025 is de Inwonersbijeenkomst Inclusie geweest (30 deelnemers, burgers met een beperking of die zorgen voor iemand met een beperking). Uit de input van deze bijeenkomst is de LIA ontstaan. Wat zijn verbeterpunten voor de komende 2 jaar?
- Er is een klankbordgroep toegankelijkheid ingesteld, bestaande uit 10 personen. Deze mensen hebben meegelezen en gereageerd.
Agenda zelf:
- De agenda moet voldoen aan het VN-verdrag Handicap
- Werkwijze: de agenda is opgesteld door ervaringsdeskundigen.
- Rol van de gemeente: faciliteren en stimuleren.
- Aanjager inclusie
- Kernwaarden: gelijke behandeling, participatie, toegankelijkheid, samenwerking, leren en verbeteren.
- De gemeente bouwt voort op bestaande plannen en projecten. Nadia heeft hier geen extra middelen voor gekregen, waardoor de mogelijkheden beperkt zijn.
10 Thema’s:
Cultuur en evenementen, onderwijs, sport, werk en inkomen, dienstverlening en communicatie, openbare ruimte, vervoer, welzijn/zorg/gezondheid, wonen en bewustwording.
Opmerkingen en vragen vanuit de ASD:
- Hoe gaat de gemeente om met bedrijven die niet inclusief werken? En hoe gaat de gemeente er zelf mee om? De ASD heeft de indruk dat de gemeente zich nu vooral richt op de positieve dingen die er al zijn.
Nadia geeft aan dat zij dit allemaal inzichtelijk heeft en er iets mee probeert te doen. De gemeente kan niet alles verplichten. Wel probeert zij met iedereen een gesprek aan te gaan. Collega’s worden opgeleid ‘Wat is inclusieve dienstverlening?’, zodat zij in hun werkveld mensen erop aan kunnen spreken.
- In de inleiding missen we de visie van het stuk. Wat is het vergezicht van de gemeente en waar willen we naartoe gaan werken? ‘Het is breder dan alleen …’ staat er in de inleiding. Werk dat verder uit.
- Hoe verhoudt deze agenda zich tot het hele inclusiebeleid? De ASD mist het totaalplaatje. De actiepunten zijn niet dekkend voor het hele probleem. Graag e.e.a. meer in verhouding zetten.
Het advies van de ASD moet 18 november binnen zijn.
3. Beleidsregels Verordening Jeugdhulp
Sharon van Belzen en Samantha van Steijn lichten de beleidsregels toe.
De beleidsregels zijn het vervolg op de verordening jeugdhulp 2025. In de beleidsregels is de verordening en de jurisprudentie nader uitgewerkt. Ook is het kernteam geraadpleegd.
Belangrijkste aanpassingen:
- De identificatieplicht is verduidelijkt.
- De kwaliteitseisen van de medewerkers van het kernteam zijn nader uitgewerkt. Bekeken wordt welke medewerker het best past als begeleider bij de problematiek.
- Toegevoegd welke personen bevoegd zijn om de aanvraag te ondertekenen.
- Verduidelijking gebruikelijke/bovengebruikelijke hulp. De mensen van het kernteam doen daar onderzoek naar. Evt. kan er medisch advies over in worden gewonnen bij Argonaut.
- Toegelicht welke hulp het kernteam aan jeugdigen en ouders kan bieden. Per onderzoek wordt gekeken of het kernteam de hulp zelf kan bieden of dat er specialistische hulp moet worden ingezet.
- De individuele voorzieningen ambulante opvoedondersteuning, begeleiding en dagbesteding zijn toegelicht met een productomschrijving van het Servicebureau Jeugdhulp. Dagbesteding of groepsbegeleiding gaan voor op individuele begeleiding, zodat het kind ook van anderen kan leren. Per kind kijkt het kernteam en een gedragswetenschapper wat het beste zal werken voor het kind. Mocht individuele begeleiding na verloop van tijd toch beter zijn, dan kan daarnaar overgegaan worden.
- De voorziening vervoer is nader uitgewerkt. Het belang van ‘zelfvervoer’ wordt benadrukt. Streven naar een warme overdracht. Met de ouders wordt gekeken naar hoe en of dit mogelijk is.
Pgb-tarief niet professionele hulp
- Nu: 2x per jaar een aanpassing. Dit is veel werk.
- Nieuw: 1x per jaar (per 1 januari). De ontvanger ontvangt het eerste half jaar meer geld dan voorheen, omdat al rekening is gehouden met de indexering in juli.
- Minder uitvoeringslasten, meer duidelijkheid voor de inwoners.
Tijdelijk afwijking verordening
- De jaarlijkse vaststelling wijkt tijdelijk af van verordening
- Vooruitlopend op technische wijziging (2026)
- Collegebesluit borgt overgangsperiode
Het gaat om ca. 10 mensen, maar het gaat om een groot budget omdat het om kinderen gaat met een grote zorgvraag.
De beleidsregels gaan in als ze vastgesteld zijn door het college. De verwachting is dat dat vóór 1 januari 2026 gebeurt. In 2026 worden ook de effecten gemonitord.
De ASD vraagt hoe de gemeente hierover gaat communiceren.
Antwoord: de mensen met een Pgb met niet professionele ondersteuning zijn inmiddels al geïnformeerd, schriftelijk en persoonlijk.
Voor een volgende vergadering zal iemand van het kernteam uitgenodigd worden om de praktijk toe te lichten.
4. Voortgangsrapportage POK
In 2023 zijn door de gemeenteraad negen POK maatregelen vastgesteld. Pijnacker-Nootdorp krijgt hiervoor circa € 200.000 per jaar. Omdat de transitie niet in 2027 klaar is, wordt er later gekeken naar de financiering voor na 2027.
POK-maatregelen:
- Werkbudget t.b.v. het verbeteren van de digitale dienstverlening:
Wordt nu breder getrokken naar dienstverlening in het algemeen. Start in 1e kwartaal 2026. De gemeente gaat werken met het systeem IPA. Er wordt nu ook gewerkt aan een visie op de digitale dienstverlening. De ASD wordt graag op de hoogte gehouden van beide processen.
2. Ondersteuning voor (her)intreders op de arbeidsmarkt: er verandert veel voor deze mensen. De gemeente bood ondersteuning aan m.b.v. vrijwilligers van Humanitas, maar is daar eind 2024 mee gestopt, omdat er erg weinig behoefte aan was. Humanitas biedt nu zelf de hulp aan voor mensen die dit willen. Deze maatregel is afgerond.
3. Ombudsfunctie. De gemeente is aangesloten bij de Nationale Ombudsman. De Sociaal Raadslieden vormen a.h.w. de eerste lijn. De pilot is in maart 2025 gestart i.s.m. ISR Delft.
4. Training conflicthantering/toepassen mediationvaardigheden voor medewerkers van de gemeente.
5. Doorontwikkeling wijkgericht werken. Dit is belangrijk en dit wordt volgend jaar verder uitgewerkt.
6. Project cijfers op wijkniveau.
7. Toegankelijker maken van informatie en en verbeteren dienstverlening voor laaggeletterden en inwoners met een beperking. Alle domeinen moeten naar buiten communiceren op B1 niveau, zodat iedereen het kan begrijpen. Er wordt onderzoek gedaan naar laaggeletterdheid in de gemeente.
8. Maatwerkprofessionals: drie medewerkers van het kernteam zijn aangewezen als maatwerkfunctionaris voor multiproblematiek.
9. Uitvoering evaluatie pilot complexe problematiek. Niet de hoogste prioriteit en deze maatregel gaat niet uitgevoerd worden.
Huidige stand van zaken:
Bereikt na 2 jaar dat:
- De voorbereidingen voor alle maatregelen gestart zijn en het startmoment voor alle maatregelen is bepaald à gefaseerd i.v.m. druk op uitvoering
- Uitvoering maatregel ‘ondersteunen van (her)intreders op de arbeidsmarkt’ is gestopt.
- De uitvoering van de volgende maatregelen loopt voortvarend:
- Pilot sociaal raadslieden
- Training conflicthantering team participatie
- Toegankelijker maken informatie en verbeteren dienstverlening voor laaggeletterden/inwoners met een beperking brieven naar B1-niveau + Maatwerktraject St. Lezen & Schrijven
- Werven maatwerkfunctionaris en aansluiten bij PMM Sinds 2024 actief.
- De uitvoering van de maatregel ‘evaluatieve pilot complexe problematiek’ heeft geen prioriteit
POK ontwikkelingen:
Landelijk:
- 2 evaluaties geweest, 3e komt in 2026.
- Tot op heden onduidelijk of het Rijk financiering na 2027 doorzet
Lokaal:
- Voor het einde van 2025 gaat een monitoringsrapportage naar de gemeenteraad. De ASD ontvangt deze ook ter informatie
5. Voortgang pilot Sociaal Raadslieden
Sociaal raadslieden zijn onafhankelijke sociaal juridische adviseurs die adviseren, informatie en hulp bieden op breed sociaaljuridisch terrein zoals sociale zekerheid, huurrecht, vreemdelingenrecht, consumentenrecht etc.
Voorbeelden van hulp
- Toeslagen/uitkeringen die verlaagd of gestopt worden of er moet een bedrag terugbetaald worden
- Aanvragen die worden afgewezen (bijv. bijzondere bijstand)
- Problemen met de verhuurder (bijv. onderhoud huis)
- Vragen over verblijfsvergunning of problemen met de IND
- Aanslagen van de Belastingdienst
De pilot is in maart 2025 gestart voor 1 jaar. Het eerste half jaar kwam de dienstverlening vanuit Delft (samenwerking met Instituut Sociaal Raadslieden Delft). Nu is een verkenning gaande voor spreekuur in Pijnacker. Dit gaat waarschijnlijk dit jaar nog plaatsvinden en wordt een plek bij de gemeente.
Eerste cijfers:
In het eerste kwartaal in totaal 53 zaken, waarbij mensen meerdere zaken kunnen hebben. Inmiddels opgelopen naar 89 zaken. De meeste vragen worden binnen 1-4 weken afgerond. Meestal worden mensen doorverwezen door maatschappelijke organisatie of gemeente.
- Meeste vragen over wonen en huisvesting & personen en familierecht
- Contacten zijn met name telefonisch, maar ook face-to-face in Delft
Eerste indruk van de samenwerking met ISR:
- ISR fungeert als doorverwijspunt/vraagbaak bij (complexe) casuïstiek die qua juridische kennis verder rijkt dan basiskennis over wet- & regelgeving à versterking & ontlasting maatschappelijk veld en gemeente
- Inwoners krijgen sneller duidelijkheid over hun rechten en plichten
- Integraal werken wordt versterkt: wordt met brede blik naar inwoner gekeken
- Verwachting: problematiek escaleert minder snel
Er komt een nieuwe campagne als er spreekuur in Pijnacker komt en er kan in de Nieuwsbrief Werk & Inkomen aandacht aan besteed worden. Ook is er op de website duidelijke informatie en een filmpje te vinden.
6. Mededelingen gemeente
- Onderhoudscontracten scootmobiels: iedereen die een scootmobiel krijgt, krijgt een bruikleenovereenkomst van de gemeente. De gemeente heeft een contract met Kersten.
- De ASD wil graag het Dashboard Werk & Inkomen Q1 en Q2 2025 ontvangen.
- Heidi zal voor de volgende vergadering alvast een voorzet geven voor 2026, vergaderdata en advieskalender.
7. Advieskalender
Geen aanvullingen.
8. Concept verslag ASD vergadering 23 september en A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Actiepunt 3, afspraak H9 directeuren: nog geen vervolg op.
Aandachtspunt scootmobiels: datum veranderen in najaar 2026
9. Evaluatie studiedag
Visie mentale gezondheid jongvolwassenen vermelden op actielijst.
10. Convenant Adviesraden inz. Regionale samenwerking
Met gemeentelijke overheden wordt afgesproken dat en hoe ASD’s betrokken worden bij de ontwikkeling van regionaal beleid en samenwerkingsvraagstukken. Daniëlle stelt een kleine tekstuele wijziging voor. Piet gaat afstemmen hoe we dit onder de aandacht moeten brengen bij het college.
11. Vacatures ASD per 1 januari 2026
- Heidi krijgt op korte termijn een voordracht van Piet voor de aanstelling van Eva als nieuw lid van de ASD. Eva stuurt haar CV naar Piet.
- De functieomschrijving voor secretaris/ondersteuner is bijna klaar. Piet en Daniëlle zullen de gesprekken voeren.
- Werven voor vervanging Hetty en Ad: hiervoor komt een stukje in de Telstar/Eendracht. Wervingscommissie: Daniël en Coby
- Hetty gaat verhuizen naar Alphen (N-B). Zij blijft tot uiterlijk februari actief in de ASD.
12. Bespreking adviezen
Advies Lokale Inclusie Agenda:
– We missen: inclusief personeelsbeleid en de indicatoren;
– De input van 30 inwoners is meegenomen, maar dit is heel selectief. Hoe bereik je de mensen die er niet waren? 30 Inwoners en onze inbreng is een smalle basis voor dit product en niet echt representatief.
– Maak in de inleiding helder waar je met je visie naartoe wilt werken. En waarom kies je nu specifiek voor toegankelijkheid?
– Hoe neem je bedrijven die niet-inclusief bezig zijn mee in je plannen?
– Door te weinig geld is de LIA weinig ambitieus. Als de gemeenteraad wil dat er meer gebeurt, moet er ook meer geld beschikbaar komen.
– Wat is de ambitie? Verwijzen naar VN-verdrag en deze koppelen aan de ambitie.
– Als de gemeente iets bedenkt, zou zij direct bij zichzelf moeten afvragen hoe dit in verhouding staat tot inclusiviteit.
– Veel aandacht voor wat er nu is, maar weinig voor wat er zou moeten zijn.
– De ASD is positief kritisch.
Beleidsregels Jeugdhulp
- Destijds heeft de ASD bij de verordening advies uitgebracht. Dit vinden we terug in de beleidsregels.
- De ASD is geïnteresseerd in het complete plaatje.
- Het is interessant om iemand van het kernteam uit te nodigen voor een ASD vergadering, zodat ze kunnen vertellen hoe zij hun expertise inzetten.
13. Uitgaande correspondentie
- Brief ASD over pre-mantelzorgwoningen: bij de besluitvormende vergadering was het een hamerstuk. Er is verder niets mee gedaan.
- Brief Huis van Rie: de inhoud is prima. Laatste check door Piet, daarna sturen we de brief naar het college.
14. Ingekomen correspondentie
Geen aanvullingen
15. Rondvraag en sluiting
Voorstel: in december afscheid nemen van Ad, Sandra (en Hetty).
Aanstaande verkiezingen: aan Piet doorgeven voor welke onderwerpen we aandacht willen vragen.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Aanwezig: Piet van Adrichem (vz), Rick Bijl, Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Daniël Reijsbergen, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Heidi Brandenburg (19.30-19.50 uur)
Gast: Lydia Rullens (20.30 – 21.20 uur)
1. Opening en vaststelling agenda
Piet heet alle aanwezigen welkom. Er volgt een voorstelronde voor en door Heidi.
2. Mededelingen gemeente
In de vergadering van 21 oktober zal Nico Brands samen met iemand van de GGZ een presentatie gegeven over de Gezondheidsmonitor 2024.
Volgend jaar januari is er veel meer duidelijk over het IZA en AZWA. Dan zal de presentatie geagendeerd worden.
De Participatiewet in Balans geeft vanaf 1 januari 2026 de mogelijkheid dat inwoners zich ook met een rijbewijs kunnen identificeren. Op 23 september heeft de Eerste Kamer over deze wetswijziging gestemd en is het definitief geworden.
Heidi vraagt of we verschillende adviezen apart willen versturen en niet meer samen willen voegen in één brief, omdat het anders lastig wordt voor de gemeenteraad als het ene onderwerp al behandeld wordt en het andere nog niet. Piet geeft aan dat het dit keer een uitzondering was, ingegeven door het feit dat het om twee korte adviezen ging. We hebben van te voren gevraagd of het akkoord was en die toestemming hebben we gekregen.
Lokale Inclusie Agenda (LIA): de behandelend ambtenaar krijgt deze week nog input van de klankbordgroep. In oktober zal het gepresenteerd worden bij de ASD en in december wordt het aan de gemeenteraad voorgelegd. Heidi vraagt of de ASD akkoord gaat met wederom een korte adviestermijn.
Eén van de voorwaarden daarvoor is, dat de ASD de stukken vóór de vergadering aangeleverd krijgt, zodat het tijdens de vergadering beoordeeld en besproken kan worden. Of het de ASD lukt om tijdig te adviseren, is mede daarvan afhankelijk.
Uitnodiging voor de officiële start van de pilot scootmobielpool op woensdag 1 oktober in Delfgauw.
3. Advieskalender
Q: datum wordt ‘nader te bepalen’;
X: wordt doorgeschoven naar volgend jaar;
Voorstel: L, M en J doorschuiven naar november.
4. Concept verslag ASD vergadering 22 juli 2025 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Aandachts – en actiepuntenlijst:
- Kan eraf. We wachten de Lokale Inclusie Agenda af die in oktober geagendeerd zal worden.
- Wordt behandeld in oktober. De Gezondheidsmonitor 2024 zal als bijlage bijgevoegd worden, zodat we tijdens de vergadering om toelichting kunnen vragen.
- We zullen Heidi vragen hoe het zit met de onderhoudscontracten van de scootmobiels en de rol van Kersten hierin.
- Het IZA en AZWA wordt in januari bij de ASD gepresenteerd.
- Kan eraf, is landelijk opgelost. Men kan zich ook met een rijbewijs identificeren.
5. Huis van Rie
Lydia Rullens, initiatiefnemer van het Huis van Rie, informeert de ASD over de werkwijze en huidige problemen van het Huis van Rie.
10 Jaar geleden is het Huis van Rie door Lydia opgestart. Doordat ze om financiële redenen (voortkomende uit de coronaperiode) niet in aanmerking kwam voor een aanbesteding als contractpartner, bieden ze op dit moment alleen dagbesteding aan mensen met een pgb. Iedereen is welkom; het is niet voor één specifieke doelgroep. Zo kunnen mensen samenzijn in een familiaire omgeving.
Het gaat om ca. 15-20 mensen beneden en 6-7 jongvolwassenen die op de bovenverdieping bezig zijn met arbeidsmatige dagbesteding. De Winkel van Rie is enige jaren geleden gesloten.
Lydia is de drijvende kracht achter het Huis van Rie. Als enig persoon is dit een kwetsbare constructie, maar het team is zelfsturend, waardoor alles gewoon doorgaat bij haar afwezigheid. Ze is al drie jaar bezig om het Huis van Rie onder te brengen bij een partner die dezelfde ideologie heeft en het concept voort wil zetten. Maar doordat de aanbesteding negatief uitviel, is het nog moeilijker geworden om zo’n partner te vinden.
Het unieke van het Huis van Rie is volgens Lydia:
- Het mandaat dat zij aan haar medewerkers geeft. Ze geeft de gasten en medewerkers veel vrijheid.
- Het sociaal ondernemerschap: 20% van haar medewerkers heeft zelf een beperking.
- De gemengde samenstelling van de bezoekers.
- Er worden veel creatieve activiteiten en uitstapjes gedaan.
Ondanks dat het er vorig jaar financieel goed uitzag, zijn er nu weer problemen omdat de gemeente begin dit jaar de huur heeft opgezegd per 1-3-2026. De mensen die bij het Huis van Rie werken, hebben nu weer geen toekomstperspectief.
Vragen en opmerkingen van de ASD:
- Hoe kan ervoor gezorgd worden dat de ideologie van het Huis van Rie voor de gebruikers niet verloren gaat? Wat is de kwalitatieve winst van het Huis van Rie en is die op een andere manier vorm te geven (bv. door/met een andere partner)?
Het Huis van Rie heeft een grote sociale bijdrage. Dit is een van de speerpunten van het Rijk (zie IZA). Hoe kan je deze beweging gebruiken om het gesprek met de gemeente aan te gaan?
- De beste begeleiders zijn vaak ervaringsdeskundigen. De mens staat voorop, ongeacht zijn/haar beperking.
- Het Huis van Rie kan aangemerkt worden als laagdrempelig steunpunt. Wat doet de gemeente hiervoor en wat zou het Huis van Rie hierin kunnen betekenen? Hoe zouden we dit ook breder neer kunnen zetten in de gemeenten om ons heen?
- Het Huis van Rie zou ook een ontmoetingspunt kunnen worden, bijvoorbeeld in samenwerking met de SWOP (soort buurthuisfunctie, in combinatie met dagbesteding). Op inhoud kijken wat er gaande is en daarop inspelen.
Nadat Lydia Rullens de vergadering heeft verlaten, praat de ASD er nog even over door. De belangrijkste vragen waar zij graag duidelijkheid over wil, zijn:
- Is de rol van de gemeente in het totale aanbod passend voor de doelgroep? Er wordt van alles aangeboden, maar wordt er aangeboden wat nodig is? Heeft de gemeente voldoende onderzocht wat de behoefte van de inwoners is en is daar voldoende en het juiste aanbod voor?
- Welke kwaliteitsmonitoring heeft de gemeente gedaan in de 10 jaar dat het Huis van Rie al actief is geweest? Doet zij een kwaliteitsmonitoring over het bestaande aanbod, of kijkt zij eerst wat de vraag van onze inwoners is en gaat ze daar naar monitoren? Wát wordt er gemeten?
- Heeft de gemeente überhaupt gekeken naar de behoeften van de inwoners of alleen maar naar het financiële plaatje?
Daarnaast zullen we benadrukken dat het beter is een vervolggesprek over de toekomst te houden, dan de huur stop te zetten. Inclusie is een belangrijk thema bij het Huis van Rie: dagbesteding èn jongvolwassenen met een beperking werk bieden (sociaal ondernemen).
6. Vacatures ASD
- Ursila Soebhan is om gezondheidsredenen per direct gestopt als lid van de ASD. Sanne Meulemans van de SWOP heeft Eva Kloet voorgedragen als mogelijke opvolgster. Ad en Coby zullen met haar het gesprek aangaan en als ze kan, mag ze 8 oktober ook aanschuiven bij de studiedag.
- Sandra maakt een functieomschrijving voor haar opvolger en stuurt deze naar Piet. Er zal een advertentie geplaatst worden in de Telstar/Eendracht.
- Vacature ASD-leden 2026:
- Per 1 januari 2026 stopt Ad en Hetty stopt uiterlijk in februari. Coby is bereid nog een nieuwe termijn van 4 jaar in te gaan.
- Coby en Daniël zullen de sollicitatiegesprekken doen voor de opvolgers van Ad en Hetty.
- Piet gaat halverwege 2026 stoppen.
7. Studiedag ASD
Ochtendprogramma: Inleiding regionale samenwerking door Harry ter Braak
Middagprogramma: Joyce de Haan vertelt over Jong Perspectief en haar kennis van de jeugd in onze gemeente.
De uitnodiging volgt nog.
We zullen aan Ursila vragen of ze aan kan schuiven bij de lunch. Dan kunnen we afscheid van haar nemen.
8. Haagse Zin
De informatie wordt ter kennisgeving aangenomen. Piet zal aan Heidi vragen of Haagsche Zin bekend is bij de gemeente.
9. Uitgaande correspondentie
Geen aanvullingen.
10. Ingekomen correspondentie
- Reactie van het college op het advies van de ASD inz. beleid pré-mantelzorgwoningen: bijzondere gang van zaken dat ter vergadering beweerd wordt dat er absoluut geen pré-mantelzorgwoning geplaatst mag worden bij een glastuinbouwwoning, en dat in de reactie van de gemeente staat dat bij bedrijfswoningen in het buitengebied wèl een pré-mantelzorgwoning kan worden gerealiseerd. Daarnaast zijn we niet overtuigd van het argument waarom plaatsing niet zou mogen (zo’n woning zou de ruimte om te ondernemen beperken). De ASD heeft een dubbel gevoel bij deze gang van zaken en stuurt een reactie naar college en gemeenteraad.
Aanvulling ingekomen post:- De uitnodiging voor de start van de pilot scootmobielpool d.d. 1-10-2025.
11. Rondvraag en sluiting
Er wordt geen gebruik gemaakt van de rondvraag.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Aanwezig: Daniëlle van der Eerden (plv vz), Rick Bijl, Ricardo Bronsgeest, Hetty Harmse, Coby de Koning, Daniël Reijsbergen, Ursila Soebhan, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Yvonne Post, Max Verdegaal (19.30-20.45 uur)
1. Opening en vaststelling agenda
Danielle heet alle aanwezigen welkom.
2. Beleidsplan schuldhulpverlening 2025-2029
Het huidige beleidsplan loopt af en is 4 jaar leidend geweest.
Wet gemeentelijke schuldhulpverlening gebaseerd op:
- Integraliteit: bij schuldenproblematiek moet je breed kijken. Er kunnen meer problemen zijn wat tot schulden heeft geleid.
- Brede toegang
- Kwaliteit + gemeente heeft een regierol. De gemeente heeft zelf schuldhulpverleners in dienst; specialistische hulp is uitbesteed.
Terugblik 2021-2025
- In het najaar van 2021 is het huidige beleidsplan vastgesteld.
- In 2023 was de eerste ‘NVVK financiële hulpverleners’ audit. Dit vindt in 2026 opnieuw plaats. De gemeente moet aan kwaliteitsstandaarden voldoen.
- Lancering website vragenovergeld.nl
- Zomer 2023: doorontwikkeling hulp aan ondernemers en zzp’ers. Ook contract afgesteld met Zuidwest en partners.
- In de zomer van 2024 was er een inwonerspeiling. Input opgehaald, gevraagd of de gemeente goed zichtbaar en laagdrempelig is. Vragenlijst uitgedeeld in de kernen en op internet gezet en in de media. Ongeveer 600 reacties gehad. De uitkomsten van de inwonerspeiling zijn betrokken bij het nieuwe beleidsplan.
Huidige werkwijze:
- Brede toegang.
- Inzichten uit de hersenwetenschap (waaruit o.a. blijkt dat mensen die schaarste ervaren in de overlevingsstand staan, waardoor bepaalde vaardigheden worden aangetast en mensen soms onverwachte sprongen maken)
- Vraaggericht werken (i.s.m. vrijwilligersorganisaties)
- Nauwe samenwerking met netwerkpartners in het netwerk Preventie, Schuldhulpverlening en Nazorg (jongerenwerk, SWOP, schuldhulpmaatjes e.d.)
Visie en uitgangspunten: zelfde als in huidige beleidsplan
- Visie op schuldhulpverlening:
Wegnemen van drempels en belemmeringen
Stress sensitief werken
Integrale blik - Uitgangspunten:
Integrale aanpak
Maatwerk
Mentale draagkracht - Aandacht voor specifieke doelgroepen: ondernemers, laaggeletterden, licht verstandelijk beperkten en jongeren.
- Samenvattend: huidige beleidslijn zetten we de komende 4 jaar voort.
Actualisatie beleidsplan
- KPI’s (Kritieke Prestatie Indicator)/meetindicatoren opgenomen, om te meten hoe we het doen op het gebied van schuldhulpverlening. Gekoppeld aan drie doelstellingen:
- De gemeente wil inwoners met schulden duurzaam helpen (18 maanden) om ervoor te zorgen dat iedereen op termijn weer kan meedoen aan de samenleving. Er is ook nazorg voor de mensen na die 18 maanden, zodat de kans op terugval zo klein mogelijk wordt.
- De gemeente wil de drempel om hulp te vragen verlagen en zorgen dat inwoners op tijd aan de bel trekken voor hulp.
- De gemeente zet in op het versterken van de financiële zelfredzaamheid van de inwoner.
- In 2026 komt een nulmeting over 2025 en zijn de KPI’s ingevuld, rekening houdend met beschikbare capaciteit en middelen.
Aanvulling ambities: gezondheid. Een betere gezondheid leidt o.a. tot grotere stressbestendigheid.
Vroegsignalering
- Sinds 2020 heeft de gemeente een team voor het vroegsignaleren van schulden, sinds 2021 is dit een wettelijke taak.
- Werkwijze team vroegsignalering (zij krijgen een signaal van de wooncorporatie of (zorg)verzekering, waarna contact wordt opgenomen met de personen die achterblijft in betalen. Schuldhulpverleners of sociaal raadslieden proberen deze mensen te helpen).
- Wat het oplevert:
- Snelle hulp
- Inwoners die zelf in actie komen
- Hulp van de gemeente wordt bekender
- Nieuw
- De gemeente onderzoekt of zij in meerdere talen kan communiceren (niet alleen schriftelijk, maar bv ook met behulp van filmpje/voorlezen etc.)
- KPI’s (bv. aantal doorverwijzingen door team vroegsignalering, aantal contactpogingen e.d.)
Samenvattend:
- De komende 4 jaar zet de gemeente de huidige beleidslijn voort:
- De visie en uitgangspunten zijn nog steeds actueel
- Focus op een aantal doelgroepen
- Er is een verdiepingsslag gemaakt: doelstellingen met KPI’s/indicatoren
- Aandacht voor beschikbare capaciteit en middelen
3. Mededelingen gemeente
Heidi Brandenburg is de vervanger van Wijnand Kort. Zij komt in september naar de ASD vergadering.
4. Advieskalender
Geen wijzigingen of aanvullingen.
5. Concept verslag ASD vergadering 24 juni 2025 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Actielijst
1. Daniëlle zoekt op wanneer de bestuurlijke vaststelling van de visie op het sociaal domein heeft plaatsgevonden
2. De gezondheidsmonitor is er al volgens Daniëlle. We zullen dit navragen aan Heidi Brandenburg en haar vragen of deze opgenomen kan worden op de Advieskalender (informerend).
3. Communicatieplan Sociaal Raadslieden P-N: Yvonne komt er rond oktober op terug als de pilot een half jaar loopt en de eerste evaluatie heeft plaatsgevonden.
4. De vraag over de contracten van de scootmobiels gaan we voorleggen aan Kirsten of Alexander.
5. Dit gaan we proberen te agenderen in november. We zullen Heidi vragen of ze dit als informerend op kan nemen in de Advieskalender.
6. Reactie op het gezamenlijk advies over de Regiovisie Jeugdhulp Haaglanden en de Hervormingsagenda Jeugd voor de H9 regio: vragen aan Piet of hij een reactie van Brenda heeft ontvangen. Zo niet, aan Heidi vragen of zij het uit kan zoeken.
7. Haagsche Zin komt misschien naar de studiedag.
8. Vergoeding voor ID-bewijs: zullen we navragen aan Heidi.
6. Bespreken advies beleidsplan schuldhulpverlening
- Het is beter om vooraf het stuk te ontvangen, zodat we ons voor kunnen bereiden en vragen kunnen stellen aan de persoon die de presentatie geeft.
- Inzet op gezondheidspreventie. Schulden en gezondheid gaan hand in hand. Als je met schuldhulpverlening preventief werkt t.a.v. gezondheid, dan zou dit een win-win situatie zijn.
- Doelgroep uitbreiden met mensen met niet aangeboren hersenletsel en mensen met een visuele beperking.
- Maatzorg op maat (nazorg na 18 maanden).
- Positief dat ze na 2025 in beeld krijgen om hoeveel mensen het gaat.
- Bij communicatie over vroegsignalering zoeken naar een alternatief voor geschreven informatie (bv. filmpjes, gesproken tekst, o.i.d.).
- Aandacht voor schuldpreventie.
- Aandacht vragen voor de volgende situatie: waar ga je naar toe als je op het randje zit van schulden door laag inkomen. Je hebt geen schulden, maar hebt eigenlijk geen geld om fatsoenlijk te eten en te leven.
- Jongeren bereiken op middelbare scholen kan goed tijdens de mentorles.
Tijdpad: uiterlijk maandag 28 juli de reacties alleen naar Daniëlle. Daarna reageren op haar concept advies.
7. Veilig Thuis
- De bestuursrapportage is een taai stuk om te lezen.
- Men doet eerst een triage (waar je al op moet wachten) en dan gaat de wachttijd van 10 weken pas in. Vreemde gang van zaken.
- Pag. 18: vreemd dat, als je het uitsplitst naar gemeenten, het meer wordt dan 100%.
- Kindermishandeling is relatief hoog onze gemeente. Wanneer wordt het gemeld en waarom is het zo hoog?
De rapportage is nu ter informatie. Bij een volgende bestuursrapportage kunnen we vragen of Yvonne tekst en uitleg komt geven. Opnemen in de actiepuntenlijst.
8. Uitgaande correspondentie
Geen aanvullingen.
9. Ingekomen correspondentie
- Ursila heeft bericht ontvangen van de werkgroep Aanpak Huiselijk Geweld Haaglanden.
- Uit de voorraadagendapunten uit het verslag van de H9 bijeenkomst op 19 juni 2025: we gaan aan Piet vragen of de afspraak met de H9 directeuren over diverse onderwerpen sociaal domein doorgaat of niet.
10. Rondvraag en sluiting
Er wordt geen gebruik gemaakt van de rondvraag.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Verslag vergadering Adviesraad Sociaal Domein
24 juni 2025
Aanwezig: Piet van Adrichem (vz), Rick Bijl, Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Daniël Reijsbergen, Ursila Soebhan, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Miryam Kaaboun (19.30-20.10 uur), Jurgen Woudwijk (19.30-20.25 uur), Bianca Woutersen en Annemarieke Wamsteeker (20.30-21.15 uur)
1. Opening en vaststelling agenda
Piet heet alle aanwezigen welkom.
2. Voortgang pilot Welzijnsondersteuner Ouderen (WOO)
Miryam Kaaboun informeert de ASD over de voortgang van de pilot WOO. De aanleiding voor deze pilot is de vergrijzing die veel druk geeft op de ouderen- en huisartsenzorg. Veel ouderen zoeken voor niet-medische vragen hulp bij de huisarts.
Wat doet de WOO?
- Hij/zij is de schakel tussen huisarts, sociaal domein en ouderen;
- De WOO signaleert, ondersteunt en verwijst door.
Werkwijze: aanmelding – vraagverheldering – overdracht – terugkoppeling.
In elke kern van onze gemeente is minimaal één welzijnsondersteuner ouderen. In totaal zijn er nu vijf.
Resultaten tot nu toe:
- Aantallen: totaal afgeronde casussen tot september 2024: 60. Gemiddeld 9 uur per casus.
- Vaak voorkomende hulpvragen zijn: eenzaamheid, rouw, mantelzorgoverbelasting, verminderde mobiliteit.
- Mensen worden doorverwezen naar o.a. SWOP, Zonnebloem of het kernteam.
Warme overdracht en terugkoppeling naar de huisarts zijn een essentieel onderdeel.
Behaalde doestellingen tussentijdse evaluatie
- Verminderen belasting huisartsenpraktijken (nog niet in cijfers aan te tonen)
- Verbinding met voorliggende voorzieningen
- Vroegsignalering van complexe situaties
- Potentiële reductie van zware zorg en Wmo-kosten (ook lastig aan te tonen in cijfers, maar theoretisch zou het logisch zijn)
Aandachtspunten voor het vervolg:
- Er is behoefte aan een uniforme werkwijze voor de WOO’s, ook al zijn er verschillen in werkwijze tussen de huisartsenpraktijken.
- Monitoring van de impact (waaronder de huisartsenbelasting en het aantal Wmo-aanvragen). Dit is cruciaal voor de besluitvorming in 2026. Het is belangrijk om te weten wat de effecten zijn. De impact moet nog gemeten worden, maar dat is lastig en het heeft tijd nodig voordat je effecten merkt.
In 2026 wordt besloten hoe verder. Wordt het aan de kadernota toegevoegd? Hoe gaat het gefinancierd worden? Miryam proeft bij de wethouder en bij DSW een positieve instelling om met elkaar door te gaan, omdat het een meerwaarde geeft, zowel voor de huisartsen als voor de mensen die geholpen worden.
Na de zomer wordt gestart met de eindevaluatie van de pilot. De gemeente hoopt deze aan het eind van het jaar rond te hebben en daarna met DSW in gesprek te gaan.
Suggestie vanuit de ASD: breng deze pilot ook onder de aandacht van de ouderenorganisaties. Zij kunnen ervaringen ophalen vanuit hun achterban die gebruikt kunnen worden bij de impactmeting.
3. Beleidsregels alleenverdienersproblematiek
Jurgen Woudwijk licht de beleidsregels toe. Deze zijn bedoeld voor huishoudens waarvan het inkomen lager is dan het wettelijk minimum (= onder de bijstandsnorm).
Vanaf 1 januari 2025 is een wettelijke regeling in werking getreden voor de komende 3 jaar. Op basis van deze tijdelijke wet zijn de beleidsregels van onze gemeente opgesteld. Vanaf 2028 moet dit structureel opgelost worden via de inkomstenbelasting. Het gaat in Nederland om circa 60.000 huishoudens. De gemeente krijgt lijsten van de Belastingdienst met de benodigde informatie, maar mensen kunnen zich ook zelf aanmelden als ze denken dat ze onder de doelgroep vallen. Mensen die bekend zijn bij de gemeente, zijn inmiddels aangeschreven (dit gaat om 13 gezinnen waarvan er tot nu toe 4 hebben gereageerd).
N.a.v. de tijdelijke wet moet de gemeente beleidsregels opstellen. Deze zullen vertaald worden in werkinstructies voor de klantmanagers.
4. Ontwerpbeleid pre-mantelzorgwoningen
In mei zijn de beleidsregels aan de gemeenteraad voorgelegd en vanaf 12 juni zijn de beleidsregels ter inzage gelegd. Bianca Woutersen en Annemarieke Wamsteeker hebben in de ASD vergadering van 18 februari al een uitgebreide toelichting gegeven op de beleidsregels en herhalen deze nu kort. Omdat de beleidsregels ter inzage zijn gelegd, is de ASD om advies gevraagd.
Waarom beleidsregels:
- In lijn met doelstellingen in het fysiek en sociaal domein.
- Uitvoering van actie in de Woonzorgvisie.
- Mensen worden steeds ouder.
- De druk op de professioneel zorg en de mantelzorger wordt steeds hoger.
- Draagt bij aan langer zelfstandig thuiswonen.
- Faciliteert inwoners die voor elkaar willen zorgen
Wat is pré-mantelzorg?
- Zorgen voor elkaar voordat de mantelzorg zich voordoet
- Anticiperen op verwachtte zorgvraag
- Uit indicatie moet blijken dat de zorgvraag zich binnen 10 jaar voordoet
Hoe lang mag pré-mantelzorg?
- De pré-mantelzorgwoning krijgt een tijdelijke omgevingsvergunning
- Eerste instantie voor 10 jaar
- Verlenging tot 15 jaar mogelijk
- Wettelijke termijn tijdelijk bouwwerk is 15 jaar.
De termijn van 15 jaar kan wettelijk niet overschreden worden. Daar is een hardheidsclausule voor opgenomen. Doet de situatie zich voor, dan zal er gezocht worden naar een maatwerkoplossing.
De woning mag niet bij een bedrijfswoning geplaatst worden. Dit is een bewuste keuze van onze gemeente. Ook de Raad van State heeft strenge regels opgesteld voor bouwen op terreinen met een bedrijfsbestemming.
Wat is post-mantelzorg?
Wanneer de bewoner met recht op (pré)-mantelzorg overlijdt, dan vervalt het recht op een (pré-)mantelzorg woning. Dit betekent dat de overgebleven partner zou moeten verhuizen. Daar is het volgende voor opgenomen:
- Een partner ouder dan 75 jaar heeft zelf recht op een pré-mantelzorgwoning.
- Een partner die zelf mantelzorgbehoevend is, kan vergunningsvrij blijven wonen.
- Een partner jonger dan 75 jaar zonder indicatie dat er binnen 10 jaar mantelzorg wordt verwacht, is maatwerk. Daar gaat de gemeente over in overleg.
5. Mededelingen gemeente
Het is nog niet bekend wie de opvolger van Wijnand is.
6. Advieskalender
Q. Sandra zal de vraag over de contracten voor scootmobielen, die ze naar Jeroen gestuurd heeft, ook sturen naar Alexander Mullenders.
7. Concept verslag ASD vergadering 27 mei 2025 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld en op de actie- & aandachtspuntenlijst kan punt 1 eraf.
8. Bespreken advies beleidsregels alleenverdienersproblematiek
- Nu is de gemeente zelf aan zet, dus benut dit. Niet alleen een bedrag aanbieden, maar ook kijken op welke manier de gemeente deze mensen nog meer kan ondersteunen. Wat speelt er bij deze mensen en wat is hun toekomstperspectief? En kan je daar als gemeente iets in betekenen?
- Het stuk is juridisch in orde. Maar benut nu de kans om bij de uitvoering in gesprek te gaan met deze mensen.
- De regeling is één van de middelen om te gebruiken bij deze groep. Als je deze regeling nodig hebt om deze mensen te vinden, dan is dat vreemd. Eigenlijk zou de gemeente deze groep al in beeld moeten hebben. Maar in het geval dit niet zo is, dan is dit één van de middelen om ze te vinden en ze verder te helpen.
- De gemeente moet vroegtijdig inzetten om deze mensen te vinden. Niet pas nu deze regeling van kracht wordt.
- Meer bekendheid in Nieuwsbrief W&I, Telstar/Eendracht, etc.
9. Bespreken advies pre-mantelzorgwoningen
- Positieve houding van de gemeente dat er meer mogelijk is dan nu kan.
- We verwachten van de gemeente een actievere inzet voor het tóch mogen plaatsen van een pre-mantelzorgwoning bij een bedrijfspand. Pijnacker is een agrarische gemeente, dus er zijn veel bedrijfswoningen waarbij plaats is voor een pre-mantelzorgwoning. Er zijn veel problemen met bedrijfswoningen die niet meer in gebruik zijn als bedrijfswoning, maar nu ‘gewoon’ bewoond worden.
Hoe willen we omgaan met wonen in glastuinbouwgebied? De gemeente is nu een visie aan het ontwikkelen over de bewoning van dit gebied. De ASD is benieuwd hoe het beleid t.a.v. pre-mantelzorgwoningen past in deze visie. - Het gaat ook bij deze beleidsregels erg om de regeltjes, maar eigenlijk moet je kijken naar wat er nodig is en wat er kan. Mantelzorg is juist belangrijk voor mensen in een bepaalde levensfase, dus we verwachten van de gemeente een positieve grondhouding en niet teveel beperkende regels.
- Niet de menselijke maat vergeten.
10. Aflopen zittingstermijn voorzitter en leden ASD
Het blijkt dat ASD leden die 1-1-2018 begonnen zijn, hun zittingstermijn nog met één termijn mogen verlengen. Het gaat hierbij om drie leden. Piet stelt voor om in het najaar twee nieuwe leden te werven voor 1-1-2026 èn een nieuwe secretarieel ondersteuner (extern persoon). Piet blijft nog een half jaar voorzitter. In die tijd kan een nieuwe voorzitter gezocht worden, waarna aan het eind van 2026 nog 1-2 nieuwe leden geworven kunnen worden.
11. Studiedag ASD
De studiedag zal plaatsvinden op woensdag 8 oktober. Ad regelt het bij de Smulhoeve.
Ochtenddeel: Harry ter Braak uitnodigen om in te zoomen op het belang van de regionale samenwerking in het sociaal domein, over welke aandachtsgebieden het daarbij gaat en hoe we daar als adviesraad adequaat op in kunnen haken.
Voorstel middagdeel: iemand van de SWOP uitnodigen of aandacht besteden aan de ontwikkelingen bij Zorgverzekeraars Nederland. Over dit laatste zal Piet afstemmen met Daniëlle.
12. Uitgaande correspondentie
Geen.
13. Ingekomen correspondentie
Geen aanvullingen.
14. Rondvraag en sluiting
- De regionale ASD’s willen een werkgroep huiselijk geweld instellen die o.a. gaat nadenken over een gezamenlijk regionaal advies met lokale aspecten. Ursila zal namens onze ASD daarbij aansluiten.
- Iedereen moet zich kunnen identificeren, maar vervanging van een ID-kaart of paspoort is duur voor mensen met een bijstandsuitkering. De ASD gaat navragen of een tegemoetkoming mogelijk/terecht is voor mensen onder een bepaalde inkomensgrens.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Verslag vergadering Adviesraad Sociaal Domein
27 mei 2025
Aanwezig: Piet van Adrichem (vz), Rick Bijl, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Daniël Reijsbergen, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Afwezig: Ricardo Bronsgeest en Ursila Soebhan
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Yvonne Post en Nadia Eijken (19.30-20.45 uur)
1. Opening en vaststelling agenda
Piet heet alle aanwezigen welkom.
2. Eindevaluatie actieplan bestaanszekerheid
De aanleiding voor het opstellen van het actieplan was de explosieve stijging van de energieprijzen en de toename van de inflatie vanaf 2020. Het doel van het actieplan was tweeledig: inzicht krijgen in de signalen en behoeften vanuit de samenleving en het uitwerken van concrete maatregelen die kunnen bijdragen aan de bestaanszekerheid van inwoners en het versterken van ketenpartners.
Het actieplan bestaat uit 20 maatregelen, verdeeld in concrete en beleidsmaatregelen. De concrete maatregelen bestonden uit:
- Uitbreiden doelgroep energietoeslag
- Versterken inzet vroegsignalering in 2023 en 2024
- Versterken inzet schuldhulpverlening in 2023 en 2024. De extra inzet blijft, omdat er nog steeds veel vraag naar hulp is.
- Versterken inzet dienstverlening aan ondernemers en zzp’ers. Er is nu een duidelijk taakverdeling binnen het team van hulpverleners. Er wordt onderscheid gemaakt tussen particulieren en ondernemers/zzp’ers.
- Onderzoek naar toekomstige uitvoering dienstverlening aan ondernemers en zzp’ers met financiële problemen.
- Instellen van een informatiepunt in 2023. Het informatiepunt is gestopt, omdat er weinig behoefte aan was. De website bestaat nog wel.
- Verhogen maatwerkbudget in 2023 en 2024. Het maatwerkbudget gaat nog verder geanalyseerd worden, zodat het nog beter ingezet kan worden.
- Uitbreiden doelgroep Rotterdampas. Tot 130% gratis, van 130-150% voor een kleine vergoeding. Er gaat gekeken worden hoe de Rotterdampas nóg efficiënter ingezet kan worden. De ASD merkt op dat de reiskosten naar Rotterdam best hoog zijn. Yvonne zal dit meenemen in de gesprekken hierover.
- Verhogen maximumbedrag Kindpas Stichting Leergeld. Het huidige bedrag is nu nog hoog genoeg.
- Verhogen budget bijzondere bijstand. De verhoging is nu nog hoog genoeg.
- Versterken netwerk preventie en schulden in 2023 en 2024. Met als doel de financiële zelfredzaamheid van inwoners te verbeteren. Mensen kunnen workshops volgen. Dit jaar wordt het gefinancierd vanuit de brede SPUK.
- Communicatieoffensief. Er is een communicatiecampagne gestart voor meer bekendheid. Steeds meer ondernemers weten de gemeente te vinden voor hulp.
De beleidsmaatregelen bestonden uit:
- Energietoeslag 2023. Deze bestaat nu niet meer.
- Motie schoolontbijt/-lunch. Dit speelt niet op onze scholen. Eén school wil aansluiten bij het Jeugdeducatiefonds en de gemeente is hierover in gesprek met het fonds.
- Verbreden Jeugdfonds Sport & Cultuur. Volwassenen kunnen nu ook via een intermediair (SWOP) aangemeld worden voor het volwassenfonds.
- Jongeren Perspectief Fonds (JPF). Voor jongeren met schulden die gaan werken aan hun toekomstperspectief. Zij moeten daar wel een maatschappelijke tegenprestatie voor leveren. Hier gaat onze gemeente binnenkort mee starten; er is ook een jongerencoach bij betrokken. Als de tegenprestatie niet geleverd wordt, wordt de jongere uit het traject gezet, het is niet vrijblijvend. In Den Haag loopt het al en werkt het goed.
- Herzien gemeentepolis. Het bereik groeit ieder jaar. De ASD vraagt of er veel gebruik gemaakt wordt van de aanvullende zorgverzekering. Mensen hebben dit niet altijd nodig en het kan de gemeente onnodig veel geld kosten. Yvonne zal navragen hoe het precies zit met de aanvullende verzekering. Wordt er veel gebruik van gemaakt, moet de cliënt dit zelf betalen of betaalt de gemeente ook mee, hoe uitgebreid is de verzekering van DSW?
- Nazorg bij werkaanvaarding. Deze maatregel is afgerond, omdat er niet veel gebruik van werd gemaakt. Voor ondersteuning kunnen mensen bij Humanitas of bij de Sociaal Raadslieden terecht.
- Actualiseren beleid terugvordering, invordering en verhaal. Daar wordt waarschijnlijk eind dit jaar of begin volgend jaar mee begonnen. Eerst moet het proces van terugvordering afgerond worden.
- Actualiseren beleidsregels bijzondere bijstand. Is vorig jaar afgerond.
Waar staat de gemeente nu?
- De energieprijzen zijn gedaald, maar de inflatie blijft een grote uitdaging. Veel mensen ervaren nog steeds financiële druk door stijgende vaste lasten.
- Bestaanszekerheid is niet verbeterd, maar op z’n best gelijk gebleven.
- Mensen zijn nog steeds bewust bezig met hun uitgaven en denken er goed over na.
- Er is een sterke daling te zien in het aantal klanten van de Voedselbank. Dit sluit aan bij het landelijke beeld dat de groep allerarmste inwoners kleiner wordt.
Conclusie:
Bestaanszekerheid moet op de (politieke) agenda blijven, met specifieke aandacht voor ondernemers en zzp’ers, mensen in de bijstand, alleenstaande ouders/eenverdieners, mensen met psychische problemen (ggz), ‘werkende armen’ met inkomens net boven de bijstandsnorm, jongeren en migranten/asielzoekers/statushouders. Bestaanszekerheid is belangrijk voor een sterke sociale basis. Een groot deel van onze inwoners heeft een zeker bestaan, is zelfredzaam en beschikt over een vangnet. Voor de (potentieel) kwetsbare inwoners is een professioneel en informeel vangnet beschikbaar.
Het Actieplan is afgerond. De gemeente blijft het gebruik van voorzieningen op het gebied van werk, inkomen en schulden monitoren. Een aantal maatregelen wordt vervolgd:
- Jongeren Perspectief Fonds – gaat starten
- Optimaliseren armoedebeleid – start waarschijnlijk in 2026
Veilig Thuis
Veilig Thuis is onderdeel van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) GGD en Veilig Thuis Haaglanden. Via bestuursrapportages worden gemeente(raden) geïnformeerd over de laatste stand van zaken m.b.t. afgesproken ambities en financiële ontwikkelingen. Te vinden via: https://www.ggdhaaglanden.nl/over-ggd-haaglanden/bestuur/bestuursrapportages/
Dit punt wordt geagendeerd voor de volgende vergadering. De eerste rapportage van 2025 wordt binnenkort verwacht en is te vinden via de link.
3. Voortgang opstellen lokale inclusieagenda
De gemeente is bij het opstellen van nieuw beleid verplicht rekening te houden met mensen met een beperking. Nadia Eijken is binnen de gemeente het enige aanspreekpunt voor inclusie en discriminatie.
Er is nu als eerste aandacht voor de toegankelijkheid voor mensen met een beperking. De wens is om dit de komende jaren steeds verder uit te breiden met andere doelgroepen. De gemeente wil in 2050 een inclusieve gemeente zijn.
Er is gepraat met alle maatschappelijke organisaties waar de gemeente een subsidierelatie mee heeft, maar ook bijvoorbeeld met de Zonnebloem. Allemaal gaven ze aan dat aan bewustwording hoge prioriteit moet worden gegeven.
Op 20 mei is bij de gemeente een bijeenkomst over inclusie geweest waar Rick namens de ASD bij aanwezig was. Er waren 29 deelnemers, een heel divers gezelschap. De bijeenkomst was om ervaringen van bewoners op te halen en die mee te nemen in de gesprekken over de lokale inclusieagenda. Er zijn veel ervaringen gedeeld in de discussiegroepjes.
Aandachtspunten waren o.a.:
- de toegankelijkheid van de balie van het gemeentekantoor,;
- tuingroen snoeien voor verbetering van de toegankelijkheid van de stoepen;
- ervaringsdeskundigen mee laten kijken bij nieuwbouwprojecten;
- inclusieve speeltuinen.
In juni gaat Nadia alle input van de deelnemers intern delen met haar collega’s van Ontwikkeling en van Beleid en zal gekeken worden wat mogelijk is binnen het budget wat hier voor beschikbaar is. Daarnaast zijn er 10 aanmeldingen binnengekomen voor de klankbordgroep toegankelijkheid, waarin Nadia de vorderingen binnen de inclusieagenda gaat delen. Geïnteresseerden kunnen zich nog bij haar melden.
Opmerkingen vanuit de ASD:
- In de raadsvoorstellen zou ‘inclusie’ en/of ‘toegankelijkheid’ ook als kopje toegevoegd moeten worden.
- Een kapotte tegel is iets anders dan een scheve tegel. Van het eerste maak je melding bij het meldpunt leefomgeving, het tweede zou ook apart gemeld moeten kunnen worden. Nadia neemt dit aandachtspunt mee.
- Nadia heeft over inclusie contact met andere gemeenten, maar nog niet met Zoetermeer. De ASD denkt dat zij goed zou kunnen sparren met die collega en haar zou kunnen vragen naar de Toegankelijkheidsraad die actief is in Zoetermeer.
De ASD vindt de ontwikkelingen erg belangrijk en blijft het graag volgen.
4. Mededelingen gemeente
- In de regio zijn de gemeenten bezig met de Regiovisie Huiselijk geweld. Yvonne gaat op 18 juni de voorzitters adviesraad sociaal domein H9 vragen om hierover een gezamenlijk advies uit te brengen.
5. Advieskalender
Geen aanvullingen.
6. Kennismaking Stichting iDb
Kayla Pandt informeert de ASD over de Stichting voor inclusie en discriminatiebestrijding (iDb). Stichting iDb verzorgt het meldpunt discriminatie voor regio Haaglanden en Hollands Midden, waaronder gemeente Pijnacker-Nootdorp. Zij streven naar een samenleving zonder uitsluiting die iedereen gelijke kansen biedt, ongeacht geslacht, afkomst, levensbeschouwing en geloof, seksuele gerichtheid, politieke overtuiging en alles wat een mens uniek en onderscheidend maakt. Daarvoor werken zij samen met burgers, groepen van burgers, maatschappelijke organisaties, bedrijven en gemeenten.
Stichting IdB is de antidiscriminatievoorziening voor onze gemeente. Iedere gemeente is wettelijk verplicht om een laagdrempelige, onafhankelijke voorziening in te stellen, waar burgers terecht kunnen met klachten over discriminatie. Stichting IdB heeft tot taak om personen die een klacht hebben over discriminatie onafhankelijk advies en ondersteuning te verlenen bij de afwikkeling van die klacht. Ook registreren de antidiscriminatiebureaus klachten en rapporteren daarover, zodat de overheid weet wat er lokaal speelt op het gebied van discriminatie. Ook verzorgen zij voorlichtingsactiviteiten en workshops.
Het afgelopen jaar is het aantal meldingen sterk gestegen. Dit komt mede doordat mensen nu melding kunnen maken via discriminatie.nl (landelijk meldpunt discriminatie) dat gelinkt is aan Stichting iDb. Hier is veel aandacht voor geweest waardoor mensen zich er meer bewust van zijn geworden.
7. Concept verslag ASD vergadering 22 april 2025 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
A&A-lijst:
- 4 en 7 – Piet gaat Yvonne de vragen voorleggen over de Sociaal Raadslieden.
- 8 – Haagsche Zin/geestelijke zorg voor mensen van 50+: Piet heeft telefonisch contact met hen gehad. Zij willen graag via een Zoom-verbinding iets vertellen over hun werk. Dit zullen we agenderen voor 24 juni.
- 9 – Op 15 mei hebben we Jeroen gevraagd hoe het zit met de onderhoudscontracten voor scootmobielen. We hebben nog geen reactie ontvangen en houden het in de gaten.
8. Studiedag ASD
Mogelijke onderwerpen:
- Een extern iemand uitnodigen om de toekomstontwikkelingen voor de ASD toe te lichten. Terug- en vooruitkijken wat de afgelopen jaren op de agenda heeft gestaan en waar we nog aandacht aan willen besteden. Of andere interessante onderwerpen.
- Mentale gezondheid van de jeugd: is de gemeente hier mee bezig en is hier al een rapportage over? Dit moeten we vooraf vragen aan de gemeente.
- Iemand van Veilig Thuis Haaglanden uitnodigen.
- Een deel van de dag vullen met de regionale woonzorgvisie Haaglanden/ontwikkelingen in de regio.
Voorstel datum studiedag: woensdag 8 of 15 oktober. A.u.b. beide data vrijhouden.
9. Uitgaande correspondentie
Tip m.b.t. het jaaroverzicht ASD in Telstar/Eendracht: volgende keer meer aandacht besteden aan de foto.
10. Ingekomen correspondentie
Olav Spuij heeft in zijn mail van 26 mei gevraagd of iemand van de ASD in sprintsessies mee wil denken over de inburgering van mensen via de Z-route. De bibliotheek organiseert dit nu, maar gaat ermee stoppen.
Als de gemeente iets gaat ontwikkelen, wil de ASD best een advies geven. Maar het deelnemen aan de sessies is geen taak voor de ASD. De ASD raadt Olav aan bij een grote gemeente na te vragen hoe zij de inburgering aanpakken, omdat bij grote gemeenten al veel kennis beschikbaar is; in Den Haag bijvoorbeeld is het best goed geregeld.
11. Rondvraag en sluiting
- 22 Juli is Piet er niet, Daniëlle vervangt hem. De vergadering van 19 augustus vervalt.
- Nootdorp-Nu: is een mooi vormgegeven blad. Hierin staat o.a. een artikel over het Huis van Rie. Op basis van pgb loopt het goed. De enige vraag is of het ook toegankelijk is voor mensen die moeite hebben met het beheren van hun pgb-budget. Het blijkt aan een behoefte te voldoen, dus eigenlijk zou het fijn zijn als de gemeente ook op enigerlei wijze zou investeren in het Huis van Rie.
- Aan het eind van het jaar verloopt de 2e zittingstermijn van Piet, Hetty, Coby en Ad. Ook Sandra geeft aan aan het eind van het jaar te willen stoppen. Piet gaat dit laatste melden bij de gemeente.
Dit punt agenderen we voor de volgende vergadering.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Verslag vergadering Adviesraad Sociaal Domein
22 april 2025
Aanwezig: Piet van Adrichem (vz), Rick Bijl, Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Daniël Reijsbergen, Ursila Soebhan en Sandra van Overveld (verslag)
Afwezig: Dorien Krom en Ad van Winden
Aanwezig namens de gemeente: Wijnand Kort
1. Opening en vaststelling agenda
Piet heet alle aanwezigen welkom. De ASD is nu weer compleet, doordat Rick door het college is benoemd als lid van de ASD. Gefeliciteerd!
Piet en Sandra zijn op bezoek geweest bij Monique. Het gaat langzaamaan beter met haar.
2. Uitvoeringsagenda visie op het sociaal domein
Er vindt een herijking van de visie plaats i.v.m. de vergrijzing, kostenbeheersing, meer taken naar de gemeente, de capaciteit, kansenongelijkheid etc. De kernwaarden zijn meedoen, ontwikkelen, ondersteuning en toekomstbestendigheid.
Speerpunten:
- Versterken van de sociale basis; van de eigen kracht en veerkracht van inwoners
- Preventie; inzetten op een gezonde leefstijl (positieve gezondheid)
- We zijn een inclusieve gemeenschap
- Verminderen van de bestaansonzekerheid
- Het stimuleren van gelijke kansen
- Betaalbaar houden van het sociaal domein
In verband met de gemeenteraadsverkiezingen in 2026 wordt een keuze gemaakt in wat nog wel en wat niet gedaan gaat worden. Wat de gemeente nog wel gaat doen in 2025 en 2026:
- Interventieplan kostenbeheersing sociaal domein
- Opstellen lokale inclusieagenda. Uitwerking van de startnotitie vindt plaats in december.
- Uitvoeren brede SPUK
- Preventiebeleid -> lokaal gezondheidsbeleid
- Herijken subsidie beleidskader. Dit vindt dit jaar plaats. Wat betekent het voor de inwoners, wat krijgen ze aangeboden? Past het aanbod van de huidige aanbieders binnen het beleid van de gemeente? Mogelijk worden er andere keuzes gemaakt door de gemeente en kunnen bestaande aanbieders afvallen.
- Verbreden beleid normaliseren. Dit wil de gemeente, met hulp van de welzijnsondersteuner, doortrekken naar ouderen.
- Data. Deze gaat de gemeente zelf verzamelen uit data van o.a. GGZ, CBS; regionaal en lokaal. In het najaar kan over deze ontwikkeling een presentatie gegeven worden aan de ASD.
Wat volgt later:
- Herijken regionale netwerkstrategie
- Versterken sociale basis (doen we nu deels via beschermd wonen/beschermd thuis)
- Implementatie wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein
- Ontwikkelen sociale kaart
- Herzien wijkgericht werken
3. Mededelingen gemeente
- Voor Wijnand is nog geen vervanger gevonden. Sjoerd v.d. Sluis wordt contactpersoon voor de ASD tot de zomer. Voor de komende vergaderingen zal degene die een presentatie verzorgt eventuele vragen vanuit de ASD meenemen naar collega’s.
- Wmo-cliënten uit onze gemeente ontvangen een vragenlijst. Na de zomer komt de uitslag van het cliëntervaringsonderzoek.
- Huis van Rie: er zijn ontwikkelingen, maar Wijnand kan daar inhoudelijk niet op ingaan. Als mensen deel nemen aan activiteiten van het huis van Rie, gaat dit op basis van het pgb.
4. Advieskalender
Sjoerd zal zorgen dat de kalender actueel blijft. Door de naderende gemeenteraadsverkiezingen in 2026 blijkt nu al dat het aantal te bespreken onderwerpen op de advieskalender minder wordt. De ASD wil graag in het najaar geïnformeerd worden over het Integraal ZorgAkkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Hoe gaat de RIGA-regio hiermee om?
5. Concept verslag ASD vergadering 25 maart 2025
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Naar aanleiding van
- Pag. 3, punt 9, 1e bullet: onderhoudscontracten voor scootmobielen: de ASD gaat er vanuit dat er een bruikleencontract zal zitten bij de levering van een scootmobiel. We gaan Jeroen vragen of hij ons inzicht kan geven in de contractinhoud van de door de Wmo geleverde scootmobielen. In hoeverre zijn de gebruikers en de leverancier hiervan op de hoogte? We hebben het idee dat er ruis zit op de communicatie.
Sandra formuleert de vraag voor Jeroen.
A&A-lijst:
4. Sociale Raadslieden: we leggen de vraag neer bij Yvonne Post.
5. Daniëlle gaat de cijfers van Veilig Thuis opzoeken.
De punten a. en c. kunnen eraf.
6. Bespreken van de reactie van het college op het advies van de ASD over het interventieplan kostenbeheersing en innovatie sociaal domein 2025-2028
De ASD bespreekt de reactie van het college op haar advies en besluit een aanvullend advies naar het college te sturen m.b.t. de volgende punten:
- De term ‘innovatie’ in de titel.
Gezien de magere voorbeelden verdient deze benaming o.i. niet zo’n prominente plek in de titel. - Krachtig ouder worden en de individuele maatregel.
Er is niets gedaan met onze suggestie om de individuele maatregel te heroverwegen. Ze verwijzen alleen naar hoe ze de toegang hanteren. Hierdoor kunnen de gevolgen verstrekkend zijn. Het gaat om chronische situaties. - Bedragen individuele inkomenstoeslag.
Kloppen de genoemde bedragen? Coby zal het nakijken en het Daniëlle laten weten.
7. Uitgaande correspondentie
Brenda Verhoek zal reageren op het gezamenlijke advies over de Regiovisie Jeugdhulp Haaglanden en de Hervormingsagenda Jeugd voor de H9 regio.
8. Ingekomen correspondentie
De informatie over de Woonzorgvisie Haaglanden zal nog worden toegestuurd. In de visie staat vooral beschreven hoeveel woningen er beschikbaar moeten zijn voor welke doelgroepen. We komen hier de volgende keer op terug.
9. Rondvraag en sluiting
- Nu Rick ook benoemd is, kan het jaaroverzicht in de Telstar/Eendracht geplaatst worden.
- Wat kunnen we in het najaar nog oppakken nu het wat rustiger wordt; waar willen we ons op focussen?
- De eigen bijdrage voor jeugdzorg zou verplicht worden. De wettelijke eigen bijdrage is een gegeven en de gemeente is daaraan gebonden en moet dit uitvoeren. De gemeente moet daar zelf over communiceren en wij moeten opletten of dat goed gebeurt.
En hoe kan de gemeente hier mee omgaan? De gemeente heeft de mogelijkheid om groepen uit te sluiten van de eigen bijdrage. - Hoe is de mentale gesteldheid van de jeugd en hoe kan de gemeente hier een positieve bijdrage aan leveren (i.h.k.v. suïcidepreventie en vroegtijdig ingrijpen)? De jeugd bevragen wat zij nodig heeft.
- Ook kunnen scholen bevraagd worden hoe ze met informatie geholpen kunnen worden; wat ze nodig hebben, wat haalbaar is en hoe ze hierin beter kunnen samenwerken. Wat signaleren ze en welke instrumenten hebben ze nodig?
- Hier komen we een volgende vergadering op terug.
- Hoe verhoudt onze ASD zich tot de regionale samenwerking; advisering in regionaal verband? Hoe kunnen we dit voor de komende periode inregelen?
Dit is een goed onderwerp voor de scholingsdag. Hiervoor zal een datumprikker rondgestuurd worden. - Het is belangrijk dat de informatie over de ASD op de website actueel is, maar we publiceren onze adviezen pas als we de reactie van het college erbij kunnen voegen.
- De Nieuwsbrief Werk & Inkomen staat niet bij de receptie van de gemeente. We zullen de betrokkenen daarop attenderen.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Verslag vergadering Adviesraad Sociaal Domein
25 maart 2025
Aanwezig:
Piet van Adrichem (vz), Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Daniël Reijsbergen, Ursila Soebhan, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Afwezig: Ricardo Bronsgeest
Aanw. als mogelijk nieuw ASD-lid: Rick Bijl
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers en Anne Volkers
Aanwezig namens de gemeente: –
1. Welkom
Piet heet iedereen welkom. Rick Bijl is aangeschoven als mogelijk nieuw ASD-lid en stelt zichzelf voor.
2. Mededelingen over en van de gemeente
- De voor deze vergadering geplande agendapunten van de advieskalender zijn geschrapt of uitgesteld. Daarom is er deze vergadering niemand van de gemeente aanwezig. Wijnand is in gesprek met zijn leidinggevende over zijn opvolger. Er zijn twee gegadigden, maar zij kunnen allebei pas over twee maanden beginnen.
- Dashboard Werk & Inkomen Q4 2024: het valt de ASD op dat er relatief veel bijstandsgerechtigden bij zijn gekomen. Mogelijke oorzaak kan de stijging van het aantal sociale huurwoningen zijn, waar iedereen uit de regio Haaglanden op in kan schrijven. Het is niet alarmerend en door het vrij lage aantal is het nog steeds mogelijk om effectieve maatregelen in te zetten. Dat vraagt wel om alertheid om de nieuwe bewoners snel in beeld te krijgen en samen met hen te bepalen welke ondersteuning nodig is om hen richting werk of in ieder geval meedoen te begeleiden.
3. Advieskalender
Er staan nog een aantal onderwerpen gepland.
Mogelijke aanvulling:
- Afgelopen maanden is er aandacht geweest voor het Integraal Zorgakkoord en de RIGA. Op dit moment is er een Aanvullend zorg- en welzijnsakkoord (AZWA) in de maak. De ASD wil hierover graag in september bijgepraat worden. Wat betekent het voor de gemeente? Wat zijn haar verplichtingen?
4. Concept verslag ASD vergadering 18 februari 2025 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Piet heeft vandaag bericht gekregen dat Daniël door het college officieel is benoemd tot lid van de ASD. Gefeliciteerd!
5. Advies kostenbeheersing en innovatie sociaal domein
We kijken het concept advies door, aanvullende opmerkingen en wijzigingen worden direct door Daniëlle verwerkt. Zij zal de aangepaste versie naar Piet sturen voor een laatste check, waarna Sandra het naar Wijnand en het college zal sturen.
6. Regiovisie Jeugdhulp en de hervormingsagenda jeugd
Bijgevoegd is het regionaal advies dat is samengesteld in samenwerking met jongeren uit de diverse adviesraden. De volgende keer kunnen Daniël en Rick meepraten namens onze ASD.
Op de agenda van het H10 voorzittersoverleg ASD staat als bespreekpunt ‘Ontwerp Regionale Woonzorgvisie Haaglanden’. Daniëlle zou daarvan graag een terugkoppeling willen horen.
7. Uitgaande correspondentie
* Jaaroverzicht ASD 2024 aan het netwerk rondom de ASD. De versie voor de krant wordt gepubliceerd als Rick benoemd is door het college. Sarah van der Heijden is hiervoor contactpersoon bij de gemeente.
8. Ingekomen correspondentie
- 200225 via e-mail: Verzoek om contact op te nemen met Haagsche-Zin, Centrum voor Levensvragen Den Haag tot Hoek van Holland. Zij bieden geestelijke verzorging thuis voor mensen van 50 jaar en ouder en palliatief. Piet gaat contact met de contactpersoon opnemen om te vragen wat onze rol kan zijn.
- We nemen kennis van het overzicht van uitgaven van de ASD in 2024.
9. Rondvraag en sluiting
- N.a.v. een concrete situatie rijst de vraag of er een onderhoudscontract wordt afgesloten bij het gebruik van scootmobielen en wat de verplichtingen van Kersten hierin zijn? We kunnen hier ook aandacht aan besteden in de Nieuwsbrief Werk & Inkomen. Sowieso vraagt de ASD zich af wat de gemeente doet aan contractmanagement.
- Rick geeft aan dat hij graag lid zou willen worden van de adviesraad. Hij zal zijn CV opsturen en Piet zal hem aan het college voordragen als kandidaat voor benoeming tot lid van de ASD. Daarmee zijn we straks weer voltallig en daar zijn we bijzonder blij mee. Sandra zal Daniël en Rick toevoegen aan de WhatsApp groep van de ASD.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Verslag vergadering Adviesraad Sociaal Domein
18 februari 2025
Aanwezig:
Piet van Adrichem (vz), Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Afwezig: Ursila Soebhan
Aanw. als mogelijk nieuw ASD-lid: Daniël van Reijsbergen
Aanwezig als toehoorder: Dries Beukers en Anne Volkers
Aanwezig namens de gemeente: Bianca Woutersen en Annemarieke Wamsteker (19.30-20.30 uur), Jeroen Diehl (20.30-21.10 uur) en Wijnand Kort (19.30-21.25 uur)
1. Opening en vaststelling agenda
Piet heet alle aanwezigen welkom.
Aanvulling agenda: punt 7 b: Hoe gaan we het advies opstellen? en punt 7 c: Jaaroverzicht ASD 2024 en het publiek jaaroverzicht voor in de Telstar/Eendracht.
2. Presentatie over premantelzorgwoningen
Bianca Woutersen en Annemarieke Wamsteker verzorgen de presentatie over de beleidsregels premantelzorgwoningen. Zij willen dit bespreken met de ASD en informatie ophalen, omdat het college over dit onderwerp nog moet besluiten. De presentatie mag niet verder verspreid worden.
Een premantelzorgwoning is een woning die geplaatst wordt vóórdat er een zorgvraag is. Deze woningen kunnen de zorg verlichten en ervoor zorgen dat mensen langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Het is een woning voor maximaal twee mensen waarvan verwacht wordt dat minstens één van hen binnen 10 jaar voor mantelzorg in aanmerking komt.
Regels voor de bewoners:
- Deze moeten een (aantoonbare) duurzame sociale relatie hebben met de aanvrager/initiatiefnemer (dit mag bijvoorbeeld ook een buur of vriend(in) zijn);
- een leeftijd hebben van minimaal 75 jaar. Of jonger zijn dan 75, maar dan met een medische verklaring kunnen aantonen dat de verwachting is dat er binnen 10 jaar een mantelzorgsituatie gaat ontstaan.
In de premantelzorgwoning mag één huishouden van maximaal twee personen wonen.
Voor het realiseren van aan,- uit- en bijgebouwen sluit de gemeente aan bij de landelijke regels. Daarnaast heeft de gemeente nog enkele andere eisen opgesteld, waaronder dat de woning levensloopbestendig en rolstoelvriendelijk moet zijn en dat het een tijdelijke voorziening is. De omgevingsvergunning wordt door de gemeente afgegeven voor 10 jaar; eventuele verlenging van 5 jaar is mogelijk. Wanneer de vergunning niet opnieuw wordt aangevraagd of wordt afgegeven, moeten de elementen die het een woning maken verwijderd worden binnen 6 maanden. Wordt de bewoner mantelzorgbehoevend, dan kan hij/zij er blijven wonen en vervalt de termijn van 10 jaar. Verder worden er ook nog andere regels gesteld voor het proces.
Vragen en opmerkingen vanuit de ASD:
- Wat nou als iemand na 10 jaar (+ 5 jaar verlenging) op z’n 90e nog vief rondloopt en toch geen mantelzorg nodig blijkt te hebben, wat gebeurt er dan? Volgens Annemarieke moet de persoon dan uit de woning, omdat er op dat moment een permanente vergunning afgegeven moet worden. Dit is niet wenselijk, want dan wordt het een hele andere situatie. De ASD vindt dit zorgelijk, omdat veel mensen vief oud worden.
- Bij de regels voor de omgeving moet de term ‘verslechtering’ goed omschreven worden. Zolang het binnen de juridische regels valt, mag de woning geplaatst worden. Ook al hebben de buren er bezwaar tegen.
- Tip van de ASD: verduidelijk de tekst met voorbeelden, zodat mensen weten wat er bedoeld wordt. Laat goed zien hóe dit een uitbreiding is op regels die er nu al zijn.
- De ASD is benieuwd hoe succesvol dit is in andere gemeenten? Bianca en Annemarieke geven aan dat zij dit niet weten, omdat ze op deze vraag geen antwoord krijgen. Vragen die leven zijn o.a.: Is er al veel gebruik van gemaakt? Is het risico goed gecommuniceerd? Zijn er al veel gevallen van mensen die uiteindelijk op straat zijn komen te staan? Is er behoefte aan dit soort woningen? Wat doen gemeenten met mensen die wettelijk uit het huis moeten?
- Neem wijkteams, cliëntondersteuners en ouderenadviseurs mee in het proces. Organiseer een bijeenkomst voor hen om e.e.a. goed duidelijk te maken.
Deze plannen zijn niet zonder risico, daarom is goede voorlichting erg belangrijk. De ASD wordt graag op de hoogte gehouden van hoe het plan verder wordt uitgewerkt.
3. Interventieplan kostenbeheersing sociaal domein
Ondanks het succes van het vorige interventieplan constateert de gemeente vanaf 2023 opnieuw een kostenstijging. Bij de gemeentebrede financiën hebben we te maken met bezuinigingen en komt ravijnjaar 2026 eraan, waarin gemeenten structureel veel minder geld gaan krijgen uit het Gemeentefonds.
Kostenstijging bij Wmo en jeugd:
- Wmo: het aantal 75+-ers groeit. Hoge indexaties bij hulpmiddelen en vervoer. Vanaf 2018 is de kostenstijging bij de Wmo > 14%.
- Jeugd: het aantal jongeren blijft redelijk constant, maar de gemiddelde kosten stijgen. Er worden duurdere producten ingezet; dit heeft deels te maken met indexatie. Bij de jeugd is de kostenstijging per jaar ca. 10%. De gemeente probeert meer grip te krijgen op de doorverwijzingen naar jeugdhulp.
- Participatie: kosten om te proberen mensen aan het werk te krijgen.
Totstandkoming nullijn:
- Belangrijk kader. Voorgesteld door het college, vastgesteld door de raad.
- Afstappen van t-1-systematiek begroten, met achteraf een correctie.
- Cijfers realisatie sociaal domein 2023 wordt de basis + reguliere gemeentebrede indexatie budgetten groei + areaal.
- Correctie achteraf (€ 1,2 miljoen) wordt afgebouwd.
- Vanaf 2027 moet de gemeente zelf tegenvallers gaan opvangen.
Het nieuwe interventieplan:
- is gericht op kostenbeheersing en innovatie;
- is gebaseerd op het oude interventieplan;
- hangt samen met de visie op het sociaal domein;
- geeft een uitgebreide analyse van de kostenstijging binnen het sociaal domein;
- bestaat uit meerdere ‘tranches’ maatregelen, in totaal 25;
- is een nieuw aanvullend breed pakket maatregelen gericht op innovatie en besparen, met een overkoepelend plan voor Jeugd, Wmo en Participatiewet;
- geeft ruimte om keuzes te maken en ook toekomstige groei op te vangen;
- heeft een totaal besparingspotentieel van ruim € 2.000.000;
- valt deels binnen collegebevoegdheid (direct uit te voeren), deels ter vaststelling door raad.
De gemeente is van mening dat echt pijnlijke maatregelen niet nodig zijn, met name voor de inwoners. Wel zal er kritisch gekeken worden naar aanbieders. Er zal altijd ruimte blijven voor maatwerk. Na de keuze van het pakket maatregelen volgt de implementatie en zal er jaarlijks gerapporteerd worden.
De gemeente benadrukt dat door stijgende kosten de financiële druk onverminderd groot blijft. Als compensatie/verandering van het Rijk uitblijft, moeten er misschien nieuwe maatregelen volgen. De mogelijkheden hiervoor nemen af en de impact wordt groter.
Dit is de eerste stap in het politieke proces. Uiteindelijk zal de raad de daadwerkelijke maatregelen vaststellen. Planning: begin april college, gemeenteraad in mei.
De ASD wordt gevraagd uiterlijk 26 maart het advies naar het college en Wijnand te sturen. Tussentijds kunnen we nog technische vragen aan Jeroen en hem stellen zodat we de antwoorden in de volgende vergadering mee kunnen nemen bij het opstellen van het advies. Ook mogen we het plan voorleggen aan onze schil.
4. Mededelingen gemeente
Beantwoording vragen vanuit de vorige vergadering:
- Coby heeft persoonlijk antwoord gekregen op haar vraag over de Bijzondere Bijstand.
- Kostenbesparende maatregelen: waarom kijken we alleen naar mogelijkheden binnen onze eigen gemeente? Wijnand geeft aan dat onze gemeente zeker ook kijkt naar andere gemeenten, maar dat het voor inwoners met een beperking soms lastig is om verder te moeten reizen. Men zoekt naar de beste oplossing.
- Orange the World: is meer een campagne om mensen bewust te maken; het levert geen cijfers op. Cijfers zijn te krijgen via Veilig Thuis. Wijnand heeft daar naar gevraagd.
-Pilot sociaal raadslieden: Yvonne zal in oktober een update komen geven. Begin maart gaat het loket open. De ASD dringt aan op goede publiciteit hierover. Het is voor de ASD nog onduidelijk waar het eerste kennismakingsgesprek gaat plaatsvinden. Wijnand zal dit navragen. Het is wenselijk dat gesprekken met een raadsman of raadsvrouw zo snel mogelijk ook binnen onze gemeente kunnen plaatsvinden.
-Pilot scootmobielen: op dit moment wordt bij De Kiezel een voorziening gebouwd. In maart wordt deze opgeleverd en gaat de pilot in Delfgauw van start.
5. Advieskalender
De opvolger voor Wijnand is nog niet bekend; de vacature staat intern open. Ten slotte nemen we afscheid van Wijnand en danken we hem voor zijn positieve inbreng en voor de fijne samenwerking.
6. Verslag ASD vergadering 21 januari 2025 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Actie- en aandachtspuntenlijst:
2. Blijft staan, we wachten op de LIA.
3. Daniëlle stuurt de Gezondheidsmonitor Jong Volwassenen (GGD Haaglanden) naar Sandra. Zij verspreidt deze.
5. Kan eraf.
6. Wijnand heeft cijfers opgevraagd bij Veilig Thuis en zal deze doorsturen naar de ASD.
Piet zal de punten 3 en 4 nog onder de aandacht brengen van Wijnand.
7. Vacature ASD
We heten Daan Reijsbergen van harte welkom als nieuw lid van de ASD. Fijn dat de jeugd hiermee weer vertegenwoordigd is in de adviesraad. Piet zal hem voordragen bij het college. Ook Rick Bijl heeft interesse getoond en hij zal door Sandra voor de volgende vergadering uitgenodigd worden.
8. Advies interventieplan sociaal domein
Binnenkort ontvangt de ASD de stukken m.b.t. het nieuwe interventieplan. Uiterlijk 5 maart kan de ASD vragen en opmerkingen daarover aanleveren bij Piet. Piet bundelt de reacties en stuurt ze naar Wijnand en Jeroen. Zij geven antwoord op de vragen. Houden we n.a.v. die antwoorden discussiepunten, dan gaan we een Teams-bijeenkomst plannen. Voorstel: dinsdag 18 maart.
9. Jaarverslag ASD 2024 en publiek jaarverslag in Telstar/Eendracht
Het jaarverslag 2024 is in de maak. Piet zal het concept naar iedereen sturen. Op 25 maart zullen we vóór de vergadering een nieuwe ASD-foto maken.
10. Uitgaande correspondentie
Geen aanvullingen.
11. Ingekomen correspondentie
- Thema-avond Lansingerland over toekomstbestendige jeugdhulp op 5 februari: Marieke van Bijnen had een goed verhaal over hoe onze gemeente de jeugdhulp aanpakt.
- De campagne normaliseren is onlangs van start gegaan; dit is een goede ontwikkeling.
- Klankbordgroep Sociaal Domein d.d. 11 februari: Piet gaat vragen wanneer we de presentaties kunnen verwachten en Sandra zal deze na ontvangst rondsturen.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Verslag vergadering Adviesraad Sociaal Domein
21 januari 2025
Aanwezig:
Piet van Adrichem (vz), Ricardo Bronsgeest, Daniëlle van der Eerden, Hetty Harmse, Coby de Koning, Dorien Krom, Ursila Soebhan, Ad van Winden en Sandra van Overveld (verslag)
Aanwezig als toehoorder vanuit de schil: Dries Beukers
Aanwezig namens de gemeente: Marieke van Bijnen (19.30-20.05 uur), Hanneke van de Gevel (19.30-20.20 uur), Janine Kruese (20.20-21.00 uur)
Afwezig m.k.:
Wijnand Kort
1. Opening en vaststelling agenda
Piet heet alle aanwezigen welkom.
2. Beantwoording vragen m.b.t. de beleidsregels bijzondere bijstand 1)
Hanneke van de Gevel en Marieke van Bijnen gaan in op onze vragen over het gebruik van de tegemoetkoming voor kosten voor deelname aan het maatschappelijk verkeer en nemen ons mee in de financiële positie van de gemeente en wat dit betekent voor het sociaal domein.
De wethouders geven aan dat de gemeente wil toewerken naar een structureel sluitende begroting. Vanaf 2026 zal zij een lagere bijdrage ontvangen uit het gemeentefonds. Het college verwacht vanaf 2028 structureel 3 miljoen tekort hebben.
Jeugd is de grootste uitgavepost binnen het sociaal domein. Vanaf 2023 zijn de kosten voor jeugd extreem gestegen (toename van zorgvragen en zwaardere zorgvragen). Ook voor de Wmo, maar minder hard dan voor jeugd (normaal patroon; toename zorgvragen door vergrijzing). In 2024 is voor het eerst een tekort bij de BUIG opgetreden. Er is dus een tekort op alle drie de wetten.
Voor 2025 is de wijze voor het opstellen van de begroting gewijzigd. Er wordt een nullijn gehanteerd voor het sociaal domein. Omdat de gemeente daarmee gaat werken èn er sprake is van kostenstijging, wordt er een nieuw interventieplan opgesteld. De ASD zal gevraagd worden hierover advies uit te brengen. De opgave is groot. Om kosten te beheersen wordt samengewerkt in de regio.
Ricardo vraagt om meer duidelijkheid over het maatwerk binnen onze gemeente. De handvatten daarvoor zijn moeilijk te vinden in de stukken die wij krijgen van de gemeente. De stukken zijn juridisch dichtgetimmerd, maar hoeveel ruimte is er nog in de uitvoering? De wethouder geeft aan dat er ruimte is om maatwerk te bieden aan de mensen die het echt nodig hebben.
Voorgesteld wordt een keer mensen van het kernteam (= de uitvoering) uit te nodigen voor de vergadering. Hoe passen zij maatwerk toe in de praktijk? Gebruiken zij methoden en zo ja, hoe worden deze dan toegepast? Is het vrije interpretatie of worden de kernteamleden erop gestuurd? Zijn er intervisiemomenten tussen de collega’s? Welke dilemma’s liggen er voor bij maatwerk en hoe ga je dan te werk? Zo krijgt de ASD een goed beeld van hoe het in de praktijk gaat.
Wat betreft de vragen van de ASD over het gebruik van de tegemoetkoming voor kosten voor deelname aan het maatschappelijk verkeer, geven de wethouders aan dat het de gemeente
€ 13.000,00 extra zou kosten als het bedrag voor tegemoetkoming geïndexeerd zou worden. Dit lijkt een laag bedrag, maar ook de Rotterdampas en de gehandicaptenparkeerplaats staan op de nominatie om geschrapt te worden. Dan moet de gemeente kiezen: we indexeren het bedrag niet en kunnen andere regelingen houden, of we indexeren het wel waardoor andere voorzieningen komen te vervallen. Dit is voor de gemeente een lastige keuze. Gekozen is voor de eerste optie.
De beantwoording van de overige vragen van de ASD is als bijlage bij dit verslag gevoegd.
Na het vertrek van de wethouders heeft Coby nog een vraag. Zij heeft in januari 2024 een aanvraag bijzondere bijstand gedaan. Dit is toegekend in maart ’24. In januari 2025 heeft zij weer een nieuwe aanvraag gedaan, maar nu krijgt ze te horen dat ze pas in maart aan mag vragen, omdat er dan een jaar voorbij is. Dit vindt ze vreemd en vervelend, omdat ze er vanuit gaat dat je het ‘per kalenderjaar’ mag aanvragen, dus weer vanaf januari. Op deze manier blijft het steeds verder opschuiven. We zullen dit navragen bij Wijnand.
3. Kennismaking met de klachtenfunctionaris Janine Kruese
Janine Kruese is adviseur sociale veiligheid bij de gemeente. Zij is klachtencoördinator, mediator, agressiecoördinator, vertrouwenspersoon binnen de gemeente en buurtbemiddelaar. Zij informeert de ASD over de inrichting en uitvoering van de klachtenprocedure.
Volgens hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht is een klacht ‘een uiting van ongenoegen over de wijze waarop een bestuursorgaan van de gemeente zich in een bepaalde aangelegenheid tegenover een natuurlijk persoon of rechtspersoon heeft gedragen’. Onder bestuursorgaan vallen de raad, het college, de burgemeester en de commissie Behandeling Bezwaarschriften.
Men kan niet klagen over individuele raadsleden, maar wel over de gehele raad.
Men kan wel klagen over een individueel collegelid en ook over ambtenaren die werkzaam zijn bij het bestuursorgaan.
(Interne, eerstelijns) klachtenprocedure:
- Burger ontevreden over gedrag of handelen? Mogelijkheid tot klacht indienen, schriftelijk of telefonisch.
- Klachtenregeling Gemeente Pijnacker-Nootdorp, gecoördineerd door klachtencoördinator.
- Klachtenprocedure: snel, persoonlijk, oplossingsgericht, informeel afhandelen.
De insteek bij de gemeente is om snel, persoonlijk contact te zoeken met een klager om te kijken wat er speelt en of oplossingen te bedenken zijn. Of om sorry te zeggen. Heel informeel. Soms is één telefoontje al genoeg.
Bij sommige klachten (vooral in het Sociaal Domein) worden klagers uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek. Dat kan op kantoor, maar ook op locatie. Afhankelijk van de klacht, is de klachtencoördinator bij dit gesprek en begeleidt zij als neutrale gespreksleider het gesprek tussen een klager en haar vakinhoudelijke collega’s. Bij het gesprek zitten meestal de klager en eventueel iemand die meekomt als steun, de teamleider van het taakveld waar de klacht binnen valt (deze teamleider kan ook wat vinden over het handelen van zijn/haar medewerker bij een (bejegenings)klacht) en de klachtencoördinator. Afhankelijk van het gesprek en de wensen van klager, volgt er na een gesprek een (wat meer formelere) klachtafhandelingsbrief. In deze brief staat de verwijzing naar de Nationale ombudsman als tweedelijns klachtbehandelaar. Bij klachten in het Sociaal Domein volgt bijna altijd zo’n brief.
Als de burger niet tevreden is over de be-/afhandeling van de klacht door de gemeente kan deze persoon contact opnemen met de Nationale ombudsman. Die kan onderzoek doen, doorverwijzen naar derden en een interventie inzetten. Maar eerst moet de klacht in behandeling zijn geweest bij de gemeente.
Klachten moeten binnen 30-50 werkdagen behandeld worden, maar vaak gebeurt dit sneller. Gemiddeld duurt het 13 werkdagen. Als klachten afgehandeld zijn, checkt Janine altijd of de mensen tevreden zijn; of de klacht naar tevredenheid is afgehandeld.
Totaal aantal klachten in het in Sociaal Domein 2024: 27.
15 m.b.t. Participatiewet, 10 m.b.t. Wmo en 2 m.b.t. Jeugd- en volwassenhulp (kernteam).
Het verschil tussen een klacht en bezwaar is, dat een bezwaar juridisch is en een klacht niet.
De gemeente neemt veel besluiten. Het kan gebeuren dat iemand het niet eens is met een besluit, dan kan daartegen bezwaar worden gemaakt. Voor het behandelen van bezwaarschriften is een commissie van onafhankelijke deskundigen ingesteld, dat is de Commissie Bezwaarschriften. De commissie brengt advies uit aan het gemeentelijke bestuursorgaan over het bezwaar. Het bestuursorgaan neemt uiteindelijk een beslissing op bezwaar. Tegen die beslissing kan beroep bij de rechtbank worden ingesteld.
Janine hoopt op een goede samenwerking met de sociaal raadslieden met korte lijntjes naar elkaar.
4. Mededelingen gemeente
Piet vertelt dat Wijnand gaat stoppen als contactpersoon voor de ASD. Hij krijgt een andere functie binnen de gemeente. De ASD vindt dit erg jammer, want de samenwerking met Wijnand was goed en prettig.
Overig: Voortgang regionaal werkcentrum: per arbeidsregio komt een werkcentrum. Het is goed dat er weer een plek is waar mensen naar toe kunnen.
5. Advieskalender
Geen aanvullingen.
6. Concept verslag ASD vergadering 26 november 2024 + A&A-lijst
Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.
Actie- & Aandachtspuntenlijst: Geen aanvullingen.
7. Bespreken reacties college op onze adviezen Q3 en Q4 2024
- Reactie ASD op het antwoord van het college op het advies inzake de pilot sociaal raadslieden: de ASD is benieuwd wanneer daarmee wordt gestart; we hebben er nog geen publicatie over gezien.
- Reactie college op ons advies inzake de Verordening jeugdhulp: ter kennisgeving aangenomen.
- Reactie college op ons advies over de beleidsregels giften 2024 en beleidsregels tegemoetkoming kosten kinderopvang op grond van sociaal medische indicatie 2024: ter kennisgeving aangenomen.
- Onze brief over het opstellen van een Lokale Inclusie Agenda (LIA): we hopen onze suggesties straks in de LIA terug te zien
8. Vacatures ASD
Het contact van Coby sluit in februari aan bij de vergadering om te ervaren wat een ASD vergadering inhoudt.
Piet heeft met Wijnand en Iris een gesprek gehad over het werven van een nieuw jong ASD lid. Naar aanleiding daarvan is Joyce de Haan benaderd en er wordt nu een profielschets opgesteld die verspreid gaat worden onder verschillende organisaties. Gedacht wordt aan de Hogeschool Den Haag en Rotterdam (naar de SLB-ers) en opleidingen in het sociaal domein, sportverenigingen, kerken, e.d. Misschien weten de casemanagers nog iemand. Voorwaarde is wel dat de persoon uit onze gemeente komt. De zittingstermijn van 4 jaar is geen harde afspraak. Dorien kijkt naar adressen in Den Haag, Daniëlle in Rotterdam. Piet maakt een tekst en Sandra verspreidt het.
Afscheid Monique: het gaat goed met haar, maar ze is blij dat ze gestopt is met de ASD. Ze wacht nu op een operatie in het LUMC.
9. Uitgaande correspondentie
Geen aanvullingen.
10. Ingekomen correspondentie
- Maatregelen kostenbeheersing sociaal domein, pagina 5, 2e blokje ‘Wat is er voor nodig om deze maatregel uit te kunnen voeren?’:
Hierin wordt bij het 3e streepje gesproken over ‘Werkgevers in Pijnacker-Nootdorp …’. Waarom is hier specifiek voor onze gemeente gekozen en wordt er niet gekeken naar buurgemeenten? Dit zullen we vragen aan Wijnand. - Om een beter beeld te krijgen van huiselijk geweld binnen onze gemeente is het goed om ook de cijfers van Veilig Thuis op te vragen.
- Aan Wijnand gaan we vragen of er vanuit Orange the World al nieuwe cijfers bekend zijn t.o.v. die in de eerste presentatie in 2023. Zijn er al effecten zichtbaar?
11. Rondvraag en sluiting
- Dries wil dit jaar een themadag over gezondheid organiseren. Hij krijgt de presentatie over de RIGA (bijlage 14) mee voor als hij iemand daarover wil benaderen voor de themadag.
- Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng.
Ten slotte sluit de voorzitter de vergadering met dank voor aanwezigheid en inbreng en wenst hij iedereen fijne feestdagen en een voorspoedig nieuwjaar.
Bijlage:
Beantwoording vragen ASD m.b.t. tegemoetkoming kosten maatschappelijk verkeer.
- De ASD is benieuwd hoeveel cliënten een beroep doen op de financiële ondersteuning voor deelname aan het maatschappelijk verkeer, vallend onder de bijzondere bijstand.
Antwoord:
Dit is hoe vaak de bijdrage voor deelname aan het maatschappelijk verkeer de afgelopen jaren is toegekend:
2019: 238 keer
2020: 396 keer
2021: 213 keer
2022: 267 keer
2023: 278 keer
- Is bekend voor welke activiteiten, abonnementen e.d. de aanvragen worden gedaan?
Antwoord:
Dit wordt niet bijgehouden. De indruk van de klantmanagers is dat veel inwoners de bijdrage gebruiken voor hun internetabonnement.
- Is er sprake van terugkoppeling over de besteding en is bekend hoe de bijdrage wordt gewaardeerd door de cliënten?
Antwoord:
We vragen inwoners niet om ons te laten weten waar ze de bijdrage voor hebben gebruikt. We hebben niet onderzocht hoe inwoners de bijdrage waarderen.
- Is er sprake van een toe- of afname van het aantal aanvragende cliënten?
Antwoord:
Door beperkingen in ons administratiesysteem kunnen we op dit moment niks zeggen over het aantal aanvragen voor de bijdrage voor deelname aan het maatschappelijk verkeer. We kunnen alleen iets zeggen over het aantal toegekende aanvragen.
Het aantal toegekende aanvragen schommelt (zie overzicht bij vraag 1). In 2022 en 2023 was er sprake van een stijging, in 2022 sterker dan in 2023. We weten nog niet of deze stijgende lijn zich doorzet. Cijfers over 2024 worden pas later dit jaar beschikbaar.
- Kunt u onderbouwen in hoeverre indexeren van dit bedrag niet mogelijk is binnen het beschikbare budget bijzondere bijstand?
Antwoord:
De maximale bijdrage voor deelname aan het maatschappelijk verkeer is in 2017 vastgesteld. Als we de bijdrage jaarlijks hadden geïndexeerd op basis van de consumentprijsindex (cpi), zouden we in 2023 op een totaalbedrag van ongeveer € 65.000,00 zijn uitgekomen. Dus € 13.000,00 meer dan nu. Er is binnen het budget bijzondere bijstand geen € 13.000,00 over. Sterker nog, we komen jaarlijks tekort.
Adviezen van ASD en reactie van het college daarop:
Aan het college van burgemeester en wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 3 november 2025
Geacht college,
De adviesraad heeft in haar vergadering van 23 september Lydia Rullens, van het Huis van Rie, ontvangen. Het gesprek heeft bij de adviesraad vragen opgeroepen over hoe het werken vanuit de Visie Sociaal Domein in de praktijk vormt krijgt. De adviesraad vraagt zich daarbij af of alle inwoners van de gemeente het maatwerk krijgen wat ze nodig hebben.
De visie sociaal domein heeft als kernwaarden dat iedereen kan meedoen op een manier die betekenis geeft voor hem/haar en zich kan blijven ontwikkelen om te kunnen omgaan met de uitdagingen van het leven (Pijnacker-Nootdorp, 2024, p. 3). De visie noemt ook de financiële uitdagingen voor het sociaal domein en ook voldoende personeel om de diensten te kunnen leveren (Pijnacker-Nootdorp, 2024, p. 2).
Met de visie als leidraad, heeft de adviesraad naar aanleiding van het gesprek een aantal vragen.
1. Is er in de regionale samenwerking voldoende ruimte voor lokaal maatwerk en innovatie vanuit (kleine) lokale initiatieven?
2. Valt de doelgroep voor deze voorziening onder de 5% kwetsbaren of 15% potentieel/in-cidenteel kwetsbaren (Pijnacker-Nootdorp, 2024, p. 12) ?
3. Welk passend alternatief is er, wanneer deze voorziening zou verdwijnen, beschikbaar voor de mensen die nu gebruik maken van het Huis van Rie?
4. Op welke wijze zijn de alternatieven passend bij de individuele zorgvragen van de inwoners die momenteel gebruik maken of hebben gemaakt van deze voorziening?
5. Hebbend de alternatieven dezelfde belasting op het financiële kader van de gemeente en de lokale beschikbaarheid van personeel?
De adviesraad benadrukt dat er geen positie wordt ingenomen over het wel of niet contracteren van een individuele organisatie. De adviesraad kijkt vanuit de visie op het sociaal domein naar dit voorbeeld van uitvoering van de visie in beleid en praktijk en vraagt zich dan af of hier sprake is van passend beleid en uitvoering voor de inwoners. Voor de adviesraad is belangrijk dat de uitvoering van beleid recht moet doen aan de vragen die bij de inwoners leven. Maatwerk moet daarbij leidend zijn. Het Huis van Rie is een voorbeeld van de uitdagingen die het college heeft bij de uitvoering van de visie in de praktijk en om het beleid in de praktijk uit te laten gaan van de (kernwaarden) van de visie.
Om goed te kunnen beoordelen hoe de visie vertaald wordt naar de uitvoeringspraktijk kan de adviesraad op dit moment alleen een beroep doen op de in de visie opgenomen Uitvoeringsagenda op hoofdlijnen. (Pijnacker-Nootdorp, 2024, p. 54). Het is ons niet bekend dat deze inmiddels verder geconcretiseerd is. Indien dit wel het geval is, dan ontvangt de adviesraad graag de definitieve uitvoeringsagenda.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
voorzitter
1. Algemeen
De ASD H9 waardeert de inzet en ambitie die uit de regiovisie spreekt. Wij pleiten voor behoud en borging van regionale expertise en samenwerking. Te overwegen valt om een in H9-verband gemeenschappelijk minimumkader vast te stellen ter reductie van postcode ongelijkheid.
2. Financiën en impact
De regiovisie benoemt een toename van adviesaanvragen sinds 2019 (+18,6%). Wij vragen ons af hoe deze stijging zich verhoudt tot de ogenschijnlijke bezuinigingen binnen de regio.
De financiële onderbouwing van de lokale taken is onvoldoende uitgewerkt. Wij pleiten voor meer transparantie over de financiering van lokale teams en de inzet van middelen door centrumgemeenten. We zien verder dat de indexatie (als we ons niet vergissen en het jaar 2019 als een ijk-lijn nemen) een toename van ca 47% van de inwonersbijdrage zou veroorzaken. Het wegvallen van middelen voor deskundigheidsbevordering in de komende jaren is zorgwekkend. Bij een hoge ambitie hoort ook adequate financiële ondersteuning. Om alle achterstand goed en correct te verwerken en de regionale ambitie te realiseren hebben we aanzienlijk meer investeringen nodig dan nu begroot lijken te gaan worden.
3. Preventie en vroegsignalering
- Wij onderschrijven het belang van preventie en vroegsignalering, maar vragen om meer/extra aandacht voor:
- Voorlichting op basisscholen;
- Preventieaanbod voor kinderen die huiselijk geweld hebben meegemaakt;
- Het versterken van samenwerking tussen de verloskundige praktijk met het overige sociaal domein, zoals maatschappelijk werk en GGZ, zodat er ook daadwerkelijk vroeg gesignaleerd kan worden;
- De regiovisie biedt een breed overzicht van initiatieven, maar mist samenhang met bestaande preventie-activiteiten. Wij adviseren een meer geïntegreerde benadering binnen de huidige activiteiten, waar huiselijk geweld ook een plek krijgt.
4. Deskundigheidsbevordering
- Als deskundigheidsbevordering cruciaal is, waarom wordt hier dan niet extra in geïnvesteerd?
- Wij pleiten voor een bredere inzet van deskundigheidsbevordering, inclusief richting voorliggende voorzieningen en de eerste en tweede lijn.
5. Lokale teams
- De rol en invulling van lokale teams blijft voor ons onduidelijk. Wij adviseren:
- Meer duidelijkheid over hun taken en verantwoordelijkheden;
- Inbedding in de bestaande zorginfrastructuur in plaats van gemeentelijke organisatie, om verloop te beperken. Een effectieve(re) regie vanuit de gemeente is nadrukkelijk gewenst;
- Aandacht voor borging van continuïteit en kwaliteit bij overdracht van taken.
6. Samenwerking en proeftuin
- Wij steunen het belang van samenwerking en de proeftuin Toekomstscenario. Wel adviseren wij:
- Inzicht te geven hoe de overgang van proeftuin naar structurele inbedding zal worden vormgegeven;
- Andere relevante samenwerkingspartners te stimuleren deel te nemen aan de proeftuinen (we missen bijvoorbeeld een aantal GGZ-instellingen in de opsomming van partners).
7. Monitoring en duiding
- De regiovisie noemt (keten)monitoring, maar cijfermatige duiding van de huidige situatie is beperkt beschreven. Wij adviseren:
- Te rapporteren over de ontwikkeling van wachtlijsten;
- Te rapporteren over de effectiviteit van ingezette interventies;
- Te rapporteren over realisatie van doelen en streefcijfers.
8. Intieme terreur en maatschappelijke houding
Wij vragen aandacht voor het maatschappelijk debat over intieme terreur en de houding van burgers. Dit vraagt om educatie en bewustwording, juist ook buiten de professionele kaders in/met de (lokale) samenleving.
Geachte heer Van Adrichem, geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein,
Op 17 november 2025 ontvingen wij uw advies over de Beleidsregels jeugdhulp 2025. Wij danken u hartelijk voor uw zorgvuldige reactie. Hieronder gaan wij per onderdeel in op uw opmerkingen.
Voorgeschiedenis
Wij waarderen het dat u in uw advies het verband legt met de eerder vastgestelde Verordening jeugdhulp 2025. Zoals u terecht opmerkt, vormen de beleidsregels een nadere uitwerking van deze verordening. De uitgangspunten uit uw eerdere advies hebben wij betrokken bij de verdere uitwerking. Het is prettig om te lezen dat u de actualisaties destijds als verbeteringen heeft ervaren en dat u de lijn daarvan ook in deze beleidsregels herkent.
Toelichting op de beleidsregels
U geef aan dat de beleidsregels aansluiten bij de verordening en u heeft de belangrijkste wijzigingen helder samengevat. De verduidelijkingen rondom procedures, kwaliteitseisen en de uitwerking van voorzieningen zijn bedoeld om de praktijk houvast te geven en procesmatig meer eenduidigheid te creëren. Wij zijn blij dat u constateert dat deze toelichtingen de uitvoerbaarheid versterken en duidelijkheid bieden voor zowel inwoners als professionals.
Maatwerk
Wij waarderen uw aandacht voor het belang van maatwerk. Zoals u terecht aangeeft, is het belangrijk dat professionals voldoende ruimte houden om een afweging te maken die past bij de situatie van het gezin. Wij nemen uw advies mee om blijvend aandacht te houden voor het realistisch inschatten van de draagkracht en draaglast van ouders en het integraal beoordelen van zowel de hulpvraag als de context van het gezin, inclusief eventuele onderliggende problematiek. Bij de verdere implementatie van de beleidsregels blijven wij dit onder de aandacht brengen bij de uitvoering. Ook het prioriteren van de meest kwetsbare inwoners wordt hierin meegenomen.
Duidelijke informatie
Uw advies over het belang van heldere en toegankelijke informatievoorziening nemen wij mee in de verdere uitwerking van de implementatie. Wij blijven inzetten op duidelijke communicatie richting inwoners, onder andere via cliëntondersteuning, een begrijpelijk stappenplan en actuele informatie op onze website. Ook zorgen wij ervoor dat wijzigingen, zoals tariefaanpassingen, tijdig en zorgvuldig worden gecommuniceerd.
Tot slot
Wij danken u voor uw positieve en constructieve advies. Uw betrokkenheid helpt ons de beleidsregels zo goed mogelijk te laten aansluiten op de praktijk en de behoefte van inwoners.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
secretaris
Björn Lugthart
burgemeester
Aan het College van Burgemeester en
Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 17 november 2025
Betreft advies van de Adviesraad Sociaal Domein inzake Beleidsregels jeugdhulp gemeente Pijnacker-Nootdorp 2025.
Geacht College,
Recent ontvingen wij uw verzoek om over de hier boven genoemde beleidsregels advies uit te brengen.
Tijdens ons overleg op 21 oktober 2025 hebben Sharon van Belzen en Samantha van Steijn de beleidsregels toegelicht. Aansluitend hebben wij de beleidsregels intern besproken en vervolgens dit advies opgesteld.
Voorgeschiedenis
De beleidsregels zijn een nadere uitwerking van de in 2024 vastgestelde verordening. Daarover heeft de ASD destijds advies uitgebracht.
In dat advies heeft de ASD de volgende punten benadrukt.
- In de aanpassingen als gevolg van uitspraken van de Centrale Raad van Beroep ziet de Adviesraad een verbetering en verduidelijking.
- De aanpassing van het tarief voor niet-professionele hulp op basis van jurisprudentie vindt de Adviesraad redelijk.
- De concretere beschrijving van criteria waaraan vooral de kwaliteit van de hulpverlening moet voldoen is een duidelijke verbetering.
- De Adviesraad vindt het belangrijk dat in de uitvoering bij een hulpvraag integraal gekeken wordt naar aanvrager en gezin, met een realistisch beeld van de eigen draagkracht.
Toelichting op de beleidsregels
Belangrijkste aanpassingen:
- De identificatieplicht is verduidelijkt en qua mogelijkheden uitgebreid.
- De kwaliteitseisen van de medewerkers van het kernteam zijn nader uitgewerkt.
- Toegevoegd is welke personen bevoegd zijn om de aanvraag te ondertekenen
- De begrippen gebruikelijke en bovengebruikelijke hulp zijn nader uitgewerkt.
- Toegelicht wordt welke hulp het kernteam aan jeugdigen en ouders kan bieden. Per onderzoek wordt gekeken of het kernteam de hulp zelf kan bieden of dat er specialistische hulp moet worden ingezet.
- De individuele voorzieningen ambulante opvoedondersteuning, begeleiding en dagbesteding zijn toegelicht met een productomschrijving van het Servicebureau Jeugdhulp. Dagbesteding of groepsbegeleiding gaan voor op individuele begeleiding, zodat het kind ook van anderen kan leren. Per kind kijkt het kernteam wat het beste zal werken. Mocht individuele begeleiding na verloop van tijd toch beter zijn, dan kan daarop overgegaan worden.
- De voorziening vervoer is nader uitgewerkt. Het belang van ‘zelfvervoer’ wordt benadrukt. Streven naar een ‘warme’ overdracht van het kind door de ouders naar de school. Wel wordt gekeken of en wanneer dit mogelijk is voor de ouders.
- Het PGB tarief wordt één keer per jaar vastgesteld in plaats van halfjaarlijks. Dit bespaart de gemeente veel werk en levert de ontvanger een bescheiden financieel voordeel op.
Deze regel wijkt af van de verordening en zal in 2026 daarin worden aangepast.
- Mensen die een Pgb ontvangen voor niet professionele hulp en voor wie het bedrag dus nu gelijkgesteld wordt met wettelijk bruto minimumloon, inclusief vakantietoeslag, zijn hierover al geïnformeerd, zowel schriftelijk als persoonlijk.
- Vermoedelijke ingangsdatum nog voor 1 januari 2026.
Advies
De ASD heeft kennis genomen van de nieuwe beleidsregels en vindt ze in lijn met de destijds vastgestelde verordening. De adviesraad brengt dan ook een positief advies uit met nog een tweetal opmerkingen.
Maatwerk
Zoals in ons advies bij de verordening al is gemeld, kunnen we instemmen met de scherpere inkadering van de mogelijkheden, die daarmee duidelijkheid creëren voor aanvrager, beoordelaar en hulpverlener.
Tegelijk willen wij ook nu benadrukken dat de professional altijd de ruimte moet houden om voor maatwerk te kiezen. Het is goed om uit te gaan van de eigen kracht van ouders, maar die draagkracht mag niet overschat worden. Wij vinden het belangrijk dat wordt gezocht naar manieren om voor de mensen die ondersteuning het hardste nodig hebben passende ondersteuning beschikbaar te stellen.
Leidend bij de beoordelende professionals moet blijven dat integraal gekeken wordt naar de situatie en dat adequate ondersteuning wordt geboden. Soms direct gericht op het kind, maar indien nodig ook gericht op onderliggende problematiek, zoals schulden- of echtscheidingsproblemen.
Meer algemeen vinden we als ASD dat wanneer gekozen moet worden wie welke hulp nodig heeft, de ondersteuning aan de meest kwetsbare inwoners prioriteit krijgt.
Duidelijke informatie
Wellicht ten overvloede willen we hier ook nog eens het belang van een goede informatievoorziening benadrukken. Naast de in artikel 2.2 genoemde cliëntondersteuning en de bij 2.3 genoemde vertrouwenspersoon, betekent dat in onze ogen ook een duidelijke handleiding en een gebruiksvriendelijk stappenplan. Met tot slot duidelijke informatie op de gemeentelijke website over voorliggende voorzieningen.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
Voorzitter
Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein,
Op 17 november 2025 ontvingen wij uw advies over de Lokale Inclusie Agenda. Wij danken u hartelijk voor uw advies. Hieronder gaan wij per onderdeel in op uw opmerkingen.
Algemeen
De adviesraad is positief over het feit dat er nu een lokale inclusie agenda is. Voor het eerst is er nu een overzicht welke activiteiten worden ondernomen om de deelname aan het maatschappelijk verkeer van personen met een handicap te verbeteren. In beeld is gebracht hoe de gemeente het denken over inclusiviteit toepast rond de volgende thema’s: Cultuur en evenementen, onderwijs, sport, werk en inkomen, dienstverlening en communicatie, openbare ruimte, vervoer, welzijn/zorg/gezondheid, wonen en bewustwording. Met name gericht op het wegnemen van barrières en het vergroten van de toegankelijkheid. Dat op zich vindt de ASD een positieve ontwikkeling.
Reactie
Net als uw adviesraad vinden wij het positief dat er een Lokale Inclusie Agenda ligt en onderstrepen wij het belang van de Lokale Inclusie Agenda voor onze gemeente. Wij zijn trots dat wij- stap voor stap-toewerken naar een nog toegankelijkere gemeente voor iedereen. En vooral dat we hierin samen optrekken met onze inwoners en maatschappelijke partners. Met de Lokale Inclusie Agenda dragen wij bij aan het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, dat Nederland in 2016 heeft ondertekend.
Resultaat
De agenda vinden wij inhoudelijk teleurstellen. Er wordt vooral beschreven wat er nu al is en wat met kleine ingrepen verbeterd kan worden. Er is slechts een bescheiden budget voor vrijgemaakt. Na het voortraject met de startnotitie hadden we een beter onderbouwde start en aanpak verwacht. In die richting heeft de ASD ook geadviseerd in dat voortraject. (advies inzake het opstellen van een lokale inclusie agenda dd. 6 november 2024)
In een vrijwel raadsbreed ondersteunde motie heeft de gemeenteraad u als college destijds opgeroepen tot het opstellen van een lokale inclusie agenda. Uit die motie proefden wij de behoefte aan meer ambitie op dit beleidsterrein. Die ambitie zien wij niet terug in de nu voorliggende agenda.
Als adviesraad zijn wij betrokken bij de inventarisatie in het voortraject. In oktober 2024 hebben we een belangrijk deel van onze jaarlijkse studiedag gewijd aan dit onderwerp. Met input van Movisie hebben we vervolgens het eerdergenoemde advies opgesteld. In dat advies hebben we benadrukt dat een inclusieve samenleving essentieel is voor de sociale cohesie en het welzijn van inwoners. Inclusie is een breed begrip waar veel thema’s onder vallen. Te denken valt aan fysieke en sociale toegankelijkheid, LHBTQI+ acceptatie, voldoende beantwoording van culturele diversiteit, bestrijden van discriminatie en burgerparticipatie. Om te komen tot een LIA vinden wij het belangrijk een visie te hebben op inclusie en te analyseren waar binnen onze gemeente de prioriteiten zouden moeten liggen. In de destijds door ons geformuleerde aanbevelingen hebben we dit als eerste punt benadrukt.
‘Analyseer de huidige situatie binnen onze gemeente en bepaal waar de prioriteit ligt. Het is belangrijk zicht te hebben op waar de grootste uitdagingen liggen als het om inclusie binnen de gemeente gaat. Door met inwoners en belanghebbenden in gesprek te gaan kunnen de grootste knelpunten die inclusie belemmeren worden geïdentificeerd en worden opgenomen als startpunt voor de inclusie agenda.’
Nu deze lokale inclusie agenda voor ons ligt kunnen wij een gevoel van teleurstelling niet onderdrukken. Ons advies om de ontwikkeling te beginnen met een brede oriëntatie en op basis daarvan keuzes te maken voor de uitvoering is niet of vrijwel niet benut. Er wordt meteen gekozen om de aandacht te richten op personen met een beperking. Belangrijk accent de verbetering van de toegankelijkheid voor met name personen met een fysieke handicap. Het voelt voor ons als het spreekwoordelijke laaghangend fruit.
Reactie
Het VN-verdrag Handicap en de motie van de gemeenteraad hebben als kader gediend bij het opstellen van de Lokale Inclusie Agenda. Daarin is opgenomen om een plan te maken voor het tweejaarlijks opstellen van een uitvoeringsagenda van het VN-verdrag Handicap met de handreiking ‘Lokale Inclusie Agenda’ van de VNG als basis. En breed ervaringsdeskundigheid te organiseren (dus mensen met een fysieke, psychische, mentale, intellectuele en zintuiglijke beperking) om te betrekken bij de ontwikkeling en monitoring van de uitvoeringsagenda VN-verdrag Handicap en bij het nieuwe beleid. Daarmee is de focus van de Lokale Inclusie Agenda gericht op inwoners met een beperking.
De gemeente Pijnacker-Nootdorp streeft naar een samenleving waarin iedereen, ongeacht achtergrond of beperking, volwaardig kan deelnemen. Inclusie betekent voor ons het actief wegnemen van belemmeringen en het bevorderen van gelijke kansen voor alle inwoners. Binnen verschillende domeinen wordt reeds gewerkt aan inclusief beleid. We delen daarom ook graag met u de informatiebrief die half oktober 2025 aan de gemeenteraad is gestuurd met een overzicht van de initiatieven die momenteel binnen onze gemeente worden ingezet om inclusie te bevorderen.
Helaas is er- gezien de financiële situatie van de gemeente- geen substantieel structureel budget beschikbaar voor de uitvoering van de Lokale Inclusie Agenda. Daarom is binnen bestaande plannen en projecten naar ruimte gezocht om toegankelijke actiepunten voor de komende twee jaar uit te kunnen voeren.
Overige aanbevelingen
Ook van onze overige aanbevelingen vinden we te weinig terug in deze agenda.
2. Zorg voor een heldere visie als onderdeel van het lokale gezondheidsbeleid.
- Zorg als gemeente voor een inclusief (personeels)beleid.
- Stel indicatoren op en laat ze een vast onderdeel worden bij de bestuurlijke besluitvorming.
- Evalueer en stel bij.
- Maak gebruik van best practices en betrek stakeholders
- Zorg voor geoormerkte (financiële) middelen
Reactie
- Zorg voor een heldere visie als onderdeel van het lokale gezondheidsbeleid.
In de Nota Lokaal Gezondheidsbeleid 2025- 2028 is de volgende visie opgenomen:
Samen gaan we voor een inclusieve en veerkrachtige samenleving waarin iedereen kan
meedoen, gelijke kansen krijgt en in staat is om te gaan met de uitdagingen van het leven.
We gaan voor inwoners die:
- Zich fysiek, mentaal en emotioneel gezond voelen (positieve gezondheid)
- Met het heft in eigen handen vorm kunnen geven aan hun leven (eigen regie)
- Sociaal en betrokken zijn en kunnen meedoen aan de samenleving.
Bij de uitvoering van de Lokale Inclusie Agenda wordt ook de uitvoering van de nota Lokaal Gezondheidsbeleid 2025- 2028 betrokken, zoals ook vermeld staat in hoofdstuk 3.8. Welzijn, ondersteuning en gezondheid. Een voorbeeld hierin is de inzet van de beweegcoach, aangepast sporten voor inwoners met een beperking en de inzet op laaggeletterde inwoners.
3. Zorg als gemeente voor een inclusief (personeels)beleid.
Wij onderstrepen het belang van een inclusief (personeels)beleid voor de ambtelijke organisatie. Daarom zijn er medewerkers met een arbeidsbeperking in dienst bij de gemeente. Dit zijn medewerkers met een garantiebaan. Ook heeft de gemeente voor haar medewerkers een mantelzorgbeleid, zodat medewerkers werk en privé- ook bij zware mantelzorgtaken- goed kunnen combineren. De gemeente Pijnacker- Nootdorp is een ‘Erkende mantelzorgvriendelijke organisatie’ sinds 1 januari 2023.
4. Stel indicatoren op en laat ze een vast onderdeel worden bij de bestuurlijke besluitvorming.
Het VN-verdrag Handicap geeft ons als gemeente de opdracht mee om bij het ontwikkelen van nieuw beleid direct rekening te houden met de positie van mensen met een beperking en verbeteringen door te voeren in bestaand beleid. Bij de verdere beleidsvorming- waar inclusie randvoorwaardelijk wordt meegenomen- worden indicatoren opgesteld. Dit maakt onderdeel uit van dit actiepunt in de Lokale Inclusie Agenda: Wij verankeren inclusie structureel in al ons beleid, dienstverlening en uitvoering.
5. Evalueer en stel bij.
De uitvoering, evaluatie en bijstelling van de Lokale Inclusie Agenda is een continu proces. We staan open voor feedback, monitoren ons beleid regelmatig en passen het tweejaarlijks aan op basis van nieuwe inzichten en ervaringen uit de praktijk. Dit doen we samen met de klankbordgroep en in afstemming met de gemeenteraad.
6. Maak gebruik van best practices en betrek stakeholders
Wij hebben in de totstandkoming van de Lokale Inclusie Agenda een breed netwerk ontwikkeld met andere gemeenten, stakeholders en de VNG om best practices te delen en overige ervaringen te delen. Wij zullen dit netwerk in stand houden en bij evaluaties van de Lokale Inclusie Agenda gebruiken om verbeteringen door te voeren.
7. Zorg voor geoormerkte (financiële) middelen
Wij onderstrepen het belang van geoormerkte (financiële) middelen. Echter zijn deze niet beschikbaar en hebben wij de Lokale Inclusie Agenda opgesteld aan de hand van de ruimte die wij hebben kunnen vinden in bestaande plannen en projecten.
Betrekken van inwoners
In de agenda geeft u aan dat inwoners, maatschappelijke partners en medewerkers van de gemeente hun ervaringen hebben ingebracht. Dat waarderen wij, het sluit ook aan bij ons advies. Echter de input tijdens een inwonersbijeenkomst van een groep van 30 inwoners vinden wij wel heel selectief. Een groep van die omvang is niet representatief. De adviesraad is wel positief over de vorming van een permanente klankbordgroep. Maar opnieuw willen we hier benoemen dat deze klankbordgroep alleen gericht is op fysieke toegankelijkheid. Dat is voldoende om maatregelen gericht op die toegankelijkheid te monitoren, maar heel beperkt wanneer het doel in feite inclusie zou moeten zijn.
Reactie
In het participatieproces van de Lokale Inclusie Agenda zijn verschillende acties ondernomen om de inzichten van betrokkenen mee te nemen. Er zijn maatschappelijke organisaties, inwoners en medewerkers van de ambtelijke organisatie op verschillende manieren betrokken. Tijdens de inwonersbijeenkomst waren 30 deelnemers aanwezig, met veel verschillende achtergronden en ervaringsdeskundigheid. Dit zijn inwoners die normaliter niet bij participatiebijeenkomsten van de gemeente aanwezig zijn en echt inwoners voor wie de inclusieagenda bedoeld is. Zoals een jonge inwoner met een lichte verstandelijke beperking, inwoners met niet aangeboren hersenletsel en fysieke beperkingen. Daarnaast hebben wij via telefoon en e-mail nog meer reacties van inwoners mogen ontvangen. Niet alle inwoners vonden het prettig om mee te denken in een participatiebijeenkomst, maar hebben wel op andere manieren meegedacht. Op initiatief van De Zonnebloem Pijnacker heeft er tevens nog een aanvullend gesprek plaatsgevonden met de vrijwilligers over de Lokale Inclusie Agenda tijdens een vrijwilligersvergadering.
Klankbordgroep toegankelijkheid
De klankbordgroep bestaat uit inwoners met verschillende soorten beperkingen en/of chronisch zieken. Ook zijn hun naasten, zoals mantelzorgers/ ouders, onderdeel van de klankbordgroep. Zij vertegenwoordigen een brede groep inwoners uit onze gemeente die aansluit bij de opgave uit de Lokale Inclusie Agenda. De ambitie van de klankbordgroep is om nog verder uit te breiden en leden te vinden die onder het brede begrip van inclusie valt. In de tussentijd melden nieuwe klankbordleden zich aan.
Wij onderstrepen deze ambitie. Door de oprichting van de klankbordgroep toegankelijkheid kunnen wij ook een grotere groep inwoners met een beperking bereiken via de leden van de klankbordgroep.
Samen met leden van de klankbordgroep hebben we op 30 oktober 2025 deelgenomen aan een avond over samenwerken aan de toekomst van de gehandicaptenzorg van DSW.
Actiepunten
Kijken we alleen naar de genoemde actiepunten, dan kunnen we ons daar op zich wel in vinden. Het zijn zinvolle acties gericht op aandacht voor toegankelijkheid. Wel blijkt regelmatig het ontbreken van een substantieel budget beperkend in relatie tot het geformuleerde doel. Voorbeeld hiervan het overleg met ondernemers over het zo toegankelijk mogelijk maken van winkels en horeca. De gemeente kan geen financiële ondersteuning bieden om verbeteringen mogelijk te maken.
Reactie
Dank dat u de genoemde actiepunten onderschrijft. Wij zien- net als u- het belang van geoormerkte (financiële) middelen. Omdat deze er op dit moment helaas niet zijn, proberen wij zo veel mogelijk in te zetten binnen de lopende plannen en projecten. Zo zorgen wij ervoor dat wij- stap voor stap- een toegankelijkere en inclusievere gemeente voor onze inwoners worden.
Tot slot
Wij danken u voor uw advies en het uitspreken van uw ambitie. Uw betrokkenheid helpt ons de Lokale Inclusie Agenda zo goed mogelijk te laten aansluiten op de praktijk en de behoefte van inwoners.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp
Annelies Kroeskamp
secretaris
Björn Lugthart
burgemeester
Aan het College van Burgemeester en
Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 17 november 2025
Betreft advies van de Adviesraad Sociaal Domein inz. de Lokale Inclusie Agenda.
Geacht College,
Onlangs ontvingen wij uw verzoek om advies uit te brengen over de Lokale Inclusie Agenda. Met die agenda geeft u invulling aan de verplichting om lokaal beleid te ontwikkelen in vervolg op de ondertekening door de Nederlandse overheid van het VN verdrag inzake de rechten van personen met een handicap in 2016.
Tijdens ons overleg van 21 oktober 2025 is de LIA toegelicht door Nadia Eijken. Aansluitend hebben wij de agenda intern besproken en dat heeft geleid tot het volgende advies.
Algemeen
De adviesraad is positief over het feit dat er nu een lokale inclusie agenda is. Voor het eerst is er nu een overzicht welke activiteiten worden ondernomen om de deelname aan het maatschappelijk verkeer van personen met een handicap te verbeteren. In beeld is gebracht hoe de gemeente het denken over inclusiviteit toepast rond de volgende thema’s: Cultuur en evenementen, onderwijs, sport, werk en inkomen, dienstverlening en communicatie, openbare ruimte, vervoer, welzijn/zorg/gezondheid, wonen en bewustwording. Met name gericht op het wegnemen van barrières en het vergroten van de toegankelijkheid. Dat op zich vindt de ASD een positieve ontwikkeling.
Resultaat
De agenda vinden wij inhoudelijk teleurstellen. Er wordt vooral beschreven wat er nu al is en wat met kleine ingrepen verbeterd kan worden. Er is slechts een bescheiden budget voor vrijgemaakt. Na het voortraject met de startnotitie hadden we een beter onderbouwde start en aanpak verwacht. In die richting heeft de ASD ook geadviseerd in dat voortraject. (advies inzake het opstellen van een lokale inclusie agenda dd. 6 november 2024)
In een vrijwel raadsbreed ondersteunde motie heeft de gemeenteraad u als college destijds opgeroepen tot het opstellen van een lokale inclusie agenda. Uit die motie proefden wij de behoefte aan meer ambitie op dit beleidsterrein. Die ambitie zien wij niet terug in de nu voorliggende agenda.
Als adviesraad zijn wij betrokken bij de inventarisatie in het voortraject. In oktober 2024 hebben we een belangrijk deel van onze jaarlijkse studiedag gewijd aan dit onderwerp. Met input van Movisie hebben we vervolgens het eerdergenoemde advies opgesteld. In dat advies hebben we benadrukt dat een inclusieve samenleving essentieel is voor de sociale cohesie en het welzijn van inwoners. Inclusie is een breed begrip waar veel thema’s onder vallen. Te denken valt aan fysieke en sociale toegankelijkheid, LHBTQI+ acceptatie, voldoende beantwoording van culturele diversiteit, bestrijden van discriminatie en burgerparticipatie. Om te komen tot een LIA vinden wij het belangrijk een visie te hebben op inclusie en te analyseren waar binnen onze gemeente de prioriteiten zouden moeten liggen.
In de destijds door ons geformuleerde aanbevelingen hebben we dit als eerste punt benadrukt.
‘Analyseer de huidige situatie binnen onze gemeente en bepaal waar de prioriteit ligt. Het is belangrijk zicht te hebben op waar de grootste uitdagingen liggen als het om inclusie binnen de gemeente gaat. Door met inwoners en belanghebbenden in gesprek te gaan kunnen de grootste knelpunten die inclusie belemmeren worden geïdentificeerd en worden opgenomen als startpunt voor de inclusie agenda.’
Nu deze lokale inclusie agenda voor ons ligt kunnen wij een gevoel van teleurstelling niet onderdrukken. Ons advies om de ontwikkeling te beginnen met een brede oriëntatie en op basis daarvan keuzes te maken voor de uitvoering is niet of vrijwel niet benut. Er wordt meteen gekozen om de aandacht te richten op personen met een beperking. Belangrijk accent de verbetering van de toegankelijkheid voor met name personen met een fysieke handicap. Het voelt voor ons als het spreekwoordelijke laaghangend fruit.
Ook van onze overige aanbevelingen vinden we te weinig terug in deze agenda.
- Zorg voor een heldere visie als onderdeel van het lokale gezondheidsbeleid.
- Zorg als gemeente voor een inclusief (personeels)beleid.
- Stel indicatoren op en laat ze een vast onderdeel worden bij de bestuurlijke besluitvorming.
- Evalueer en stel bij.
- Maak gebruik van best practices en betrek stakeholders
- Zorg voor geoormerkte (financiële) middelen
Betrekken van inwoners
In de agenda geeft u aan dat inwoners, maatschappelijke partners en medewerkers van de gemeente hun ervaringen hebben ingebracht. Dat waarderen wij, het sluit ook aan bij ons advies.
Echter de input tijdens een inwonersbijeenkomst van een groep van 30 inwoners vinden wij wel heel selectief. Een groep van die omvang is niet representatief.
De adviesraad is wel positief over de vorming van een permanente klankbordgroep.
Maar opnieuw willen we hier benoemen dat deze klankbordgroep alleen gericht is op fysieke toegankelijkheid. Dat is voldoende om maatregelen gericht op die toegankelijkheid te monitoren, maar heel beperkt wanneer het doel in feite inclusie zou moeten zijn.
Actiepunten
Kijken we alleen naar de genoemde actiepunten, dan kunnen we ons daar op zich wel in vinden. Het zijn zinvolle acties gericht op aandacht voor toegankelijkheid.
Wel blijkt regelmatig het ontbreken van een substantieel budget beperkend in relatie tot het geformuleerde doel. Voorbeeld hiervan het overleg met ondernemers over het zo toegankelijk mogelijk maken van winkels en horeca. De gemeente kan geen financiële ondersteuning bieden om verbeteringen mogelijk te maken.
Tenslotte
Positief blijft ons gevoel dat er nu structureel aandacht is voor inclusiviteit. Als adviesraad adviseren wij u en de gemeenteraad om dit thema met meer ambitie te benaderen. In de wetenschap dat een brede aanpak om inclusie te bevorderen vraagt om een substantieel budget.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
Voorzitter
cc. Griffie t.a.v. de gemeenteraadsfracties
Pijnacker, 10 oktober 2025
Dank voor uw reactie dd. 4 september 2025 op ons advies op het ontwerpbeleid pré-mantelzorgwoningen in de gemeente Pijnacker-Nootdorp.
Wij hebben kennisgenomen van uw argumenten om gedeeltelijk in te gaan op ons advies.
In deze brief nemen we de vrijheid om nogmaals in te gaan op de mogelijkheid van het plaatsen van een pre-mantelzorgwoning bij een bedrijfswoning. Op zich zijn wij blij met de uitbreiding van de mogelijkheden in lijn met ons advies.
Tegelijkertijd heeft het ons wel verbaasd dat bij de mondelinge toelichting gesproken werd over strenge regels vanuit de Raad van State met betrekking tot het bouwen op terreinen met een bedrijfsbestemming, terwijl uw voorstel aan de raad om pré-mantelzorgwoningen nu alsnog toe te staan in het buitengebied aangeeft, dat de landelijke regels daarvoor kennelijk toch ruimte bieden.
Daarop aansluitend willen we u verzoeken om die mogelijkheden nog wat ruimer te benutten.
De adviesraad kan zich voorstellen dat pré-mantelzorgwoningen op bedrijventerreinen als Heron, de Boezem, Ruijven niet verstandig zijn. Het is goed om deze bedrijventerreinen echt voor bedrijfsontwikkeling te bestemmen.
Wat de gebieden voor de glastuinbouw en in het algemeen met een agrarische bestemming betreft, vinden we die keuze minder vanzelfsprekend. Daar is vaker voldoende ruimte en kan de wens leven om bij bedrijfsopvolging in de familie een woning bij te bouwen voor de ouders. Daarmee die ouders na de bedrijfsoverdracht de mogelijkheid biedend nog actief te blijven op het bedrijf.
In onze gemeente zijn meerdere glastuinbouwgebieden waar sprake is van gedeeltelijke nieuw- en uitbouw in combinatie met oudere opstallen. In die gebieden, die immers ook tot het buitengebied behoren, zou de gemeente zich soepel kunnen opstellen bij aanvragen voor de plaatsing van pré-mantelzorgwoningen.
Benoem waar het echt niet kan en biedt daar buiten de gelegenheid om een pré-mantelzorgwoning te bouwen.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
Voorzitter
cc. Griffie t.a.v. de gemeenteraadsfracties
Gemeente Pijnacker-Nootdorp
Oranjeplein 1
2641EZ Pijnacker
onderwerp College reactie op advies ASD inzake het beleid voor pré-mantelzorgwoningen nadere informatie B.M.L Woutersen
verzenddatum 4 september 2025
zaaknummer 1601185
briefnummer 1469056
uw brief van 14 juli 2025
uw kenmerk
Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein,
Hartelijk dank voor uw advies van 14 juli 2025 over het ontwerpbeleid pré-mantelzorgwoningen. Graag geven wij een reactie op uw advies en informeren wij u over het vervolg.
Positieve ontwikkeling
Wij zijn blij dat u onze inzet voor uitbreiding van de mogelijkheden voor de bouw van een mantelzorgwoning naar een periode voordat deze mantelzorg nodig is, waardeert. Dit beleid biedt inwoners de mogelijkheid om preventief actie te ondernemen en niet op een later moment voor voldongen feiten te staan. Fijn dat u de geformuleerde kaders duidelijk vindt en dat u uw inbreng herkent. U plaatst twee kanttekeningen in uw advies. Daar geven we hieronder een reactie op.
Een termijn van 15 jaar
U geeft aan moeite te hebben met het feit dat voor een periode van maximaal 15 jaar medewerking wordt verleend. Wij begrijpen de wens voor een langere termijn voor de pré- en postmantelzorg, maar de periode waarvoor een gemeente een tijdelijke vergunning kan verlenen is beperkt. In de Omgevingswet staat dat voor een periode van maximaal 15 jaar een tijdelijke vergunning kan worden verleend. Verdere verlenging is juridisch niet mogelijk.
Een pré-mantelzorgwoning bij een bedrijfswoning
U geeft aan dat u ook graag zou zien dat pré-mantelzorgwoning bij bedrijfswoningen mogelijk worden gemaakt. Mede naar aanleiding van de zienswijze hebben we nogmaals gekeken naar de mogelijkheden om pré-mantelzorgwoningen toe te staan bij bedrijfswoningen. In de glastuinbouwgebieden en op de bedrijventerreinen staat de economische functie centraal. Bedrijven hebben daar de ruimte om te ondernemen. Een pré-mantelzorgwoning betekent dat bedrijven daar afstand toe moeten houden. We geven prioriteit aan de ruimte om te ondernemen, dit betekent dat we het niet meenemen in de uitwerking van het omgevingsprogramma glastuinbouw. In het buitengebied, bijvoorbeeld in Oude Leede of de Katwijkerlaan zijn de functies meer gemengd. Daar zijn meer mogelijkheden om een prémantelzorgwoning toe te staan, ook bij bedrijfswoningen. Bedrijven liggen hier verder uit elkaar en er staan ook al veel burgerwoningen. Daarom stellen we de gemeenteraad voor het beleid gewijzigd vast te stellen, zodat bij bedrijfswoningen in het buitengebied een pré-mantelzorgwoning kan worden gerealiseerd. Als aanvullend toetsingscriterium nemen we op dat omliggende bedrijven niet in hun bedrijfsvoering gehinderd mogen worden. Bij bedrijfswoningen in de glastuinbouw en op de bedrijventerreinen blijft het niet toegestaan.
Het vervolg
Wij hebben het voorstel om het beleid gewijzigd vast te stellen aangeboden aan de gemeenteraad. De gemeenteraad zal hier naar verwachting op 16 oktober een besluit over nemen. Wilt u alle stukken nalezen, dan kunt u kijken op de website van de gemeente, onder het kopje raadsinformatie. Wij gaan ervan uit u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Mocht u nog vragen hebben, dan kunt u altijd contact opnemen.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp, secretaris
Björn Lugthart, burgemeester
Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein H9,
Allereerst willen de colleges van de negen gemeenten in Haaglanden u hartelijk danken voor het adviestraject rondom de regiovisie huiselijk geweld. De inbreng en suggesties worden gewaardeerd en zijn waar mogelijk overgenomen en verwerkt in de eindversie van de regiovisie die de bestuurlijke route in is gegaan om vastgesteld te worden door alle gemeenteraden van de negen gemeenten.
Onderstaand wordt dieper ingegaan op de gestelde vragen.
Algemeen
De ASD H9 pleit voor behoud en borging van regionale expertise en samenwerking.
U pleit voor het behouden en borgen van de regionale expertise en samenwerking. In de nieuwe regiovisie is dit het uitgangspunt. De nieuwe regiovisie bouwt grotendeels voort op de vorige visie en zet zoveel mogelijk in op het borgen en versterken van de opgedane kennis en samenwerking binnen de regio. Daarbij is extra accent gelegd op het versterken van de samenhang tussen zorg en veiligheid.
En vraagt te overwegen om een in H9-verband gemeenschappelijk minimumkader vast te stellen ter reductie van postcode ongelijkheid.
In de regiovisie zijn activiteiten opgenomen die regionaal worden georganiseerd zoals de aanpakken MDA++ en (ex-)partnerstalking die regionaal belegd zijn bij het Zorg- en Veiligheidshuis. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het informeren van lokale teams, wijkprofessionals en veiligheidspartners over deze regionale interventies en preventieve activiteiten. Alleen als deze voorzieningen lokaal bekend en toegankelijk zijn, kunnen inwoners er daadwerkelijk gebruik van maken, waardoor regionale inzet gelijk beschikbaar blijft en postcode-ongelijkheid wordt voorkomen.
Gemeenten zijn daarnaast zelf verantwoordelijk voor de aanpak van huiselijk geweld. De gemeentelijke regierol is vastgelegd in de WMO. Dat betekent dat iedere gemeente zelf verantwoordelijk is voor het goed inrichten van de toegang, hun lokale team en de dienstverlening aan inwoners in kwetsbare en complexe situaties. Afgesproken is om de VNG-leidraad ‘werken aan veiligheid’ als uitgangspunt te gebruiken voor de opdrachtverstrekking aan de lokale teams. Daarmee voldoen alle gemeenten aan dezelfde basisvereisten.
Financiën en impact
De regiovisie benoemt een toename van adviesaanvragen sinds 2019 (+18,6%). Wij vragen ons af hoe deze stijging zich verhoudt tot de ogenschijnlijke bezuinigingen binnen de regio.
De financiering van het aantal adviesaanvragen bij Veilig Thuis is geen onderdeel van deze regiovisie. Dit valt onder de begroting van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) GGD en Veilig Thuis Haaglanden. Binnen de GR hebben beide uitvoeringsorganisaties vanaf 2026 te maken met scherpere financiële kaders. Het primaire uitvoeringsproces is bij de bezuiniging ontzien en de adviesfunctie van Veilig Thuis wordt niet geraakt door de versobering van de begroting.
De financiële onderbouwing van de lokale taken is onvoldoende uitgewerkt. Wij pleiten voor meer transparantie over de financiering van lokale teams en de inzet van middelen door centrumgemeenten.
De DUVO-middelen die centrumgemeenten Delft en Den Haag ontvangen zijn bedoeld voor en worden besteed aan de financiering van (semi) wettelijke taken als de vrouwenopvang, centrum seksueel geweld en Veilig Thuis in de regio Haaglanden. Elke gemeente moet, zoals gezegd, voldoen aan de regierol op het gebied van huiselijk geweld conform de WMO. Hoe gemeenten georganiseerd zijn en waar ze staan met de uitvoering van de leidraad ‘werken aan veiligheid’ valt buiten de invloedsfeer van deze regiovisie. De financiering van de lokale teams is een lokale aangelegenheid.
We zien verder dat de indexatie (als we ons niet vergissen en het jaar 2019 als een ijk-lijn nemen) een toename van ca 47% van de inwonersbijdrage zou veroorzaken. Het wegvallen van middelen voor deskundigheidsbevordering in de komende jaren is zorgwekkend. Bij een hoge ambitie hoort ook adequate financiële ondersteuning. Om alle achterstand goed en correct te verwerken en de regionale ambitie te realiseren hebben we aanzienlijk meer investeringen nodig dan nu begroot lijken te gaan worden.
Bij het vaststellen van de vorige regiovisie (2019-20221) is voor preventie en vroegsignalering gekozen voor een bijdrage van 30 eurocent per inwoner per gemeente zonder jaarlijkse indexatie. Gezien stijgende (en gestegen) loon- en prijskosten wordt nu gekozen om het bedrag vanaf 2026 wel jaarlijks te indexeren, maar niet op te hogen. In de regiovisie is aangegeven waar het geld aan besteed wordt en is terug te lezen dat er scherpe financiële keuzes gemaakt zijn. Over twee jaar zal er een evaluatie plaatsvinden op inhoud en financiën. Als dit aanleiding geeft tot wijziging van de financiële kaders, zal op dat moment gekeken worden naar de mogelijkheden tot ophoging van de middelen voor preventie en vroegsignalering.
Preventie en vroegsignalering
Wij onderschrijven het belang van preventie en vroegsignalering, maar vragen om meer/extra aandacht voor:
- Voorlichting op basisscholen;
- Preventieaanbod voor kinderen die huiselijk geweld hebben meegemaakt;
- Het versterken van samenwerking tussen de verloskundige praktijk met het overige sociaal domein, zoals maatschappelijk werk en GGZ, zodat er ook daadwerkelijk vroeg gesignaleerd
- kan worden;
- De regiovisie biedt een breed overzicht van initiatieven, maar mist samenhang met bestaande preventie-activiteiten. Wij adviseren een meer geïntegreerde benadering binnen de huidige activiteiten, waar huiselijk geweld ook een plek krijgt.
Gelet op de beperkte beschikbare middelen, zijn keuzes gemaakt in de activiteiten gericht op preventie en vroegsignalering. De komende jaren wordt ingezet op: trainingen voor aandachtsfunctionarissen, trainingen in de meldcode en het faciliteren van de netwerken rondom seksueel geweld en de aandachtsfunctionarissen.Uiteraard wordt daarbij de samenhang gezocht met andere trajecten, zoals Kansrijke Start en Gezonde School. De door de u genoemde punten kunnen eventueel lokaal door een gemeente bij de GGD worden ingekocht.
Deskundigheidsbevordering - Als deskundigheidsbevordering cruciaal is, waarom wordt hier dan niet extra in geïnvesteerd?
In de nieuwe regiovisie wordt nog steeds geïnvesteerd in deskundigheidsbevordering voor aandachtsfunctionarissen, en in trainingen, workshops en intervisiebijeenkomsten over ICM, femicide en intieme terreur, de (doorontwikkeling van de) routekaart naar veiligheid en de aanpak (ex-)partnerstalking. Daarmee is op alle prioriteiten uit de visie een aanbod.
- Wij pleiten voor een bredere inzet van deskundigheidsbevordering, inclusief richting voorliggende voorzieningen en de eerste en tweede lijn.
Het standpunt van alle lokale adviesraden sociaal domein wordt onderschreven. Desalniettemin hebben de eerste- en tweedelijns voorzieningen een eigen verantwoordelijkheid in het organiseren van deskundigheidsbevordering. Vanuit de regiovisie wordt voorrang gegeven aan de lokale teams. Indien er ruimte is voor extra deelnemers kunnen de eerste- en tweedelijns voorzieningen, net als de voorliggende voorzieningen, deelnemen aan de trainingen en workshops die in de regio georganiseerd worden.
Lokale teams
De rol en invulling van lokale teams blijft voor ons onduidelijk. Wij adviseren:
- Meer duidelijkheid over hun taken en verantwoordelijkheden;
- Inbedding in de bestaande zorginfrastructuur in plaats van gemeentelijke organisatie, om verloop te beperken. Een effectieve(re) regie vanuit de gemeente is nadrukkelijk gewenst;
- Aandacht voor borging van continuïteit en kwaliteit bij overdracht van taken.
Vanuit de WMO hebben gemeenten de verantwoordelijkheid regie te voeren op de aanpak van huiselijk geweld. In de regiovisie is vastgelegd dat alle lokale teams voldoen aan de basisvereisten zoals eerder benoemd (Leidraad ‘Werken aan Veiligheid’). Daarnaast wordt/is in iedere gemeente het lokale team op een eigen manier ingericht. De wettelijke taken en verantwoordelijkheden kunnen op dit moment niet worden overgedragen of ingebed in een andere, bestaande zorginfrastructuur. Aandacht voor borging van continuïteit en kwaliteit is nu een lokale verantwoordelijkheid. Met de invoering van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming zou dit mogelijk kunnen veranderen.
Samenwerking en proeftuin
Wij steunen het belang van samenwerking en de proeftuin Toekomstscenario. Wel adviseren wij:
- Inzicht te geven hoe de overgang van proeftuin naar structurele inbedding zal worden vormgegeven;
- Andere relevante samenwerkingspartners te stimuleren deel te nemen aan de proeftuinen (we missen bijvoorbeeld een aantal GGZ-instellingen in de opsomming van partners).
De proeftuin wordt in 2026 doorontwikkeld, alvorens een structurele inbedding kan plaatsvinden in de regio. De sturing hierop valt buiten de invloedssfeer van de regiovisie huiselijk geweld. De gegeven adviezen en aandacht voor borging zullen gedeeld worden met de nieuwe programmamanager.
Monitoring en duiding
De regiovisie noemt (keten)monitoring, maar cijfermatige duiding van de huidige situatie is beperkt beschreven. Wij adviseren:
- Te rapporteren over de ontwikkeling van wachtlijsten;
- Te rapporteren over de effectiviteit van ingezette interventies;
- Te rapporteren over realisatie van doelen en streefcijfers.
In de versie waar de ASD een advies op heeft gegeven, was dit nog beperkt uitgewerkt. In de definitieve versie zijn de suggesties van de ASD waar mogelijk meegenomen. De ontwikkelingen van de wachtlijsten wordt twee keer per jaar geduid in de bestuursrapportage van de Gemeenschappelijke Regeling GGD en VT Haaglanden. Er is gekozen om geen effectmeting uit te voeren op ingezette interventies omdat hier onvoldoende data en middelen voor beschikbaar zijn.
Intieme terreur en maatschappelijke houding
Wij vragen aandacht voor het maatschappelijk debat over intieme terreur en de houding van burgers. Dit vraagt om educatie en bewustwording, juist ook buiten de professionele kaders in/met de (lokale) samenleving.
De regiogemeenten zijn zich ervan bewust dat ook buiten de professionele kaders bewustwording in de samenleving plaats moet vinden. Dit wordt gestimuleerd door lokaal aan te sluiten bij landelijke campagnes en door lokale bewustwordingsactiviteiten te organiseren. Zo heeft een aantal gemeenten dit jaar aangesloten op de landelijke campagne ‘’Is dit liefde?’’. Ook de jaarlijkse activiteiten in het kader van Orange The World in de regio (stop geweld tegen vrouwen) zijn hier een goed voorbeeld van.
Wij willen u nogmaals bedanken voor uw advies en hopen u zo voldoende geïnformeerd te hebben.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
secretaris
Björn Lugthart
Burgemeester
Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein,
Op 20 augustus jl. hebben wij uw advies ontvangen over het Beleidsplan Schuldhulpverlening 2025-2029. Wij danken u voor uw advies en geven in deze brief onze reactie.
Tijdens de ASD-vergadering van 22 juli jl. is het beleidsplan aan u gepresenteerd. Het beleidsplan zelf
ontving u niet voorafgaand aan deze vergadering. Om te komen tot een goed advies vraagt u ons het
beleidsplan de volgende keer voor het overleg te delen, zodat u zich kunt inlezen en eventuele vragen
kunt voorbereiden. Wij zullen ernaar streven in het vervolg hier rekening mee te houden.
Uw advies met betrekking tot de voorgestelde aanpak.
Algemeen
In het beleidsplan worden landelijke en lokale cijfers genoemd over het aantal huishoudens met
geregistreerde problematische schulden. Tabel 1 op bladzijde 5 laat zien dat het aantal huishoudens met
geregistreerde problematische schulden in absolute aantallen het snelst toeneemt in Pijnacker ten
opzichte van de andere kernen. U vraagt zich af wat hier de oorzaak van is. Net als u vinden wij de
stijging van het aantal huishoudens met problematische schulden ook een zorgwekkende ontwikkeling.
Een precieze oorzaak is lastig te benoemen, los van het gegeven dat Pijnacker de grootste kern in onze
gemeente is. Ook weten we dat steeds meer mensen met middeninkomens het moeilijker krijgen om
rond te komen als gevolg van stijgende woonlasten en kosten voor levensonderhoud. Deze groep heeft
geen recht op toeslagen. Het hulpaanbod van de gemeente, schuldhulpverlening en maatschappelijke
organisaties als SWOP, Humanitas en Schuldhulpmaatje moet daarom goed zichtbaar zijn. Inwoners
moeten bovendien een lage drempel ervaren om hulp of advies te vragen. De afgelopen jaren hebben
we daarop ingezet, onder andere met de lancering van de website vragenovergeld.nl en daar blijven we
voor de komende beleidsperiode ook op inzetten.
Op de vraag welk percentage van de doelgroep inwoners met schulden structurele begeleiding nodig
heeft, hoe wij dit organiseren en financieren is het antwoord dat wij geen structurele begeleiding
kunnen bieden. In onze begeleiding streven we ernaar mensen in staat te stellen zelf financieel
zelfredzaam te zijn. Na afronding van de schuldregeling volgt een nazorgfase als onderdeel van het
schuldhulpverleningstraject. De nazorg duurt één jaar en dat is voor de meeste mensen voldoende tijd
om weer zelf de regie te nemen. In sommige gevallen constateren we dat nazorg langer nodig is. In zo’n
geval bieden we maatwerk en laten we de nazorg langer doorlopen. Hetzelfde geldt voor de inzet van budgetbeheer: dat kunnen we langer laten doorlopen als de situatie daarom vraagt. Het is echter niet
haalbaar deze begeleiding structureel te laten doorlopen en financieren. Mocht een verlengde periode
nazorg/budgetbeheer niet voldoende zijn, dan wordt een inwoner doorverwezen naar bewindvoering of
zullen de kosten voor budgetbeheer voor eigen rekening van de inwoner zijn. Uit onze registratie blijkt
dat de groep inwoners die langer dan een jaar in nazorg zitten, erg klein is (minder dan 10).
Werken met KPI’s
Het is op dit moment nog niet mogelijk een nulmeting over de KPI’s te presenteren, omdat onze data
daar nog niet rijp genoeg voor is. Daarom is er nog geen ambitieniveau geformuleerd waar we eind 2029
willen staan. Bij de voortgangsrapportage schuldhulpverlening over 2026 wordt dit meegenomen. Voor
betrouwbare cijfers is een eenduidige manier van registreren nodig met heldere definities en een
duidelijk proces hoe je wat vastlegt. Daar zijn de afgelopen tijd veel stappen in gezet, maar ook nog
stappen in te maken. We zijn niet overgestapt op een nieuw datasysteem, maar krijgen er in 2026 wel
mee te maken dat de partij die ons registratiesysteem levert over gaat stappen naar een cloudbased
systeem. Dat betekent een nieuwe manier van registreren, waarvan het nu op voorhand moeilijk te
voorspellen is of en zo ja welke invloed dat gaat hebben op het registeren en ophalen van data uit het
systeem en het kunnen rapporteren over de KPI’s. Om die reden is dit als voetnoot aan het beleidsplan
toegevoegd. Aan de hand van de voortgangsrapportages die we jaarlijks naar de gemeenteraad sturen,
houden we zicht op onze uitvoering. Wat betreft de link met gezondheid gaan we kijken hoe we hier
informatie over op kunnen halen en of dat een plek kan krijgen in de voortgangsrapportages. Het
formuleren van een goede KPI op gezondheid is echter lastig, omdat er naast schulden/geldzorgen ook
veel andere factoren van invloed zijn op de ervaren gezondheid.
Doelgroepen waar de gemeente zich extra op richt
U wijst ons erop dat naast de vier doelgroepen die in het beleidsplan genoemd worden, er ook andere
doelgroepen zijn die financieel kwetsbaar zijn. Als voorbeelden noemt u mensen met niet aangeboren
hersenletsel (NAH) en mensen met een visuele beperking. Wij hebben gekozen voor de genoemde
doelgroepen, omdat deze onder andere door de NVVK en de VNG worden aangemerkt als bijzondere
doelgroepen waar extra aandacht voor nodig is. Ook blijkt uit diverse onderzoeken dat deze doelgroepen een groter risico lopen op financiële problemen. Hoewel mensen met NAH of een visuele beperking ook risico kunnen lopen op financiële problemen, zijn deze doelgroepen kleiner in omvang en is de impact van de beperking op hun financiële vaardigheden vaak afhankelijk van de individuele situatie. Dat betekent niet dat de door u genoemde doelgroepen worden uitgesloten. Wij streven ernaar maatwerk voor iedereen te bieden en voor iedereen toegankelijk te zijn. Op het moment dat schuldhulpverlening te maken krijgt met inwoners met een beperking, zoals inwoners met nietaangeboren hersenletsel of een visuele beperking zullen zij proberen passende ondersteuning te bieden die aansluit bij de situatie van de inwoner.
Doelgroep jongeren
De samenwerking met Gro-up en de betrokkenheid van Gro-up in het netwerk Preventie,
Schuldhulpverlening en Nazorg is onmisbaar in het bereiken van jongeren. Het verwijzen naar de
website www.vragenovergeld.nl zullen we extra onder de aandacht brengen bij hen, omdat wij net als u
denken dat het een goede manier is om ook de jongeren te bereiken die Gro-up nog niet in beeld heeft.
Ook zullen we via de contactpersoon van het Stanislascollege hen (blijven) wijzen op het belang van
financiële voorlichting en de risico’s van het aangaan van een (maximale) studielening. Uw advies over
de promotie van de Week van het Geld nemen we mee ter bespreking in het netwerk om te kijken
welke mogelijkheden er zijn.
Doelgroep laaggeletterden
Voor de doelgroep laaggeletterden geeft u aan dat het mooi zou zijn als er gekeken kan worden naar het
voorlezen van tekst in veelvoorkomende andere talen om de visuele informatie ook auditief toegankelijk
te maken. Op de gemeentewebsite is het al mogelijk informatie voor te laten lezen en te laten vertalen
naar andere talen. De animatiefilmpjes van de NVVK – waarin uitleg wordt gegeven over hoe een
schuldhulpverleningstraject werkt – zijn beschikbaar met ondertiteling in het Nederlands, Pools, Turks,
Arabisch en Engels.
Doelgroep Licht Verstandelijk Beperkt (LVB)
U geeft aan de dekking voor de doelgroep LVB onvoldoende te vinden en benoemt dat ook de doelgroep
zwakbegaafd bij extra aandacht erkend en geholpen zal zijn. Wij zullen in het beleidsplan toevoegen dat
wij – naast de groep laaggeletterden – ook aandacht zullen hebben voor de groep zwakbegaafden.
Preventie en vroegsignalering
Ook mensen die geen schulden hebben, kunnen wel veel stress ervaren om rond te komen. Vaak is er
geen buffer, waardoor het risico op schulden aanwezig is. Om deze groep te helpen grip te houden op
hun financiën en de stress te verlichten, willen wij met onze schuldhulpverlening en het hulpaanbod
voor mensen met geldzorgen/schulden goed zichtbaar zijn. Dat verlaagt de drempel tot contact
opnemen, ook als er geen schulden zijn, maar er wel behoefte is aan meedenken over de situatie. Het
integraal samenwerken binnen de gemeente en het signaleren van geldzorgen is hierbij van belang. Op
die manier kan een inwoner sneller worden doorverwezen naar de juiste hulp en/of ondersteuning. We
merken dat de inzet op vroegsignalering ook bijdraagt aan een ‘lagere drempel’. Als mensen naar
aanleiding van een contactpoging vanuit de gemeente daar niet meteen op ingaan, zien we ze soms op
een later moment uit eigen beweging naar ons toekomen voor hulp. Het blijft daarom belangrijk om ons
in te spannen voor de laagdrempeligheid en de zichtbaarheid van ons hulpaanbod en dat van onze
maatschappelijke partners. Dit willen we onder andere gaan doen door met onze lokale communicatieinzet aan te sluiten op de landelijke communicatiecampagnes.
Tot slot benadrukt u dat u het beleidsplan over het algemeen een goed doortimmerd plan vindt, met
oog voor de belangen van onze inwoners en een duidelijke inzet op preventie. Wij danken u voor dit
compliment.
Wij gaan ervan uit u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
secretaris
Björn Lugthart
burgemeester
Aan het College van Burgemeester en
Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 20 augustus 2025
Betreft advies van de Adviesraad Sociaal Domein m.b.t. het beleidsplan schuldhulpverlening 2025 -2029
Geacht College,
Recent ontvingen wij het beleidsplan schuldhulpverlening 2025 – 2029. U vraagt ons over dit beleids-plan een advies uit te brengen.
Tijdens het ASD overleg van 22 juli j.l. is het beleidsplan aan de adviesraad gepresenteerd. Het be-leidsplan zelf ontvingen wij daags na dit overleg. Met betrekking tot het proces om te komen tot een goed advies vragen we u voortaan de stukken voorafgaand aan de presentatie met ons te delen zo-dat we ons van te voren in kunnen lezen en eventuele vragen voor de betrokken ambtenaren kunnen bespreken. Omdat we nu geen overleg meer hebben gehad nadat de stukken met ons gedeeld zijn, zijn we via schriftelijke afstemming tot onderstaand advies gekomen.
Algemeen
Uit tabel 1 blijkt dat, hoewel het aantal huishoudens in Pijnacker-Nootdorp met problematische schulden onder het landelijk gemiddelde ligt, er een toename wordt gesignaleerd. Daarbij wordt op-gemerkt dat in Pijnacker de groep inwoners met schulden sneller toeneemt dan in andere kernen. Is bekend wat hier de oorzaak van is?
De ASD vindt het stijgend aantal problematische schulden een zorgwekkende ontwikkeling. We zijn dan ook blij met het uitgebreide beleidsplan waaruit blijkt dat de gemeente schuldenproblematiek bij haar inwoners serieus neemt en inzet op integrale aanpak, maatwerk en aandacht voor mentale draagkracht om inwoners zoveel mogelijk uit de schulden te helpen en te houden.
In het beleidsplan wordt aangegeven dat het streven is te zoeken naar structurele oplossingen en naar financiële zelfredzaamheid binnen de mogelijkheden die inwoners hebben onder eventuele be-nodigde begeleiding. Dit roept de vraag op welk percentage van de doelgroep structurele begeleiding nodig zal hebben en hoe dit georganiseerd en gefinancierd wordt.
Werken met KPI’s
Het is goed te lezen dat de gemeente inzet op het verkrijgen van data om (nog) beter te kunnen stu-ren. We hebben begrepen dat door de overstap naar een nieuw datasysteem het op dit moment nog niet mogelijk is een volledige data-analyse uit te voeren over afgelopen vier jaar. Hoewel begrijpelijk, maakt dit het lastig om dit nieuwe beleidsplan voldoende te onderbouwen en gericht te sturen. De ASD adviseert te onderzoeken of via alternatieve bronnen inzicht kan worden verkregen in de impact van het vorige beleidsplan. Dat kan bijdragen aan het identificeren van zowel de sterke als de verbe-terpunten binnen het gevoerde beleid.
Met betrekking tot de nieuwe KPI’s adviseren we de doelen per KPI SMART te formuleren om zo be-ter doelgericht te kunnen sturen. Daarbij constateren we dat de in het beleidsplan genoemde indica-toren zeker relevant zijn om zicht te krijgen op het effect van de interventies en om bij te sturen. Ech-ter, hier missen we een link met gezondheid. Zoals u zelf al aangeeft in het beleidsplan ligt er een belangrijke verbinding tussen problematische schulden en gezondheidsproblemen. We adviseren dan ook een ambitie op te nemen om de relatie met (ervaren) gezondheid te leggen en dit in te bouwen als KPI. Een mogelijke manier om dat te doen is via het meten van de mentale gesteldheid van de deelnemers aan het traject op meerdere momenten: bij de start, halverwege en aan het einde van het traject. Op die manier kan worden ingeschat welke impact het traject heeft op het welzijn van de deelnemers.
Met betrekking tot het ambitieniveau waar de gemeente eind 2029 wil staan, wordt de afhankelijk-heid van het registratiesysteem genoemd als mogelijke factor van beïnvloeding. De ASD vraagt zich af op welke wijze dit van invloed zou kunnen zijn op de ambitie en of daar, als dat nu al bekend is, niet op voorhand op kan worden geanticipeerd.
Doelgroepen waar de gemeente zich extra op richt
In het beleidsplan wordt gesproken over een aantal doelgroepen waar de gemeente zich komende 4 jaar extra op gaat richten. De ASD onderschrijft het belang van extra aandacht voor deze doelgroe-pen. Tegelijk lijkt het slechts een greep te zijn uit het geheel van (financieel) kwetsbare groepen. Zo zijn bijvoorbeeld ook mensen met niet aangeboren hersenletsel en mensen met een visuele beper-king kwetsbaar als het gaat om schuldenproblematiek. Kunt u toelichten waarom gekozen is voor de vier genoemde doelgroepen in het beleidsplan?
Doelgroep ondernemers
De ASD juicht het toe dat de gemeente gestart is om ondernemers met schulden te helpen. Dit is een belangrijke doelgroep die, mede als gevolg van de Coronacrisis, vaak buiten de eigen schuld in de schulden raakt.
Doelgroep jongeren
De samenwerking met Gro-up om jongeren en hun ouders voor te lichten over een toekomst zonder schulden is belangrijk in het kader van primaire preventie. Wordt daarin ook verwezen naar de website www.vragenovergeld.nl waar later in het beleidsplan naar verwezen wordt? De ASD vind dit een mooie site waar jongeren veel nuttige informatie kunnen vinden.
Met de samenwerking met Gro-up worden de jongeren bereikt die al in beeld zijn bij Gro-up. Heel mooi, maar een grote groep jongeren die in de schulden raakt is niet op tijd in beeld. Het is in eerste instantie de taak van ouders om hun kinderen een goede financiële opvoeding te geven. In de prak-tijk blijkt dit echter niet altijd te gebeuren. De gemeente ziet hierin ook een rol voor haarzelf om ou-ders en scholen te ondersteunen. De ASD ziet scholen als een logische partner hierin aangezien alle jongeren die onder de leerplicht vallen naar school (horen te) gaan. Daarbij begrijpen we dat scholen beperkte tijd hebben en keuzes moeten maken in het lesprogramma. Wellicht kan de gemeente scholen wijzen op de mogelijkheid met jongeren te praten over financiën en schulden tijdens de mentorlessen die alle middelbare scholen kennen. In die voorlichting is, naast de reeds genoemde kennis over het maken van verantwoorde financiële keuzes, aandacht voor de studiefinanciering ook een belangrijk aspect. Veel jongeren hebben niet door dat (maximaal) lenen via DUO tegenwoordig belast is. Dit leidt tot onverwachte financiële tegenvallers en kan zorgen voor veel stress.
Op blz. 25 van het beleidsplan, onder het kopje Week van het geld geeft de gemeente aan dat de ureninzet voor de activiteiten zich niet altijd terugvertaalt in succes. Vooral als het gaat om de doel-groep jongeren constateert de ASD dat De week van het geld nog niet erg bekend is. Wellicht ligt er een kans in het versterken van de promotie van deze week. Naast promotie via het onderwijs kan ook gedacht worden aan andere plekken waar jongeren samenkomen, zoals sportverenigingen, hobbyclubs, winkelcentra en het openbaar vervoer. Ook het inzetten van sociale media (Instagram, Tik-Tok, Snapchat) kan een effectieve manier zijn om deze doelgroep te bereiken.
Doelgroep laaggeletterden
De gemeente doet veel om de doelgroep laaggeletterden te bereiken en te informeren. We zijn blij dat u ook gaat verkennen of de animaties van de NVVK kunnen worden ingezet en of gebruik kan worden gemaakt van pictogrammen. Daarbij zou het mooi zijn als gekeken wordt naar het voorlezen van tekst in (veel voorkomende) andere talen om de visuele informatie ook auditief toegankelijk te maken.
Doelgroep Licht Verstandelijk Beperkt (LVB)
Met betrekking tot de doelgroep LVB merken we op dat dit ons inziens onvoldoende dekking geeft voor de groep inwoners die mogelijk hulp nodig heeft bij hun financiën. Ook de doelgroep zwakbe-gaafd, wat net boven de LVB doelgroep zit, zal bij extra aandacht erkend en geholpen zijn. We advise-ren dan ook ergens te vermelden dat waar LVB staat ook zwakbegaafd bedoeld wordt.
Preventie en vroegsignalering
Het is goed te lezen dat de gemeente nauw samenwerkt met partners om problematische schulden waar mogelijk te voorkomen. In dat kader vraagt de ASD specifiek aandacht voor mensen die net niet in de schulden komen, maar die wel veel stress ervaren als gevolg van hun financiële situatie. Op het moment dat er iets tegen zit kunnen deze mensen in de schuld komen. Op welke manier helpt de ge-meente deze groep om grip te houden op hun financiën en op de stress die dit iedere dag weer met zich meebrengt?
Tot slot willen we benadrukken dat het beleidsplan over het algemeen een goed doortimmerd plan is met oog voor de belangen van onze inwoners en een duidelijke inzet op preventie. Waarbij de ge-meente recht doet aan haar gebruikelijke inzet op maatwerk. Ook als een inwoner langer dan de 18 maanden die daarvoor staan nodig heeft om op eigen benen te kunnen staan.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
Voorzitter
Geachte leden van de Adviesraad sociaal domein,
Hartelijk dank voor uw advies inzake de Beleidsregels Tijdelijke Regeling Alleenverdienersproblematiek. In uw brief van 14 juli jl. geeft u aan geen inhoudelijke aanpassingen of aanvullingen op de toegezonden – en tijdens de bijeenkomst van 24 juni jl. toegelichte – beleidsstukken te hebben.
Wel plaatst u kanttekeningen met betrekking tot de uitvoering. U vraagt aandacht voor inwoners van de gemeente Pijnacker-Nootdorp die op grond van recente wijzigingen in de inkomenssituatie mogelijk onder de doelgroep van de beleidsregels vallen maar niet in beeld zijn bij de gemeente. Deze (financieel kwetsbare) groep inwoners staat vermoedelijk niet vermeld op het overzicht dat de gemeente jaarlijks van de Belastingdienst ontvangt.
Daarom adviseert u de regeling alleenverdienersproblematiek breed onder de aandacht te brengen en actief te communiceren. Naast het publiceren van de beleidsregels op de gemeentelijke website zal de gemeente daarom bovendien gebruik maken van andere mediakanalen waaronder de Telstar/Eendracht
en de Nieuwsbrief Werk & Inkomen.
Verder verwijst u in uw advies op de kansen die de nieuwe regeling biedt om tijdens het contact met deze groep inwoners ook andere vormen van ondersteuning mee te nemen in het gesprek. Ook dit advies zullen we meenemen in de uitvoeringspraktijk, o.a. door de klantmanagers hierop vooraf te instrueren.
Wij gaan ervan uit dat uw advies hiermee voldoende gehoor heeft gekregen.
Het college van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
secretaris (plv.)
Annelies Kroeskamp
burgemeester (plv)
Aan het College van Burgemeester en Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 14 juli 2025
Betreft twee adviezen:
Advies Beleidsregels Tijdelijke Regeling Alleenverdienersproblematiek gemeente Pijnacker-Nootdorp 2025.
Advies Ontwerpbeleid pré-mantelzorgwoningen Pijnacker-Nootdorp.
Geacht College,
Om onnodige acties te vermijden in deze zomerperiode, hebben we ervoor gekozen om beide adviezen samen uit te brengen. Wij hebben deze werkwijze afgestemd met de ambtenaren, die de beleidsvoorstellen aan ons hebben gepresenteerd.
Tijdens ons overleg op 24 juni 2025 heeft Jurgen Woudwijk de beleidsregels alleenverdienersproblematiek en hebben Bianca Woutersen en Annemarieke Wamsteeker het ontwerpbeleid pré-mantelzorgwoningen toegelicht. Aansluitend hebben wij de beide beleidsstukken intern besproken en vervolgens dit advies opgesteld.
Beleidsregels Tijdelijke Regeling Alleenverdienersproblematiek gemeente Pijnacker-Nootdorp 2025. Voor zover wij het kunnen beoordelen zijn de beleidsregels juridisch in orde en bieden ze duidelijkheid over de toegang tot de regeling voor alleenverdieners in de jaren 2025, 2026 en 2027. Vanaf 2028 is de regeling overbodig, aangezien problemen op dit terrein dan via de inkomstenbelasting kunnen worden opgelost. We hebben dan ook geen aanvullingen op de voorgelegde tekst.
Wel willen we de volgende kanttekeningen plaatsen bij de uitvoering. Uit de toelichting hebben we begrepen dat de gemeente deze groep inwoners slechts beperkt in beeld heeft. Van een beperkte groep inwoners ontvangt de gemeente jaarlijks een overzicht aan wie de uitkering ambtshalve uitgekeerd kan worden. Dat is echter slechts een deel van de inwoners die recht zouden kunnen hebben op deze uitkering. Artikel 3 beschrijft hoe aanvragen vanuit deze groep inwoners beoordeeld moeten worden. Maar dan moeten die inwoners eerst wel van op de hoogte zijn van de mogelijkheid om een aanvraag in te dienen. Tijdens de mondelinge toelichting is dit onderwerp kort besproken. Genoemd werd vermelding op de website van de gemeente. De ASD veronderstelt dat de kans niet groot is dat de doelgroep regelmatig de website van de gemeente bezoekt. Om een groter bereik te realiseren adviseren we u hier actiever mee aan de slag te gaan door bijvoorbeeld publicaties in Telstar/Eendracht en de Nieuwsbrief Werk & Inkomen.
Aansluitend willen we u nog wijzen op de kansen die de nieuwe regeling biedt om deze groep inwoners meer dan alleen financiële ondersteuning te bieden. Natuurlijk is het belangrijk om duidelijke regels te formuleren waar binnen de regeling uitgevoerd wordt. Tegelijkertijd is het ook een kans om in gesprek met deze inwoners ook te bekijken op welke manier de gemeente deze inwoners nog meer kan ondersteunen. Wat speelt er, wat is hun toekomstperspectief en kan de gemeente daar iets in betekenen?
Ontwerpbeleid pré-mantelzorgwoningen Pijnacker-Nootdorp
De Adviesraad wil haar waardering uitspreken voor de inspanningen van het College om de mogelijkheden voor de bouw van mantelzorg woningen uit te breiden naar een periode voordat deze mantelzorg nodig is. Daarmee inwoners de mogelijkheid biedend om preventief actie te ondernemen en niet op een later en misschien te laat moment voor voldongen feiten te worden geplaatst. Gezien de voorwaarden die nodig zijn op het gebied van ruimte en financiën verwachten we wel dat de regeling slechts voor een beperkte groep inwoners een oplossing kan bieden.
Onze inbreng in een eerdere fase van een het ontwerpproces vinden wij terug in het nu voorliggende ontwerp beleid. De regels zoals nu geformuleerd zijn duidelijk en bieden kaders voor inwoners die een dergelijk project willen opzetten. Wij blijven moeite houden met de maximale periode van 15 jaar en situaties die daarna kunnen ontstaan met overlevende partners, die de leeftijd van 75 jaar nog niet hebben bereikt. Anderzijds weten wij ook, dat in 15 jaar veel kan veranderen, ook wetten, wanneer later blijkt dat deze problematiek op meerdere plaatsen actueel wordt.
Uit de mondelinge toelichting hebben we begrepen dat het plaatsen van een pré-mantelzorgwoning bij een bedrijfswoning niet mogelijk is. Dat vindt de ASD een gemiste kans. Juist in onze gemeente, waar met name de tuinbouw nog altijd een belangrijke economische pijler is en waar veel inwoners werkzaam zijn, kan zich de situatie voordoen dat ouders hun bedrijf willen overdragen aan hun kind of kinderen en bij het familiebedrijf willen blijven wonen om daar in veel gevallen nog actief een bijdrage aan te leveren. De ASD vermoedt dat juist deze groep inwoners gebaat kan zijn bij de plaatsing van pré-mantelzorgwoningen. Terwijl daar op het bedrijfsterrein ook vaak de ruimte voor aanwezig is. Ook wanneer milieu- of andere regels dat nu nog onmogelijk maken, verwachten we van het College een actieve inzet om plaatsing van pré-mantelzorgwoningen bij bedrijfswoningen toch mogelijk te maken. Het College ontwikkelt nu een visie over de bewoningsmogelijkheden in agrarisch gebied en wij verzoeken u daarin bovengenoemde problematiek mee te nemen en er een oplossing voor te vinden.
Samenvattend
In beide documenten heeft het College de regels duidelijk geformuleerd als kader voor aanvraag en toekenning. Als adviesraad willen we er voor pleiten om in de uitvoering pro-actief in gesprek te gaan met de aanvragende inwoners om samen met hen te bekijken wat wèl mogelijk is en in hoeverre de gemeente daarin kan ondersteunen.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
voorzitter
c.c. Gemeente Pijnacker-Nootdorp, de heer J. Woudwijk, mevrouw B. Woutersen
zaaknummer 1584861
berichtnummer 1439021
aan Raad
van College
afschrift
Datum 8 mei 2025
Onderwerp Beantwoording beeldvormende vragen over het interventieplan kostenbeheersing en innovatie sociaal domein 2025-2028
status Informatief
Door de fracties CDA, Progressief Pijnacker-Nootdorp, Eerlijk Alternatief, de VVD en D66 zijn vragen gesteld over beantwoording schriftelijke vragen interventieplan kostenbeheersing en innovatie (agendapunt 6c). Daarnaast heeft ook de Adviesraad Sociaal Domein (ASD), naar aanleiding van de reactie van het college op het eerste advies van de ASD op het interventieplan, een aanvullend advies gestuurd. Zie hiervoor de bijlage.
Hieronder treft u de beantwoording van de vragen van de fracties en het aanvullende advies van de ASD aan:
Vragen CDA
Vraag 1
P4 U stelt dat er nog pijnlijkere maatregelen zijn opgesteld die de inwoners kunnen raken en noemt daarbij als voorbeeld een inkomenstoets voor de WMO.
Kan het college aangeven of zij bevoegd is om een dergelijke toets toe te passen? Zo ja, waarom past het college deze niet toe?
Antwoord
Bij het bedenken van maatregelen hebben we onderzocht wat wel en niet mogelijk is, waarbij er gekeken is naar de randen van de wet. Het toepassen van een inkomenstoets bij de Wmo is maatregel met een zeer hoog juridisch risico, waarvan onduidelijk is wat de haalbaarheid hiervan is. Wel weten wij dat het doen van een inkomenstoets bij de Wmo kostenbesparende effecten kan hebben.
Vraag 2
P 3 staat “ Daarnaast wachten wij verdere landelijke ontwikkelingen af die kosten kunnen besparen in het sociaal domein, zoals de (her) invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor alle voorzieningen binnen de WMO en de uitvoering van de hervormingsagenda jeugd door de rijksoverheid”.
Kan het college ongeveer aangeven wat de besparingen zouden kunnen zijn als de voorgestelde maatregelen van het rijk wel doorgang vinden? Hoe zien wij deze besparingen terug, daar wij hebben wij hebben begrepen dat het verrekend wordt binnen het gemeentefonds. Klopt dit?
Antwoord
In de voorlopige uitwerking van de voorjaarsnota 2025 van het Rijk zit er voor ons inderdaad vanaf 2028 een korting (nadeel) in van € 450K waarvan verondersteld wordt dat wij die ‘goedmaken’ door een eigen bijdrage op Jeugdzorg te innen. Eerder hebben we iets dergelijks ook al verwerkt op Wmo (€ 87K). En inderdaad, de besparingsopties uit de Hervormingsagenda worden de gemeenten opgelegd met (min of meer) evenredig hoge korting op het gemeentefonds. Met andere woorden: tegenover besparingen uit de hervormingsagenda of het kunnen innen van eigen bijdragen staan lagere inkomsten uit het gemeentefonds.
Vraag 3
Het Interventieplan is vooral gericht op kostenbeheersing, maar hoe zit het met het te verwachten personeel te kort de komende jaren? In hoeverre wordt hier al met partners naar gekeken naar maatregelen op korte termijn? (o.a. AI)
Antwoord
Maatregelen binnen het interventieplan zijn gericht op het korter en doelgerichter inzetten van zorg en dat zorg wordt uitgesteld of voorkomen. Dit draagt bij aan een lagere inzet van personeel.
Bij de uitvoering van de zorgakkoorden IZA, RIGA, GALA, WOZO en AWZA is het door uw genoemde knelpunt een belangrijk item.
Vraag 4
P 7. Kan het college aangeven waarom de kosten in de regionale jeugdzorg zo enorm zijn gestegen van 2017 8,4 miljoen naar 13,4 miljoen in 2024. Wat is de oorzaak, over welke kosten/aantallen praten we hier die deze enorme stijging hebben veroorzaakt? P12 Dit ook in relatie met het aantal kinderen dat in PN in de GGZ zitten? Is er in grote lijnen een gedeelde oorzaak waarom zij hierin terecht zijn gekomen?
Antwoord
In hoofdstuk 3 van het interventieplan hebben voor u een uitgebreide analyse gemaakt van de oorzaken van de kostenstijging in het sociaal domein.
Wij zien dat door het ontbreken van heldere kaders, steeds meer vraagstukken binnen deze wet vallen. En daarmee binnen het gemeentelijk domein. De jeugdwet kent ook diverse toegangen/verwijzers. Waardoor grip op de toegang van jeugdhulp beperkter is.
We zien binnen jeugdzorg dat het aantal klanten redelijk stabiel is. We zien gemiddelde kosten per klant stijgen. Bij specifieke producten, zoals verblijf, is deze kostenstijging ingegeven door landelijk beleid. De toename van de vraag naar jeugd-GGZ binnen onze gemeente is in lijn met de landelijke trend.
Vraag 5
P 10/11 staat; Ook de wijze van contracteren en de wettelijke voorschriften voor het bepalen van reële tarieven en de jurisprudentie daarover hebben een kostenverhogend effect. Kan het college de oplossingen geven voor de bovengenoemde punt, aan welke knoppen moet gedraaid worden en op welk niveau (lokaal, regionaal, landelijk) moet dit gebeuren?
Antwoord
De wijze van contracteren kan lokaal en/of regionaal worden bepaald. Het bepalen van wettelijke voorschriften van reële tarieven en de jurisprudentie hierover zijn verankerd in de landelijke wetgeving.
Vraag 6
Maatregel 6 Onderzoeken mogelijkheden voorkeursaanbieders en max. plafond per aanbieder. Kan de gemeente aanbieders uitsluiten? U stelt; Daarnaast wil de gemeente een plafond aanhouden voor aanbieders zodat enkel met aanbieders wordt samengewerkt die als betrouwbaar en kwalitatief passend worden geacht door de gemeente. Ligt hier ook niet een taak regionaal? Kunnen wij als raad niet regionaal bij het inkoopkader hier een opdracht neerleggen bij SBJH?
Antwoord
Regionaal is dit zeker ook een mogelijkheid die wordt benut. Wat wij als gemeente doen binnen dit interventieplan, is dat wij zelf kijken welke mogelijkheden het contract ons biedt. Deze maatregel is hier een voorbeeld van.
Ook regionaal wordt er gesproken over het zoveel mogelijk kaders meegeven aan dienstverleners binnen de jeugdwet en de contractuele kaders.
Vraag 7
Maatregel 2 Kan het college aangeven hoe een Cliënt bij een WMO consulent komt? Is dit middels een verwijzing huisarts of meld een cliënt zichzelf? Wat zijn de exclusiecriteria, zoals genoemd bij de maatregelen?
Antwoord
Een inwoner of vertegenwoordiger van de inwoner kan zelf een melding maken bij de gemeente via de telefoon, email, website en de welzijnsondersteuner ouderen (WOO). Deze meldingen worden gescreend en er wordt contact opgenomen met de inwoner voor een huisbezoek.
Vraag 8
Waar komt het verplichtend karakter powerful Ageing te volgen vandaan om in aanmerking te komen voor de WMO voorziening? Is dit landelijk bepaald?
Antwoord
Wij zijn voornemens om krachtig ouder worden aan te bieden als voorliggende voorziening. Dat wil zeggen dat wanneer deze voorziening passend is voor een inwoner, dus een oplossing biedt, wij op dat moment geen Wmo-maatwerkvoorziening aanbieden. Dit is niet landelijk bepaald, maar vastgelegd in de verordening maatschappelijke ondersteuning en de beleidsregels Wmo.
Vraag 9
Zijn er genoeg ‘speciale’ fysiotherapeuten beschikbaar om powerful Ageing in onze gemeente om in te zetten en ontstaan er geen wachtlijsten?
Antwoord
We verwachten hierbij geen problemen. De aanbieder van krachtig ouder worden voorziet in voldoende capaciteit van fysiotherapeuten.
Vraag 10
Maatregel 3 de ACSD schrijft hier als advies het is belangrijk dat de gemeente zijn onafhankelijkheid bewaakt. Kunt u nader uitleggen hoe u dit gaat doen?
Antwoord
Bij implementatie van deze maatregel wordt een afwegingskader voor onze Wmo-consulenten opgesteld, waarin wordt bepaald onder welke criteria een inwoner het programma krachtig ouder worden volgt. Net als bij andere Wmo-voorzieningen wordt, in uitzonderlijke gevallen, een medisch advies ingewonnen. De inwoner kan uiteraard ook gebruik maken van een onafhankelijke clientondersteuner.
Met de aanbieder van krachtig ouder worden maken wij uiteraard afspraken om te bepalen of een inwoner kan deelnemen aan dit programma.
Vraag 11
Maatregel 8, Kan het college aangeven om hoeveel jongeren tussen 18 t/m 27 het gaat in onze gemeente? Is er een meldpunt voor deze jongeren? Heeft u ook contact gehad met andere organisaties die mogelijk ook deze jongeren helpen?
Antwoord
Vijf inwoners per jaar zullen starten met het Jongeren Perspectieffonds. We verwachten dit aantal jongeren te vinden via leerplicht/RMC en via ons meldpunt kinderopvangtoeslagaffaire (KOT).
Onderdeel van het plan is om lid te worden van het landelijke platform Jongeren Perspectieffonds, om ervaringen en kennis uit te wisselen. Dit specifieke aanbod wordt op dit moment niet door andere organisaties binnen onze gemeente geboden.
Vraag 12
Maatregel 4 Kan het college aangeven om hoeveel inwoners het hier gaat, die van de Loonkostensubsidie (LKS) in de gemeente gebruik kunnen gaan maken? Werken de werkgeverscheque en de praktijkroute onvoldoende, daar u kiest voor (extra) LKS? Hoeveel mensen met arbeidsbeperking zouden hierdoor mogelijk hun baan kunnen verliezen?
Antwoord
De maatregel richt zich specifiek op het doen van verdiepend onderzoek op de inzet van LSK als instrument om mensen weer naar de arbeidsmarkt te begeleiden. We zien potentie in het breder inzetten van LKS, maar aanvullend onderzoek is nodig om te bezien of deze maatregel inderdaad het gewenste effect (meer mensen aan de slag) heeft, en wat daar (extra) voor nodig is. Uiteraard mag het breder inzetten van LKS er niet voor zorgen dat andere arbeidsbeperkte mensen hun baan (met LKS) kwijtraken. Juist daarom is verdiepend onderzoek nodig om LKS zo effectief mogelijk in te zetten. De werkgeverscheque en praktijkroute zijn ook goede instrumenten, maar bedienen een andere doelgroep en hebben ook een ander doel. LSK is geen vervanger van deze instrumenten. LKS is interessant om dat mensen met een (lage) loonwaardemeting toch aan de slag kunnen in regulier werk, en de werkgever daarvoor een compensatie krijgt. De werknemer krijgt gewoon salaris, wat een normaliserend effect heeft.
In maart 2025 waren er 69 personen met LKS in onze gemeente (hetzelfde aantal als in maart 2024, in maart 2023 waren het 61 personen).
Vragen Progressief Pijnacker-Nootdorp
Vraag 1
In de voorjaarsnota is geld beschikbaar gesteld voor gemeenten. Heeft dit nog gevolgen voor het plan zoals dit nu voorligt?
Antwoord
De extra middelen vanuit het Rijk zijn niet meegenomen bij de uitwerking van dit plan.
Vraag 2
Wat zijn de belangrijkste oorzaken van de kostenstijging in 2023 en 2024, met name in de jeugdzorg?
Antwoord
In hoofdstuk 3 van het interventieplan staat een uitgebreide analyse van de oorzaak van de stijgende kosten binnen het sociaal domein.
Bij de Wmo zien wij een sterke toename van het aantal klanten en een stijging van het tarief (door indexaties en tariefonderhandelingen). Bij Wmo-hulpmiddelen komen we vanuit een situatie waarin niet kostendekkende tarieven werden gerekend, dat tot gevolg had dat aanbieders failliet gingen. Bij de nieuwe aanbesteding zijn scherpe marktconforme tarieven afgesproken.
De reikwijdte van de Wmo is in de afgelopen 10 jaar enorm opgerekt als gevolg door jurisprudentie. Ook bij de jeugdzorg zien wij dat door het ontbreken van heldere kaders (afbakening), steeds meer vraagstukken binnen de Jeugdwet vallen. En daarmee binnen het gemeentelijk domein. De Jeugdwet kent ook diverse toegangen/verwijzers. Waardoor grip op de toegang van jeugdhulp beperkter is.
We zien binnen jeugdzorg dat het aantal klanten redelijk stabiel is. We zien gemiddelde kosten per klant stijgen. Bij specifieke producten, zoals verblijf, is deze kostenstijging ingegeven door landelijk beleid.
Voor jeugdhulp en Wmo geldt dat in 2023 de indexaties van de tarieven, vanwege inflatie en Caoafspraken, buitengewoon hoog waren.
Vraag 3
Zit er nog rek in de maatregelen uit het eerdere interventieplan? Door deze bijvoorbeeld opnieuw tegen het licht te houden?
Antwoord
De maatregelen uit het eerdere interventieplan zijn geïmplementeerd en onderdeel van onze reguliere werkzaamheden. Hier zit geen rek meer in. Ondanks de kostenbesparende effecten van deze maatregelen, hebben wij de kosten binnen het sociaal domein de afgelopen jaren zien stijgen.
Vraag 4
In 2025 zijn al 6 maatregelen in uitvoering genomen. Kan op basis van de resultaten van Q1 al een indicatie gegeven worden of het besparingspotentieel realistisch is?
Antwoord
Het is nog te vroeg om een indicatie te geven of het besparingspotentieel realistisch is. Na een jaar zullen wij over de voortgang van het interventieplan rapporteren, waaronder ook deze zes maatregelen.
Vraag 5
Het pakket van maatregelen overschrijdt ook in het behoudende scenario de taakstelling. Waarom heeft het college hiervoor gekozen?
Antwoord
De ervaring leert dat de kosten in het sociaal domein stijgen en lastig te voorspellen zijn. Ruimte in de taakstelling biedt de mogelijkheid om toekomstige tegenvallers op te vangen. In de praktijk is de contractuele indexatie van tarieven ook vaak hoger dan de gemiddelde vergoeding die in de begroting wordt verwerkt.
Vraag 6
Kan het college met een aantal voorbeelden schetsen wat de verschillen zijn in ‘basis’ GGZ-trajecten en specialistischer trajecten, ook wel ‘S-GGZ’ genoemd.
Antwoord
Basis-GGZ is kortdurend en oplossingsgericht. Het gaat om vraagstukken die binnen de gegeven tijdsbegrenzing van maximaal 18 uur opgelost kunnen worden. Deze interventie kan ook enkelvoudig uitgevoerd worden.
Specialistische GGZ vraagt een andere expertise. Het gaat om behandeling van zwaardere problematiek, waarbij vaak multi-disciplinair gewerkt wordt en waarbij ook behandeling door een psychiater of klinisch psycholoog mogelijk is.
Vraag 7
We bieden niet langer standaard overbruggingszorg aan met uitzondering voor jeugdigen waarbij dit noodzakelijk is. Wanneer is er in de toekomst sprake van situaties waarin dit noodzakelijk is. Graag met een aantal voorbeelden toelichten.
Antwoord
Als er sprake is van een wachtlijst voor passende ondersteuning gaat het kernteam op zoek naar onderdelen van de vraag waarop wel ondersteuning geboden kan worden. Dit door het kernteam zelf of met inzet van ander aanbod. Vertrekpunt is wat er wel kan. U kunt hierbij denken aan het vinden van activiteiten voor een jeugdige waarop deze “aangaat”. Enkel contact onderhouden volstaat niet. Het gaat erom dat de interesse wordt gewekt, sociaal contact ontstaat of een doorbreking van isolement. Denk aan helpen bij de boer of in een winkel. Er zijn vele mogelijkheden. Soms lukt dit ook met de inzet van de sociale omgeving.
Vraag 8
Bij de maatregel krachtiger ouder worden is een weergave van hoe dat in zijn werk gaat. Er is sprake van zogenaamde exclusiecriteria bij de intake en in de tekst is een verwijzing naar een document met zeer waarschijnlijk deze criteria. Is het mogelijk deze criteria te ontvangen?
Antwoord
Deze criteria worden na vaststelling uitgewerkt. Na vaststelling van deze maatregel zal er ook een aanbesteding en vervolgens een implementatie plaatsvinden. In deze periode wordt ook het afwegingskader ontwikkeld. Het afwegingskader wordt opgenomen in de beleidsregels Wmo.
Vraag 9
Kent het college de bezwaren van KBO Pijnacker & Nootdorp op de maatregel krachtiger ouder worden?
Antwoord
Wij hebben een constructief met de KBO Pijnacker & Nootdorp over de bezwaren en kansen van krachtig ouder worden. We zullen hier bij het uitvoeren van deze maatregel rekening mee houden.
Vraag 10
Is het mogelijk om deze maatregel breder (lees eerder) in te zetten waardoor ouderen niet pas met dit aanbod in aanraking komen op het moment dat zij een aanvraag doen voor huishoudelijke hulp?
Antwoord
In de praktijk bieden wij inwoners op dit moment preventieve activiteiten aan in het voorliggende veld (bijvoorbeeld activiteiten vanuit SWOP, mantelzorgondersteuning) mogelijkheden voor activering, bevordering en behoud van de fitheid en veerkracht aan. Het zijn sociale activiteiten vanuit bijvoorbeeld het gezondheidsbeleid, waarin beweging centraal staat. Denk hierbij aan Sociaal Vitaal en Valpreventie. Fit blijven op lange termijn.
Vraag 11
Wordt bij de maatregel “onderzoek plaatsingsbeleid sociale huurwoningen” ook onderzocht waarom deze mensen naar onze gemeente verhuizen?
Antwoord
Dit wordt niet meegenomen in het aan de raad voorgestelde onderzoek. Er zijn veel verschillende redenen denkbaar waarom deze mensen naar onze gemeente verhuizen.
Vragen Eerlijk Alternatief
Vraag 1
Zijn er beleidsmatige afwegingskaders gebruikt om te bepalen wat ‘innovatief’ is?
Antwoord
Het kader dat is gebruikt bij het opstellen van het interventieplan, zijn de uitgangspunten de nieuwe visie op het sociaal domein.
Zoals ook in het interventieplan staat (pagina 6), zijn de visie op het sociaal domein en dit interventieplan voor kostenbeheersing en innovatie nauw met elkaar verbonden en dit interventieplan is onderdeel van het uitvoeren van de visie. De visie biedt een breed kader en richting voor het sociaal domein, met nadruk op preventie, normaliseren, integraal samenwerken en het versterken van de sociale basis. Het interventieplan vertaalt deze principes naar concrete maatregelen die gericht zijn op innovatie, het beheersen van de kosten en het verbeteren van de efficiëntie en effectiviteit van de zorg en ondersteuning. Samen vormen ze een samenhangend geheel dat bijdraagt aan een veerkrachtig en toekomstbestendig sociaal domein.
Wij zien innovatie als toevoegen van nieuwe en verbeterende werkwijzen aan het bestaande lokale palet. Waarbij een kwaliteitsimpuls en kostenbeheersing hand in hand moeten gaan.
Vraag 2
Wat gebeurt er als een maatregel onvoldoende resultaat oplevert? Is er een plan voor tussentijdse bijstelling en wie beslist daarover?
Antwoord
Wij monitoren de maatregelen, net als in het eerste interventieplan, en zullen hier jaarlijks over rapporteren. Als een maatregel onvoldoende resultaat oplevert, kan het college ervoor kiezen om een maatregel te stoppen. Hier zal de gemeenteraad over worden geïnformeerd, via de P&C-cyclus en een jaarlijkse voortgangsrapportage.
Vraag 3
Hoe worden samenwerkingspartners (regionale samenwerkingspartners, zorgbureau en zorgaanbieders) meegenomen in de uitvoering?
Antwoord
Na vaststelling van de maatregelen zal de implementatie plaatsvinden. Dit zal naast intern, waar nodig ook extern gebeuren. Bij deze implementatie worden de samenwerkingspartners betrokken. Ook zijn een aantal maatregelen, bijvoorbeeld ondersteuning bij complexe echtscheidingen en afkaderen basis-GGZ, regionaal opgesteld.
Vraag 4
Hoe verhoudt dit plan zich tot landelijke ontwikkelingen of wetgeving?
Antwoord
In hoofdstuk 3 van het interventieplan (trends en analyse van de kostenontwikkeling in het sociaal domein) laten wij zien dat door de landelijke ontwikkeling en de wetgeving de kosten in het sociaal domein blijven stijgen. Verder stellen wij vast dat de VNG heeft berekend dat gemeenten voor de uitvoering van taken in het sociaal domein structureel te weinig geld ontvangen. Het toekomstige ‘Ravijn’ en het herverdeeleffect van het gemeentefonds resulteert in structureel achterblijvende inkomsten en geeft hierdoor een hoop financiële onzekerheid voor onze gemeente. Hierop anticiperen wij.
Vraag 5
Maatregel: Inzet Basis GGZ qua uren en inhoudelijk afkaderen. Hoe worden de grenzen in tijd en inhoud concreet vertaald in verwijzingscriteria voor verwijzers?
Antwoord
In het format voor deze maatregel kunt u zien dat wij de basis-GGZ een scherper afgebakende omschrijving willen geven. Waarmee het gebruik van de basis-GGZ wordt zoals bedoeld: kortdurend en probleemoplossend. Qua uren is hiervoor 18 uur beschikbaar. Dit wordt vastgelegd in het richtinggevend kader dat voor alle verwijzers, de gemeenten en het servicebureau Jeugdhulp Haaglanden als basisdocument wordt gebruikt.
In de praktijk zien wij dat basis-GGZ vaak gevolgd wordt door inzet van specialistische GGZ. Wij hebben het standpunt dat de inzet van de basis-GGZ in deze gevallen niet de juiste keuze is geweest. In één keer de juiste passende zorgvorm.
Vraag 6
Hoe wordt bepaald welke zorgvragen binnen dit basis-GGZ vallen en welke niet?
Antwoord
Op dit moment werken wij met een behulp van een richtinggevend kader, dat na vaststelling van deze maatregel verder wordt aangescherpt.
Vraag 7
In hoeverre wordt bij deze maatregel rekening gehouden met wachtlijsten voor vervolgzorg?
Antwoord
Wij proberen onze inwoners zo goed mogelijk te begeleiden naar de meest passende zorg waar de wachtlijst bij de aanbieders beperkt is.
Vraag 8
Maatregel: Inzet rond echtscheidingsproblematiek begrenzen Welke criteria worden gebruikt om de mate van inzet bij scheidingsproblematiek te begrenzen?
Antwoord
Wij volgen de beschrijving van het product dat bij echtscheidingsproblematiek wordt ingezet, zoals in het contract is opgenomen. Deze omschrijving is heel algemeen en daardoor toepasbaar op vrijwel alle problematiek rondom echtscheidingen. Wij willen ons echter beperken tot dit product.
Het probleem dat wij met name zien, is dat andere jeugdhulpproducten of een combinatie hiervan, wordt ingezet bij echtscheidingsproblematiek. Hierdoor valt de mogelijkheid om deze inzet te begrenzen weg.
Vraag 9
In hoeverre wordt de inzet van schoolmaatschappelijk werk of wijkteams als alternatief beschouwd?
Antwoord
Deze alternatieven zijn voorliggend op de maatwerkvoorziening. Dit betekent dat wanneer een probleem hiermee opgelost kan worden, er geen maatwerkvoorziening nodig is. Verder zijn schoolmaatschappelijk werk en het wijkteam gericht op normaliseren en op preventie. Dus het voorkomen van problemen.
Vraag 10
Maatregel: JOH-codes (MBO/HBO/WO): voorkomen van upcoding. Welke controlemechanismen worden ingezet om het oneigenlijk gebruik van hogere codes te signaleren?
Antwoord
Wij screenen alle verzoeken tot toewijzing (VOT) en verzoeken tot wijziging (VOW). Bij vaststelling van de inzet van onjuiste code gaan wij hierover in gesprek met de dienstverlener. Waar nodig vorderen wij terug.
Vraag 11
Hoe wordt geborgd dat juiste deskundigheid behouden blijft ondanks de financiële begrenzing?
Antwoord
De interventies die ingezet worden, zijn allen gebaseerd op een reëel tarief. Vanuit de Rijksoverheid zijn wij hiertoe verplicht. Hierdoor is behoud van deskundigheid geborgd. Het doel is een goed en passend product en niet langer dan nodig.
Vraag 12
Hoe wordt de inzet van opleidingsniveaus afgestemd op de complexiteit van casuïstiek?
Antwoord
De inzet van opleidingsniveaus en werkervaring is afgestemd op de complexiteit van de casuïstiek is contractueel vastgelegd. Ook binnen ons kernteam is de inzet van opleidingsniveaus, werkervaring en expertise afgestemd op de complexiteit geborgd.
Vraag 13
Maatregel: Overbruggingszorg minimaliseren
Antwoord
Dit is sterk afhankelijk van de desbetreffende casus. Telkens wordt goed bekeken wat het meest
passend is om het kwetsbare gezin te ondersteunen, naar wat wel mogelijk is. Het is goed om te weten dat dit bijvoorbeeld ook schuldhulpverlening of maatschappelijk werk kan zijn. Er zijn binnen het sociaal domein meer vormen van interventie mogelijk.
Vraag 14
Hoeveel trajecten die nu onder overbruggingszorg vallen kunnen straks direct naar een structureel aanbod worden geleid?
Antwoord
Deze vraag kunnen wij niet specifiek beantwoorden. De inzet van een product wordt niet specifiek als overbruggingszorg geregistreerd. We schatten in dat het er tientallen per jaar zijn.
Vraag 15
Maatregel: Onderzoeken mogelijkheden voorkeursaanbieders en maximum budgetplafond per aanbieder. Hoe wordt bepaald welke aanbieders in aanmerking komen als voorkeursaanbieder?
Antwoord
Hierbij wordt gekeken naar kwaliteit van de samenwerking, kwaliteit van de zorg en het resultaat van geleverde zorg.
Vraag 16
Wat gebeurt er met jongeren die tussentijds zorg nodig hebben wanneer het budgetplafond is bereikt?
Antwoord
Deze jongeren krijgen een ander passend aanbod.
Vraag 17
Maatregel: Vergoeding Specialistische BSO beperken tot meerkosten boven regulier tarief Wat zijn de effecten van deze maatregel op de toegankelijkheid van BSO voor kinderen met extra ondersteuningsbehoefte?
Antwoord
Wij verwachten geen effecten van deze maatregel op de toegankelijkheid van BSO voor kinderen met extra ondersteuningsbehoefte. Net als alle kinderen die naar de BSO gaan, vragen ouders hiervoor een kinderopvangtoeslag aan en betaalt de gemeente de meerkosten voor het specialisme. Wel betalen de ouders de reguliere eigen bijdrage voor de BSO.
Vraag 18
Hoe wordt de grens bepaald tussen reguliere en specialistische kosten, en wie toetst dit?
Antwoord
De vergoeding die een huishouden ontvangt vanuit de kinderopvangtoeslag, vormt de basis van het bedrag dat een huishouden bijdraagt aan de kosten van de specialistische BSO.
Dit zal door de gemeente administratief moeten worden getoetst.
Vraag 19
Maatregel: Collectieve en contextgerichte inzet op scholen (‘onderwijspyramide’)
Hoe wordt bepaald welke scholen of doelgroepen prioriteit krijgen bij de collectieve inzet?
Antwoord
Op alle scholen in de onderwijsregio wordt collectief aanbod geboden voor een zo breed mogelijke doelgroep. Waar deze ondersteuning niet passend meer is, wordt maatwerk ingezet.
Vraag 20
Maatregel: Zorgwekkende verzuimers (technische maatregel, wordt al uitgevoerd)
Welke specifieke interventies worden als effectief aangemerkt binnen de aanpak van zorgwekkend verzuim?
Antwoord
Dit is bij uitstek maatwerk dat voor deze inwoners wordt gezet. De casuïstiek is zo uniek, dat voor iedere zorgwekkende verzuimer specifiek wordt gezocht naar een manier om uit de impasse van deze jongere te komen.
Vraag 21
Wat zijn de belangrijkste knelpunten die voortkomen uit de uitvoering tot nu toe?
Antwoord
Op dit moment ervaren wij geen knelpunten.
Vraag 22
Maatregel: Inwoners actief waarschuwen voor het inkomensafhankelijk abonnementstarief
Op welke momenten in het klantcontact wordt de waarschuwing voor het abonnementstarief gegeven?
Antwoord
Op dit moment is het nog onzeker wanneer het inkomensafhankelijk abonnementstarief ingaat. De verwachting nu is dat het 1-1-2027 wordt. Zodra deze datum zeker is, zullen wij de communicatie richting de inwoners uitwerken en inzetten.
Vraag 23
Maatregel: Vergoeding vragen voor medische keuring GPK (gehandicaptenparkeerkaart) – nadere uitwerking kadernota 2025
Hoe wordt de drempelwerking voor mensen met beperkte financiële draagkracht beoordeeld?
Antwoord
Als inwoners de middelen voor een medische keuring niet hebben, kunnen zij een beroep doen op de bijzondere bijstand. Voor het aanvragen hiervan wordt gekeken naar de draagkracht van de inwoner, conform de regels van de bijzondere bijstand.
Vraag 24
Bij effect wordt gesproken over het betalen van €145,- bij een nieuwe aanvraag, of een vervolgaanvraag waarbij geen sprake is van een chronische en/of onomkeerbare beperking. Bij de risico’s staat dat inwoners eenmalig kosten van de medische keuring betalen. Ook wordt er gesproken over kiezen voor scenario 3. Maar dit scenario behelst iets anders dan het betalen van de medische keuring bij een eerste aanvraag. Kan het college duidelijker maken welke keuze nu precies voorligt, en wanneer er binnen dat scenario wel en niet betaald moet worden door de aanvrager?
Antwoord
Wij leggen scenario 2 voor aan de raad.
Vraag 25
Kan het college aangeven wat de verwachtte financiële effecten zijn van de andere 2 scenario’s? En waarom de voorkeur uitgaat naar het gekozen scenario?
Antwoord
- Scenario 1: het 0-scenario. Hierbij zijn er geen financiële effecten.
- Scenario 2: Het financiële effect is geraamd op €10.000 per jaar.
- Scenario 3: Hierbij ramen wij het financiële effect tussen de €20.000 en €30.000 per jaar.
Vragen VVD
Vraag 1
Pijnlijker maatregelen als een inkomenstoets voor de Wmo zijn niet meegenomen in het eindpakket. Maar dit interventieplan loopt nog 3 jaar. Kan een overzicht worden gegeven van de maatregelen die we ‘in reserve hebben’?
Antwoord
De twee maatregelen die zijn afgevallen naar aanleiding van het advies van de ASD zijn benoemd in aanbiedingsnota. Daarnaast zijn de volgende maatregelen afgevallen:
- Wachtlijstbeleid bij Wmo hulp bij het huishouden;
- Opheffen minimabeleid eigen bijdrage Wmo;
- Meer sturen op pgb’s bij hulp bij het huishouden door sociaal netwerk of zzp’ers;
- Studietoeslag alleen op verzoek verstrekken met terugwerkende kracht.
Vraag 2
Het interventieplan zet in op ‘PowerfulAgeing’ (beweegprogramma voordat hulp bij het huishouden wordt toegekend). Daar is elders in het land veel kritiek op gekomen, onder meer omdat ouderen ‘gedwongen’ worden om deel te nemen aan te zware trainingen om hulp te kunnen krijgen. Ook de ouderenbond heeft zich in onze mailbox gemeld met zorgen hierover. Wat doet het college met die kritiek? Hoe voorkomt het college misstanden in onze gemeente?
Antwoord
Landelijk zijn er ook heel veel positieve ervaringen met krachtig ouder worden. Een voorbeeld hiervan is de gemeente Zoetermeer, waarbij inwoners onder andere meer bewegelijkheid, makkelijker opstaan, makkelijker traplopen, meer kracht en het makkelijker doen van huishoudelijke activiteiten. Inwoners ervaren dat zij een aantal jaren hebben teruggewonnen. Ook waarderen deelnemers het sociale aspect van het programma.
Bij de implementatie wordt goed aan de voorkant afgewogen of de maatregel wel of niet geschikt is voor de inwoner. We houden er rekening mee dat nog steeds direct hulp bij het huishouden verstrekt zal blijven worden aan inwoners.
Natuurlijk zal is er nauw contact plaatsvinden met de uitvoerder van krachtig ouder worden en de inwoner zelf.
Vraag D66
Vraag 1
In de reactie-brief van het College aan de leden van de Adviesraad Sociaal Domein lezen we op bladzijde 3:
“Bij het ontwikkelen van deze maatregel hebben wij contact gehad met andere gemeenten, zoals de gemeente Zoetermeer. Wij zullen alle ervaringen van de andere gemeenten meenemen bij het uitvoeren van deze maatregel”.
Met welke gemeenten behalve Zoetermeer heeft het College contact gehad?
Zijn er al effecten en ervaringen van deze gemeenten bekend, die met de raad gedeeld kunnen worden?
Antwoord
Naast de gemeente Zoetermeer hebben wij contact gehad met de gemeenten Westland en Delft. In de gemeente Zoetermeer zijn de ervaringen met deze maatregel positief. Op 7 maart 2025 heeft het college van Zoetermeer een memo over Powerful Ageing aan de gemeenteraad gestuurd, waarin zij de resultaten van een anonieme enquête onder deelnemers van Powerful Ageing delen. Positieve ervaringen zijn: deelnemers beoordelen het programma met een 8.7. Positieve effecten die worden ervaren zijn onder andere meer bewegelijkheid, makkelijker opstaan, makkelijker traplopen, meer kracht en het makkelijker doen van huishoudelijke activiteiten. Ook waarderen deelnemers het sociale aspect van het programma. Een positieve deelnemer zei door de training tot nieuwe inzichten te zijn gekomen over wat diegene nog kan. Een kritischere deelnemer vraagt zich wel af of Powerful Ageing een volledige oplossing is voor diens hulpvraag.
Een ervaring van de gemeente Westland is dat er een keuzevrijheid was voor deelname aan het programma. Dit leidde tot een zeer beperkte deelname aan het programma krachtig ouder worden, waardoor de effectiviteit laag was. Daarom zijn zij gestopt. Met de gemeente Delft hebben wij gesproken over de wijze van aanbesteden.
Powerful Ageing wordt in Nederland in ruim 40 gemeenten uitgevoerd. In Nederland hebben tot nu toe 2490 mensen hieraan deelgenomen. Deelnemers ervaren bijvoorbeeld effect op fysieke prestatie (power, kracht, bewegingssnelheid en uithoudingsvermogen), zelfredzaamheid, kwaliteit van leven en gezondheid. Waardoor zij langer zelfstandiger thuis kunnen wonen, meer zelfstandigheid behouden, zich gezonder en prettiger voelen, minder eenzaamheid ervaren en de regie weer durven pakken. Het aantal klachten over dit programma is zeer gering.
Aanvullende vragen ASD
Vraag 1
Titel interventieplan
Met betrekking tot de titel van het plan geeft u aan dat innovatie een integraal onderdeel van het plan én van de visie op het sociaal domein is. Als voorbeeld geeft u maatregelen zoals Krachtig Ouder Worden, collectieve en contextgerichte inzet op scholen, het Jongeren Perspectief Fonds en de inzet bij zorgwekkende verzuimers. Hoewel dit zeker goede voorbeelden zijn van anders werken, blijven we van mening dat het hier onvoldoende echt innovatief beleid betreft om de titel van het document te rechtvaardigen.
Antwoord
Wij zijn sterk van mening dat in het interventieplan nieuwe en innovatieve werkwijzen worden voorgesteld. Nieuwe werkwijzen voor de gemeente Pijnacker-Nootdorp.
Vraag 2
Krachtig Ouder Worden
Wat betreft de maatregelen hebben we een vraag over Krachtig Ouder Worden (Powerfull Ageing) die in uw reactie onbeantwoord is gebleven. In het interventieplan staat dat als een inwoner in aanmerking komt voor Krachtig Ouder Worden er geen individuele maatwerkvoorziening voor bijvoorbeeld hulp bij het huishouden (hbh) of een hulpmiddel wordt toegekend. In ons advies hebben we de suggestie gedaan dit anders te formuleren waardoor niet op voorhand toegang tot een individuele maatregel wordt uitgesloten. Als iemand bijvoorbeeld hulp in de huishouding nodig heeft en door deelname aan het programma Krachtig Ouder Worden een deel van het huishouden weer zelf kan doen, kan er een behoefte blijven bestaan aan aanvullende hulp. Door de combinatie van deelname aan Krachtig Ouder Worden met een lichtere vorm van hulp dan aanvankelijk nodig was mogelijk te maken, kan iemand profiteren van deelname aan het programma om in ieder geval een deel van zijn of haar onafhankelijkheid terug te krijgen. We vragen u dan ook nogmaals de formulering te heroverwegen.
Antwoord
U vraagt om een verduidelijking over het tegelijk gebruiken van een voorliggende voorziening zoals krachtig ouder worden en een maatwerkvoorziening zoals hulp bij het huishouden. Het antwoord op deze vraag is in lijn met de algemene werkwijze binnen de Wmo, waarbij een voorliggende voorziening een deel van de vragen van de inwoner kan oplossen. Blijft daarnaast nog een restvraag over waarvoor geen passende voorliggende voorziening bestaat, kan deze restvraag opgelost met een maatwerkaanbod.
Vraag 3
Verlagen Individuele inkomenstoeslag
Verder willen we nog eens extra benadrukken dat de verlaging van de individuele inkomenstoeslag (Participatie maatregel 4) een groep zeer kwetsbare inwoners treft. Inwoners die vaak langjarig op een bijstandsuitkering zijn aangewezen. Terwijl de prijzen stijgen is een verlaging met € 100 voor deze financieel kwetsbare inwoners een forse aderlating.
Hoewel uit de benchmark met de gemeente Lansingerland blijkt dat de gemeente Pijnacker-Nootdorp hier hogere bedragen beschikbaar stelt, vinden wij dat het besluit voor de nu geldende toeslag destijds niet voor niets met de nu geldende bedragen tot stand is gekomen.
We realiseren ons dat de gemeente zorgvuldig om moet gaan met de beperkte beschikbare middelen. Tegelijk blijkt uit onderzoek dat geldzorgen en schulden leiden tot een toename van gezondheidsproblemen. Daarom vragen wij u de kwetsbare inwoners die afhankelijk zijn van de individuele inkomenstoeslag te ontzien en de voorgestelde verlaging te schrappen.
Antwoord
Onze argumentatie is niet veranderd. Wij vinden dat wij met de verlaging van de individuele inkomenstoeslag nog steeds een acceptabele toeslag aanbieden, dat in lijn is met de andere gemeenten. Als inwoners in de knel komen, zijn er nog andere mogelijkheden om hen alsnog te ondersteunen.
Aan het College van Burgemeester en Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 6 mei 2025
Betreft aanvullend advies van de Adviesraad Sociaal Domein inzake Interventieplan kostenbeheersing en innovatie sociaal domein 2025 – 2028 gemeente Pijnacker-Nootdorp.
Geacht college,
Hartelijk dank voor uw reactie op ons advies op het interventieplan kostenbeheersing en innovatie sociaal domein 2025-2028. We zijn blij te lezen dat u veel van onze adviezen heeft overgenomen. Op een aantal punten uit uw reactie hebben we enkele aanvullende opmerkingen en vragen.
Titel interventieplan
Met betrekking tot de titel van het plan geeft u aan dat innovatie een integraal onderdeel van het plan én van de visie op het sociaal domein is. Als voorbeeld geeft u maatregelen zoals Krachtig Ouder Worden, collectieve en contextgerichte inzet op scholen, het Jongeren Perspectief Fonds en de inzet bij zorgwekkende verzuimers. Hoewel dit zeker goede voorbeelden zijn van anders werken, blijven we van mening dat het hier onvoldoende echt innovatief beleid betreft om de titel van het document te rechtvaardigen.
Krachtig Ouder Worden
Wat betreft de maatregelen hebben we een vraag over Krachtig Ouder Worden (Powerfull Ageing) die in uw reactie onbeantwoord is gebleven. In het interventieplan staat dat als een inwoner in aanmerking komt voor Krachtig Ouder Worden er geen individuele maatwerkvoorziening voor bijvoorbeeld hulp bij het huishouden (hbh) of een hulpmiddel wordt toegekend. In ons advies hebben we de suggestie gedaan dit anders te formuleren waardoor niet op voorhand toegang tot een individuele maatregel wordt uitgesloten. Als iemand bijvoorbeeld hulp in de huishouding nodig heeft en door deelname aan het programma Krachtig Ouder Worden een deel van het huishouden weer zelf kan doen, kan er een behoefte blijven bestaan aan aanvullende hulp. Door de combinatie van deelname aan Krachtig Ouder Worden met een lichtere vorm van hulp dan aanvankelijk nodig was mogelijk te maken, kan iemand profiteren van deelname aan het programma om in ieder geval een deel van zijn of haar onafhankelijkheid terug te krijgen. We vragen u dan ook nogmaals de formulering te heroverwegen.
Verlagen Individuele inkomenstoeslag
Verder willen we nog eens extra benadrukken dat de verlaging van de individuele inkomenstoeslag (Participatie maatregel 4) een groep zeer kwetsbare inwoners treft. Inwoners die vaak langjarig op een bijstandsuitkering zijn aangewezen. Terwijl de prijzen stijgen is een verlaging met € 100 voor deze financieel kwetsbare inwoners een forse aderlating.
Hoewel uit de benchmark met de gemeente Lansingerland blijkt dat de gemeente Pijnacker-Nootdorp hier hogere bedragen beschikbaar stelt, vinden wij dat het besluit voor de nu geldende toeslag destijds niet voor niets met de nu geldende bedragen tot stand is gekomen.
We realiseren ons dat de gemeente zorgvuldig om moet gaan met de beperkte beschikbare middelen. Tegelijk blijkt uit onderzoek dat geldzorgen en schulden leiden tot een toename van
gezondheidsproblemen. Daarom vragen wij u de kwetsbare inwoners die afhankelijk zijn van de individuele inkomenstoeslag te ontzien en de voorgestelde verlaging te schrappen.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
voorzitter
c.c. Gemeente Pijnacker-Nootdorp, de heer W. Kort
Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
t.a.v. Piet van Adrichem
Onderwerp Reactie ASD – Inkoopstrategie doorontwikkeling regionale jeugdhulp 2027
nadere informatie Brenda Verhoek
verzenddatum
zaaknummer 1577459
briefnummer 1433975
uw brief van 31 maart 2025
uw kenmerk
Geachte leden van de Adviesraad Sociaal Domein,
Op 25 maart 2025 ontvingen wij uw (ongevraagd) advies over de Regiovisie Jeugdhulp en de
Hervormingsagenda Jeugd. Uw advies is gebaseerd op diverse gesprekken met het Programmabureau
Jeugdhulp Haaglanden en de presentaties over de ontwikkelingen rondom de Regiovisie Jeugdhulp
Haaglanden en de Inkoopstrategie Jeugdhulp Haaglanden voor 2027 en verder. Wij danken de
Adviesraad Sociaal Domein voor de betrokkenheid, inzet en het advies.
Hierbij ontvangt u onze reactie op het advies.
- Evaluatie van ervaringen uit het verleden
U vraagt of er geëvalueerd is hoe jeugdigen en gezinnen de jeugdzorg ervaren. En hoe deze ervaringen worden meegenomen in de herinrichting van het zorglandschap. Wij vinden het van groot belang opgedane ervaringen te betrekken bij de (regionale) beleidsontwikkeling. Hiervoor werkt de regio Haaglanden onder andere samen met JONG Doet Mee! en de regionale Oudersraad. Er is een gezamenlijke werkagenda 2024-2025 opgesteld en bevat prioriteiten op basis van ervaringen. Door middel van ‘Ontwikkeltafels’ worden gecontracteerde jeugdhulpaanbieders en andere stakeholders bij de transformatie van de jeugdhulp betrokken. Tijdens deze tafels worden belangrijke knelpunten en ervaringen tussen gemeenten en aanbieders gedeeld. De ervaringen van gebruikers en van aanbieders geven belangrijke inzichten die worden gebruikt bij de doorontwikkeling van de jeugdhulp. - Betrekken van ervaringsdeskundigen
U pleit ervoor ervaringsdeskundigen vanaf het begin te betrekken bij beleidsontwikkeling.
Wij onderschrijven uw advies. Zowel de gemeente Pijnacker-Nootdorp als de regiogemeenten vinden
het essentieel ervaringsdeskundigen te betrekken bij de (regionale) beleidsontwikkeling. Hiervoor werkt de regio Haaglanden onder andere samen met JONG Doet Mee! en de regionale Oudersraad.
In de gezamenlijke werkagenda 2024-2025 staan de volgende prioriteiten: liefdevolle jeugdhulp,
wachttijden en de Big5. De werkagenda vormt één van de uitgangspunten voor de inkoopstrategie. Bij de projectgroep die zich bezighoudt met de doorontwikkeling van het zorglandschap zijn ook
ervaringsdeskundigen betrokken. - Inzicht in de behoeften van jeugdigen en gezinnen.
Uw advies is de herinrichting van het zorglandschap af te stemmen op de werkelijke behoeften en
hierbij oog te hebben voor doelgroepen als thuiszitters, dak- en thuislozen, minderjarige asielzoekers en moeilijk bereikbare gezinnen. Daarnaast verzoekt u aandacht te hebben voor (lange) wachttijden.
Om gericht te kunnen kijken naar specifieke behoeften van jeugdigen en gezinnen kiezen we bij de
herinrichting van het zorglandschap voor een indeling aan de hand van segmenten. Uw advies om oog te hebben voor bovengenoemde specifieke doelgroepen wordt hier zeker bij betrokken.
Binnen het segment onderwijs-jeugdhulp wordt collectieve jeugdhulp op school ontwikkeld. Deze inzet is gericht op het bevorderen van de schoolgang van leerlingen. Het uitgangspunt hierbij is dat jeugdhulp op de scholen moet plaatsvinden, groepsgericht is en als doel heeft schooluitval voorkomen.
We onderschrijven de zorg van lange wachttijden voor jeugdigen. Een belangrijke opgave bij de
doorontwikkeling van het zorglandschap en de inrichting van de segmenten is het voorkomen van
wachttijden en het beter beheren van wachtlijsten. - Aandachtspunten voor de uitvoering
U geeft aan dat het belangrijk is bij de herinrichting van de jeugdzorg te zorgen voor duidelijke structuur en heldere afspraken. Daarbij geeft u advies over de regiefunctie, zorgzwaartetrap, codes en tarieven en een overzicht van plaatsingsmogelijkheden.- Regiefunctie
We vinden het belangrijk de doorontwikkeling samen met de uitvoering vorm te geven. Het betreft onder meer lokale toegangspartners, aanbieders, de Gecertificeerde Instellingen en het onderwijs. De eerdergenoemde klantreizen vormen mede een toetsing vooraf en worden meegenomen bij de doorontwikkeling van Stevige Lokale Teams. - Zorgzwaartetrap
De komende jaren vindt een doorontwikkeling plaats naar Stevige Lokale Teams die werken conform het landelijk ‘Richtinggevend kader Toegang, lokale teams en integrale dienstverlening’. Hierin is opgenomen dat medewerkers in de toegang een brede blik hanteren en samen met inwoners een brede analyse doen met oog voor de context en verschillende leefgebieden en (indien van toepassing) het gezin en omgeving. Het kernteam kijkt met een brede blik naar gezinnen en wat er nodig is. Zij schakelen binnen de afdeling Samenleving gemakkelijk met onder andere Wmo, Werk&Inkomen en leerplicht als dat passend is voor het gezin. Het is vooral belangrijk dat op basis van de analyse passende hulp (‘matched care’) wordt ingezet. Uithuisplaatsing willen we daarbij zoveel mogelijk voorkomen. Een gedwongen uithuisplaatsing kan enkel plaatsvinden met een machtiging uithuisplaatsing. Het besluit hierover wordt genomen door de kinderrechter. - Codes en tarieven
Het streven is om bij de ontwikkeling van nieuwe producten en tarieven aan te sluiten bij landelijke ontwikkelingen. In de Hervormingsagenda Jeugd is afgesproken om te komen tot standaardisatie van productbeschrijvingen en reële tarieven. Vanuit de regio Haaglanden sluiten we zoveel mogelijk aan bij werkgroepen voor de ontwikkeling van landelijke standaarden. Tevens zetten we bij de inkoop van de jeugdhulp in het segment Specialistisch veelvoorkomend in op vereenvoudiging van de productstructuur. - Overzicht plaatsingsmogelijkheden
Een goede omschrijving van de producten is belangrijk, zodat voor verwijzers helder is wat het aanbod inhoudt. Uw advies over de behoefte aan (naschoolse) dagbehandeling wordt meegenomen bij de uitwerking van het segment Dagbesteding en Dagbehandeling.
- Regiefunctie
- Zorg dichtbij de leefwereld van het gezin
U geeft aan dat Jeugdhulp zoveel mogelijk dichtbij het gezin moet worden georganiseerd. Daarbij
benadrukt u dat continuïteit van zorg essentieel is en dat zo min mogelijk wisseling van hulpverleners
gewenst is. Daarnaast adviseert u dat bij de in te kopen jeugdhulp de kwaliteit en de zorgvraag leidend moeten zijn, zodat de jeugdhulp goed aansluit op de behoefte van jeugdigen en hun gezinnen.
Door de toegang van de jeugdhulp in richten aan de hand van Stevige Lokale Teams wordt zoveel
mogelijk aangesloten bij de leefwereld van de jeugdigen en het gezin. Lokale teams worden nabij en
laagdrempelig ingericht. In Pijnacker-Nootdorp wordt al op deze manier gewerkt. De ingekochte
specialistische jeugdhulp moet daarop aansluiten. Door de jeugdhulp in te richten aan de hand van
segmenten kunnen we per segment heel gericht sturen op de ontwikkelopgave. Een voorbeeld hiervan is het segment onderwijs-jeugdhulp. De ontwikkeling binnen het segment is gericht op inclusief onderwijs en het bevorderen van de schoolgang van leerlingen. Jeugdhulp vindt plaats op de school zelf in plaats van de jeugdige te verplaatsen naar jeugdhulp. - Uniformiteit in taal, systemen en werkwijze
U geeft aan kansen te zien in het uniformeren van processen binnen de jeugdhulp. Daarnaast geeft u
het belang aan van vroegsignalering en gemeentelijke regie op preventie.
Wij onderschrijven uw visie op het belang van het uniformeren van processen. Zie hiervoor ook de
reactie op punt 3. De Stevige Lokale Teams moeten nabij, integraal en met mandaat werken. Zij krijgen dan ook een belangrijke taak waar het vroegsignalering en het inzetten van preventief aanbod betreft. Ook moeten de Stevige Lokale Teams regie voeren op de ingezette hulp. Deze punten zitten al in het model van het kernteam in Pijnacker-Nootdorp. Dit ook in aansluiting op een sterke sociale basis en preventie, bijvoorbeeld door de inzet van schoolmaatschappelijk werk op de scholen en voorschools maatschappelijk werk bij de kinderopvang, praktijkondersteuners bij de huisartsen, de JIM methode en leidende principes van normaliseren (campagne op de scholen). - Transparantie in planning en evaluatie
U adviseert een planning op te stellen aan de hand van cruciale mijlpalen, zodat helder is wanneer
bestuurlijke besluitvorming zal plaatsvinden. In de Inkoopstrategie is een planning op hoofdlijnen opgenomen. De gemeenteraad wordt betrokken en geïnformeerd over vervolgstappen gedurende de nadere uitwerking van de segmenten. - Evaluatie van de zorginkoop
U stelt voor duidelijke criteria voor de zorginkoop vast te stellen en de inkoop op deze criteria te
evalueren. Daarnaast vindt u dat aanbieders verplicht moeten worden om jeugdigen en gezinnen
structureel te betrekken bij hun plannen.
In de inkoopstrategie is opgenomen dat het model ‘Four Levers of Control’ van Simons als basis wordt gebruikt voor monitoring en bijsturing. Het idee daarbij is om een aantal Kritische Prestatie-indicatoren (KPI) te formuleren, zodat de inhoudelijke doelstelling per segment kan worden gevolgd. In het inkoopproces heeft het betrekken van ervaringsdeskundigheid een belangrijke rol.
Hopende u voldoende geïnformeerd te hebben.
Hoogachtend,
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
secretaris
Frank van Kuppeveld
burgemeester (plv.)
Aan het College van Burgemeester en Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 31 maart 2025
Betreft gezamenlijk gedeeld advies Regiovisie Jeugdhulp Haaglanden en de Hervormingsagenda Jeugd voor de H9 regio
Geacht College,
De Adviesraden Sociaal Domein uit de regio Haaglanden (H9) zijn in december door de projectleiding door middel van een presentatie geïnformeerd over de Regiovisie Jeugdhulp Haaglanden en de Hervormingsagenda Jeugd. In vervolg daarop is besloten om in gezamenlijkheid een advies uit te brengen laten voor de verdere uitwerking van de hiervoor genoemde beleidsstukken. Een werkgroep geformeerd uit de adviesraden heeft het hierna volgende advies opgesteld, wat door de gezamenlijke raden is goedgekeurd en naar de projectleiding is gezonden.
Het gezamenlijke advies is ook besproken tijdens onze ASD vergadering op 25 maart en tijdens een gezamenlijk regio overleg op 26 maart heeft de projectleiding al een eerste reactie op het advies gegeven.
Wij willen dit advies richting de projectleiding ook aan u toezenden. Als gezamenlijke adviesraden waarderen we de vroege betrokkenheid in dit proces. Dit draagt bij aan vertrouwen in een constructieve samenwerking. We erkennen de urgentie en het momentum om de jeugdzorg te verbeteren en willen in dit advies de volgende punten meegeven ter overweging voor verdere verbeteringen.
1. Evaluatie van ervaringen uit het verleden: Om betrokken te blijven, is het essentieel om te evalueren hoe jeugdigen en gezinnen de jeugdzorg ervaren. Is er een cliënttevredenheidsonderzoek uitgevoerd? En hoe beïnvloeden de resultaten de herinrichting van het zorglandschap?
Een effectieve manier om betrokkenheid te vergroten, is door systematisch wensen en behoeften te peilen. Daarbij is het cruciaal om ook de uitstroom te analyseren: Hoe vergaat het jeugdigen en hun gezin na een uithuisplaatsing? Hoe gaat het met hen na hun 18e levensjaar? Stroomden zij pas uit toen de ‘Big 5’ (wonen, werk/opleiding, inkomen, sociaal netwerk, zorg) op orde was?
Daarnaast is het waardevol om zowel formele als informele zorgaanbieders te betrekken. Eerder adviseerden wij om preventieve maatregelen concreet te maken en hun effect op in- en uitstroom te meten. Dit vraagt om een brede beschouwing vanuit meerdere perspectieven: ouders, jeugdigen, verwijzers en regiehouders.
2. Betrekken van ervaringsdeskundigen: Wij pleiten ervoor om vanaf het begin ervaringsdeskundige ouders en jeugdigen te betrekken. Denk hierbij aan initiatieven zoals ‘JONG doet mee!’, ‘de Ouderraad Haaglanden’ en ‘ExpEx Haaglanden’. Een goed doordachte participatiestrategie, uitgewerkt in een participatiebesluit- of plan, waarborgt dat hun input op relevante momenten wordt meegenomen.
3. Inzicht in de behoeften van jeugdigen en gezinnen: De herinrichting van de jeugdzorg moet aansluiten op de werkelijke behoeften van jeugdigen en gezinnen. Dit vraagt om actieve betrokkenheid van het netwerk, bijvoorbeeld via het ‘familiegroepsplan’ of ‘JIM werkt’.
Wij willen specifiek aandacht vragen voor:
Thuiszitters: Jeugdigen die door een tekort aan passende zorg geen onderwijs kunnen volgen.
Dak- en thuisloze jeugdigen: Behoefte aan passende opvang en begeleiding en een toekomstperspectief op wonen én dagbesteding.
Moeilijk bereikbare gezinnen: Gezinnen die afzien, moeilijk of niet bereikt worden door het afhouden van hulp, door complexiteit, anders-taligheid of andere redenen voor de ontoegankelijkheid.
Minderjarige asielzoekers: Onderzoek en verbeter de psychosociale ontwikkeling, het verblijf, onderwijs & dagbesteding en zelfontplooiing (sport, hobby’s, talentontwikkeling) van deze kinderen en jeugdigen. Onderzoek welke hulp het beste past, met aandacht voor culturele aspecten binnen het gezin en de peer group. Een diversiteitsgerichte aanpak zorgt voor betere aansluiting bij de leefwereld en behoeften van jeugdigen.
Wachttijden: Jeugdigen wachten soms maanden op de juiste behandeling. Wij adviseren lokale teams om de regie te nemen en passende wachtlijstondersteuning te bieden aan jeugdigen en hun gezinnen.
4. Aandachtspunten voor de uitvoering: Een effectieve uitvoering van de herinrichting van de jeugdzorg vereist een duidelijke structuur en heldere afspraken. Dit voorkomt versnippering, zorgt voor een logische opbouw in hulpverlening en bevordert een efficiënte samenwerking tussen betrokken partijen. Wij willen de volgende adviezen meegeven:
Regiefunctie: De coördinatie van alle hulpverlening in het gezin (dus niét alleen van de hulp aan de jeugdige) ligt bij het lokale wijkteam. Bij de regiefunctie hoort ook de samenwerking met onderwijs, wijkagent, netwerk, jeugdigenwerk in relatie tot de “peer group”.
Zorgzwaartetrap: Hulp moet stapsgewijs worden aangeboden, oplopend van preventieve ondersteuning tot intensieve en residentiële zorg, waarbij een verklarende analyse helpt om keuzes en afwegingen inzichtelijk te maken voor zowel gezin als verwijzers.Een verklarende analyse moet een voorwaarde zijn vóór een uithuisplaatsing van een jeugdige.
Codes en tarieven: Duidelijk moet zijn welke code past bij welke zorgvraag. Daar hoort ook bij hoeveel inzet (tijd) een gezin daadwerkelijk kan verwachten. De tarieven, zoals die nu door het regionale servicebureau worden vermeld zouden in eenzelfde eenheid moeten worden vermeld. Bijvoorbeeld: per behandelingsduur van 3 maanden.
Overzicht van plaatsingsmogelijkheden: Er moet een duidelijk overzicht beschikbaar zijn voor verwijzers (zoals huisartsen en lokale teams), waarin doelgroepen, continuïteit, methodieken, cliënttevredenheid en wachtlijsten worden vermeld. Dit is vooral van belang wanneer het centraal ingekochte aanbod niet goed aansluit op de hulpvraag. Daarnaast is het essentieel om gericht te onderzoeken welke behoefte er in de regio bestaat aan (naschoolse) dagbehandeling.
5. Zorg dichtbij de leefwereld van het gezin: Jeugdhulp moet zoveel mogelijk dichtbij de leefomgeving van het gezin worden georganiseerd. Dit vermindert de noodzaak voor jeugdhulpvervoer en vergroot de betrokkenheid van het sociale netwerk. Een zorgvuldige analyse aan de voorkant helpt om onnodige doorverwijzingen te voorkomen en zorgt voor passende ondersteuning. Continuïteit van zorg is daarbij essentieel: jeugdigen en gezinnen die al hulp ontvangen, moeten niet telkens te maken krijgen met wisselende hulpverleners.
Opmerking t.a.v. beperken van de zorgaanbieders: Bij de selectie van zorgaanbieders moeten kwaliteit en zorgvraag leidend zijn, naast de wens om meer grip en zicht te krijgen op het aanbod in de regio. Kleinere aanbieders kunnen soms flexibeler en doelgerichter werken. Wij adviseren om hier bij de regionale inkoop oog voor te houden, zodat de ingekochte jeugdzorg aansluit op de daadwerkelijke behoeften van jeugdigen en gezinnen.
6. Uniformiteit in taal, systemen en werkwijze: Wij zien kansen in het uniformeren van taalgebruik, systemen en werkwijzen binnen de jeugdhulp. De veelheid aan registratiesystemen, diagnostische modellen en leerlingvolgsystemen maakt het proces complex. Systemen moeten de toegang tot passende hulp versnellen in plaats van vertragen.
Hoe gemeenten de jeugdhulp lokaal organiseren, bepaalt direct het regionale aanbod. Een sterke sociale basis en preventie zijn essentieel om kosten te beheersen. Wanneer bestaanszekerheid onder druk staat, nemen hulpvragen toe. Investeren in vroegsignalering voorkomt escalatie van problemen. Dit betekent dat lichte hulp in een vroeg stadium beschikbaar moet zijn.
Gemeenten moeten de regie behouden over preventie, ook als de uitvoering bij scholen en andere samenwerkingspartners ligt. Daarnaast moeten zij waarborgen dat lichte hulp toegankelijk blijft om zwaardere, langdurige zorg te voorkomen. Beslissingen over het toekennen of afwijzen van lichte hulp moeten transparant en toetsbaar zijn.
7. Transparantie in planning en evaluatie: Wij adviseren de regionale samenwerking om een visuele planning op te stellen met cruciale mijlpalen. Hierin moet duidelijk staan wanneer gemeenten gezamenlijk beleid vaststellen, wanneer adviesraden worden geïnformeerd en feedback kunnen geven, en hoe de politieke besluitvorming hierin past. Dit helpt adviesraden om tijdig input te leveren en hun rol effectief te vervullen.
8. Evaluatie van de zorginkoop: Vooraf moeten duidelijke criteria voor zorginkoop worden vastgesteld, denk aan een gezinsgerichte benadering, liefdevolle jeugdzorg, gebruik van effectieve interventies (NJI), een gedegen analyse, behoud van relaties (onderwijs, netwerk) en wachtlijstondersteuning. Op basis van deze criteria moet de zorginkoop worden geëvalueerd: Zijn de geformuleerde ambities en speerpunten daadwerkelijk gerealiseerd? Wij stellen voor dat aanbieders verplicht worden om jeugdigen en gezinnen structureel te betrekken bij hun plannen. Dit vergroot de kans dat de nieuwe inrichting beter aansluit bij de behoeften van de doelgroep.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
Voorzitter
Gemeente Pijnacker-Nootdorp, mevr. I. Sterkenburg
Adviesraad Sociaal Domein
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
onderwerp: Reactie college op advies ASD interventieplan kostenbeheersing en innovatie sociaal domein 2025-2028
nadere informatie: Wijnand Kort
verzenddatum
zaaknummer 1570323
briefnummer 1430970
uw brief van: 26 maart 2025
uw kenmerk
Geachte heer Van Adrichem,
Op 26 maart jl. hebben wij uw advies ontvangen over het interventieplan kostenbeheersing en innovatie
sociaal domein 2025-2028. Wij willen u hartelijk bedanken voor het uitbrengen van dit advies. U heeft in
korte tijd met grote zorgvuldigheid dit advies uitgebracht en wij zijn verheugd dat u instemt met een
groot aantal van de voorgelegde maatregelen. In deze reactie zullen wij gericht ingaan op de
maatregelen waar u nog vragen of kanttekeningen bij heeft.
Het interventieplan is inderdaad primair gericht op kostenbeheersing, gezien de urgente noodzaak om
de stijgende kosten binnen het sociaal domein te beheersen. Naast stijgende kosten moeten wij ook de
schaarse hulp- en zorgverleners goed verdelen. Innovatie is echter een integraal onderdeel van het plan
én van de visie op het sociaal domein, zoals blijkt uit maatregelen zoals Krachtig Ouder Worden,
collectieve en contextgerichte inzet op scholen, het Jongeren Perspectief Fonds en onze inzet bij
zorgwekkende verzuimers.
Wmo
Maatregel 1: Budgetplafond hulp bij het huishouden in combinatie met een wachtlijst
Uw advies: Dit is een maatregel die in strijd is met de wet. Dat lijkt ons onverstandig. Eventuele kosten
voortkomend uit rechtszaken kunnen hoog zijn en de gemeente positioneert zich hiermee als
onbetrouwbare overheidspartij. Daarom adviseren we deze maatregel niet in het plan op te nemen.
Onze reactie: Wij gaan mee in uw advies en zullen deze maatregel schrappen.
Maatregel 2: Inwoners actief waarschuwen voor het inkomensafhankelijke abonnementstarief
Uw advies: Het is een goed idee mensen actief te waarschuwen. Wel is het belangrijk daarbij rekening te
houden met een toeloop van aanvragen zolang het inkomensafhankelijke abonnement nog niet is
doorgevoerd. De vraag is dan ook of dit uiteindelijk leidt tot besparing voor de gemeente.
Onze reactie: Het waarschuwen van inwoners is een preventieve maatregel om hen bewust te maken
van toekomstige kosten. Dit kan inderdaad leiden tot een toeloop van aanvragen. De verwachting is dat
het abonnementstarief per 1-1-2027 ingaat.
Maatregel 3: Hulp bij huishouden slimmer inkopen
Uw advies: Hoewel de besparing beperkt is, is het zeker een goede maatregel om door te voeren. Hier zien we wel een risico voor de meest kwetsbare inwoners die niet goed uitkomen met het ingekochte aanbod. Hoe stuurt de gemeente op kwaliteit met een beperkt aantal aanbieders?
Onze reactie:
Het vertrekpunt van deze maatregel is niet om met een minder aantal aanbieders van huishoudelijke
hulp te komen. Het aanbod blijven wij goed monitoren. Ook voor de meest kwetsbare inwoners.
Maatregel 4: Werken met ambulant team volwassenen/Wmo
Uw advies:
Het voordeel van een dergelijk team is helder. Het roept wel de vraag op hoe de gemeente de
onafhankelijkheid bewaakt. Ook in dit geval is het belangrijk te expliciteren hoe voldoende ruimte voor
onafhankelijke en kwalitatief goede dienstverlening wordt geborgd.
Onze reactie:
Binnen het kernteam hebben wij veel ervaring met het werken met een ambulant team, ook met
volwassenen. Voorbeelden hiervan zijn ondersteuning met algemeen maatschappelijk werk, de inzet
van bemoeizorg en ondersteuning van inwoners die uitstromen uit regionale maatschappelijke
voorzieningen. Ook de praktijkondersteuners jeugd zijn hier een voorbeeld van. Wij bieden een passend
aanbod voor de inwoners én boeken hiermee goede resultaten. Tegelijkertijd is er voor inwoners een
alternatief aanbod beschikbaar, indien gewenst.
Maatregel 5: Krachtig Ouder Worden als voorliggende voorziening (powerfull ageing)
Uw advies:
We adviseren de gemeente om juist voordat mensen een beroep doen op de Wmo in te zetten op het
stimuleren van krachtig ouder worden. Bijvoorbeeld door een campagne om mensen te helpen zelf
actief te blijven. Als iemand vervolgens een beroep doet op de Wmo kan het aanbod om de
zelfredzaamheid te vergroten een goed aanbod zijn. Het zal echter niet voor alle doelgroepen werken.
Bovendien is de ASD van mening dat het altijd een vrije keuze moet zijn van het aanbod gebruik te
maken en dat het niet dwingend opgelegd mag worden. Het advies van de ASD is vooral bij gemeenten
te gaan kijken die hier al ervaring mee hebben, hoe zij het hebben ingericht en wat daar de ervaringen
zijn. Met betrekking tot de beoordeling wijzen we op het belang dit neer te leggen bij een
onafhankelijke beoordelaar om een perverse prikkel te voorkomen. In de omschrijving staat verder dat
er in geval van een beweegaanbod geen individuele maatregel wordt toegekend. Meer regie nemen
over je eigen gezondheid en normaliseren past bij het gemeentelijk beleid. Tegelijkertijd is de ASD
kritisch over het niet toekennen van een individuele maatregel. Het advies is dit aan te passen in het
heroverwegen van een individuele maatregel, passend bij wat de inwoner zelf (weer) kan. Verder is er
ingezet op een flink kostenbeheersingsdoel. We twijfelen of deze beoogde bezuiniging met de
maatregel behaald zal worden.
Onze reactie:
De maatregel krachtig ouder worden is een maatregel die past bijt het gedachtengoed van de visie op
het sociaal domein en ons gezondheidsbeleid. De gemeente zet volop in op preventie om ouderen
vitaal, gezond en actief te houden. Denk hierbij aan het programma sociaal vitaal, valpreventie en vele
andere welzijnsactiviteiten. Een ander voorbeeld is ook het brede palet aan vrijwilligersondersteuning
aan doelgroepen. Wij bieden als gemeente randvoorwaarden aan inwoners om zo lang mogelijk
zelfstandig te blijven. Inzet hierbij is ook om de toeloop op schaarse- en steeds schaarser wordende-
maatwerkvoorzieningen af te remmen. De maatregel krachtig ouder worden ligt volledig in deze lijn.
Krachtig ouder worden is een voorliggende voorziening voor inwoners die aanspraak willen maken op
hulp bij het huishouden en andere hulpmiddelen zoals een traplift. Het resultaat van dit programma is
hogere zelfredzaamheid van inwoners die hebben deelgenomen. Met behulp van krachtig ouder
worden, vinden inwoners hun eigen fitheid terug.
Vertrekpunt van de uitvoering is dat krachtig ouder worden niet voor elke inwoner een passende
voorziening is. De gemeente doet zelf een eerste toets aan de hand van een afwegingskader. Niet elke
inwoner die om de voorziening hulp bij het huishouden vraagt, wordt naar dit programma verwezen. Na
deze eerste toets voert de uitvoerende organisatie die powerful ageing aanbiedt een intake uit.
Bij het ontwikkelen van deze maatregel hebben wij contact gehad met andere gemeenten, zoals de
gemeente Zoetermeer. Wij zullen alle ervaringen van de andere gemeenten meenemen bij het
uitvoeren van deze maatregel. Het bezuinigingsdoel is gebaseerd op ervaringscijfers van aanbieders. We
hebben deze prognose conservatief benaderd.
Maatregel 6: afspraken met woningcorporaties over (voorkomen van) woningaanpassingen
Uw advies:
Het lijkt ons goed om hier afspraken over te maken. Daarbij adviseren we de gemeente zoveel mogelijk
te voorkomen dat ouderen uit hun vertrouwde buurt weg moeten. Juist nu we proberen meer
‘noaberschap’ ‘naar elkaar omzien’ in de wijken/buurten te realiseren, is het belangrijk dat men in de
oude, vertrouwde omgeving kan blijven.
Onze reactie:
Uw pleidooi voor ‘noaberschap’ onderschrijven wij volledig. Bij de realisatie van deze maatregel, denken
wij vooral aan het optimaliseren van het proces van een woningaanpassing en een reële/ betere
verdeling van kosten tussen woningbouwcorporaties en de gemeente.
Maatregel 8: Kostendekkende leges vragen voor een gehandicapten parkeerkaart
Uw advies:
Een gehandicaptenparkeerkaart wordt vaak aangevraagd door inwoners die te maken hebben met een
stapeling van zorgkosten. De argumenten die destijds golden om een eigen bijdrage af te schaffen, zijn
ook vandaag de dag nog steeds van kracht. Mocht hier toch iets van een bijdrage wenselijk zijn, dan is
het advies deze bijdrage beperkt te houden. Bijvoorbeeld alleen het bedrag van medische keuring door
de inwoner te laten betalen. Door anders om te gaan met herhaal aanvragen en deze bij chronische of
progressieve aandoeningen automatisch te verstrekken, zou nog op arbeidskosten bespaard kunnen
worden.
Onze reactie:
Wij hebben uw suggestie om alleen het bedrag van de eerste medische keuring door de inwoner te
laten betalen overgenomen in het door het college gekozen scenario.
Jeugd
Maatregel 1: Inzet Basis GGZ qua uren en inhoudelijk afkaderen
Uw advies:
De ASD ziet hierin een juridisch risico omdat het vanuit een ander wettelijk kader speelt. Inhoudelijk is
het een prima maatregel, maar het roept de vraag op of het juridisch voldoende is uitgezocht.
Onze reactie:
We merken dat de formulering van de maatregel in het format verwarring oproept en wijzigen deze
formulering om die reden.
Hieronder ziet u de nieuwe tekst:
De gemeente biedt haar inwoners de mogelijkheid om GGZ-trajecten te volgen. Dit kunnen ‘basis’ GGZ-
trajecten zijn of specialistischere trajecten, ook wel ‘S-GGZ’ genoemd.
In het licht van de kostenbeheersing willen wij de diensten die onder de basis-GGZ vallen een scherper
afgekaderde omschrijving geven. Hoeveel uur kan maximaal onder basis-GGZ geboden worden, welke
interventies vallen onder deze dienst. Hoe gaan we om met verlenging en met opschalen naar
specialistische-GGZ? Dat soort vragen willen we vastleggen in een helder kader dat past binnen de
jeugdwet en de bestaande regelgeving en de contractuele afspraken. De afspraken in dit kader gaan we
communiceren met de dienstverleners en strikt naleven.
De lokale ontwikkeling van deze maatregel en de regionale inspanning op dit gebied lopen hierbij
gelijktijdig.
Maatregel 2: Inzet rond echtscheidingsproblematiek
Uw advies:
Wij adviseren hier met klem ruimhartig om te gaan met toepassing van de hardheidsclausule zodat
ruimte is door te gaan waar dat nodig is. En alleen te betalen voor wat gebruikt wordt.
Onze reactie:
Vertrekpunt voor de vraag van een inwoner is altijd passende ondersteuning. De maatregel is met name
gericht op teveel gebruik van zorgcodes in de jeugdhulp door dienstverleners.
De vraag blijft leidend, als er meer zorg nodig is , kan er altijd extra zorg worden ingezet binnen het
bestaande aanbod. Het lijkt ons daarom niet aannemelijk dat het nodig is om hiervoor een
hardheidsclausule in te zetten. In uitzonderlijke gevallen blijft dit mogelijk.
Maatregel 3: Sturen op minder inzet producten/zorg met WO en HBO jeugdzorg
Uw advies:
Het is goed om niet te hoog in te zetten bij het toewijzen van hulpverlening. Daarbij is zorg op mbo
niveau wel schaars. Mocht de capaciteit daarvan bij uitvoerders niet toereikend zijn, dan mag het niet zo
zijn dat jeugdigen hiervan de dupe worden.
Onze reactie:
Onze ervaring is dat de zorg op MBO niveau goed beschikbaar is. Het ambulante team in het kernteam
kan hierin ook nog voorzien. De maatregel richt zich specifiek op aanbieders om upcoding te beperken.
Dat wil zeggen: een duurder product inzetten dan nodig voor de vraag van de inwoner. Of een product
met een langer looptijd dan nodig.
Uiteraard houden wij in de gaten dat de capaciteit bij de aanbieders toereikend is en dat de jeugdigen
hier niet de dupe van worden.
Maatregel 4: Minimaliseren overbruggingszorg
Uw advies:
De ASD vindt het goed dit na te streven. Er zit wel een risico aan vast dat de druk op mantelzorgers
toeneemt. Dat roept de vraag op of je zo het probleem niet verschuift. Daarnaast benoemt men vanuit
SkippyPepijn, de grootste kinderopvangorganisatie van onze gemeente, zorgen over de ontwikkeling van
de groep kinderen die op een wachtlijst komen te staan. Vanuit de kinderopvang wordt zo lang als
mogelijk gezocht naar manieren om kinderen met (zware) problematiek in de reguliere opvang te
houden. Maar deze kinderen hebben iets anders nodig dan de reguliere opvang kan bieden. Als de
opvang niet in het belang van het kind is of als het niet haalbaar is voor de groep, wordt deze gestopt.
Door de lange wachtlijsten worden ouders in zo’n geval gedwongen te stoppen met werken om hun
kind op te vangen en treedt vertraging op in de ontwikkeling van het kind. In dat geval is overbruggingszorg geen luxe maar een noodzaak. Daarbij wijzen we ook op het advies vanuit de regionale adviesraden over de regiovisie jeugdhulp Haaglanden, waarin geadviseerd wordt in geval van wachtlijsten passende ndersteuning te bieden aan jeugdigen en hun gezinnen. We roepen de gemeente op in actie te komen als de nood hoog is. In dit geval is maatwerk noodzakelijk. Als maatregel 4 wordt uitgevoerd, adviseert de ASD goed te monitoren wat het effect is op de wachttijden en op andere ongewenste effecten. Verder is het raadzaam te kijken welke mogelijkheden er zijn om in eerste instantie hulp te bieden zolang geen professionele hulp is gestart. Bijvoorbeeld zoals gebeurt met de wachtverzachter.
Onze reactie:
Wij zijn verheugd te horen dat de ASD de gedachtegang deelt om overbruggingszorg te minimaliseren.
Daarbij houden wij rekening met kinderen en ouders die zich in een kwetsbare situatie bevinden. Met
name de doelgroep die u noemt, die niet binnen de reguliere opvang meer terecht kunnen bij Skippy
Pepijn is zo’n doelgroep. Het gaat om hele jonge kinderen (0-4 jarigen), waar het langer dan 3 maanden
wachten op hulp regionaal wordt gezien als schadelijk wachten. Hier gaan we niet minimaliseren van
overbruggingshulp. Het inzetten van overbruggingshulp is hier, zoals u terecht aangeeft, noodzakelijk.
Bij het minimaliseren van overbruggingshulp richten we ons op Jeugd-GGZ.
Maatregel 6: Onderzoeken mogelijkheden voorkeursaanbieders en een maximum budgetplafond per
aanbieder.
Uw advies:
Hoewel de ASD zich in deze maatregel kan vinden, is er een klein risico dat minder keuzevrijheid leidt
tot gedwongen winkelnering. Ook is er een risico op onder prestatie. Hoe zorgt de gemeente dat de
negatieve prikkel uit blijft en dat het aanbod passend is en de kwaliteit goed blijft?
Onze reactie:
Deze maatregel richt zich op het prikkelen van de prestaties van aanbieders. Het gaat daarbij met name
om de resultaten voor de inwoners en de duur van de ondersteuning.
Wij voorzien geen beperking van aantal aanbieders.
Maatregel 8: Collectieve en context gerichte inzet op scholen.
Uw advies:
De insteek van deze maatregel is zeker goed. De ASD adviseert de gemeente te bewaken dat het
benodigde maatwerk geleverd wordt. En goed in beeld te brengen wat de gevaren zijn en welke
mogelijkheden er zijn om bij te sturen.
Onze reactie:
Bij de uitvoering van deze maatregel blijft de regie van het kernteam op alle inwoners/casuïstiek ons
uitgangspunt. Hiermee houden wij een goed beeld op de inzet van de meest passende zorg.
Maatregel 9: zorgwekkende verzuimers.
Uw advies:
Een prima maatregel. Wel adviseert de ASD om het perspectief van de betrokken leerlingen in het oog
te houden zodat ze wel een uitdagende invulling krijgen die past bij hun niveau.
Onze reactie:
De werkwijze bij zorgwekkende verzuimers is natuurlijk maatwerk, die volledig aansluit op de complexe
casuïstiek. De kern van deze maatregel, zit precies in het vinden van de juiste activiteiten om het
functioneren van deze leerlingen weer op gang te brengen.
Participatie
Algemeen
Uw advies:
Door een veranderende samenstelling van de bevolking is het belangrijk dat de gemeente blijft
investeren op het (terug) begeleiden van mensen naar de arbeidsmarkt.
Onze reactie:
Wij zullen blijven inzetten op het begeleiden van mensen naar de arbeidsmarkt.
Maatregel 2: ondertussengroep van statushouders.
Uw advies:
Goed dat er aandacht is voor deze groep die tussen wal en schip is geraakt. Wel ziet de ASD een risico in
de investering van 2 ton om 40.000 euro te besparen. Kijkend naar de geringe groepsgrootte en de
investering wordt hier wel een groot risico genomen voor een relatief geringe opbrengst die mogelijk
niet behaald wordt.
Onze reactie:
Vanuit maatschappelijk oogpunt besteden wij aandacht én investeren in een groep die, in sommige
gevallen, soms ook door bijzondere omstandigheden zoals het niet voldoende beheersen van de
Nederlandse taal, moeilijker tot duurzame participatie te brengen is. Deze groep willen wij in beweging
brengen en aan werk te helpen. Het alternatief is niets doen, waarbij deze groepafhankelijk blijft van
een uitkering en niet naar vermogen participeert. Wij anticiperen hierbij op het door uw genoemde
risico.
Maatregel 3: bijzondere bijstand-maatschappelijk verkeer.
Uw advies:
In lijn met het recente advies van de ASD om bijzondere bijstand te indexeren, adviseren we de
gemeente deze maatregel te schrappen. Het is niet in lijn met eerdere beleidsvoornemens om mensen
te stimuleren mee te doen. Als mensen niet mee kunnen doen in de maatschappij brengt dat uiteindelijk
maatschappelijke kosten met zich mee. Bovendien missen we een impactanalyse op basis waarvan een
weloverwogen besluit kan worden genomen.
Onze reactie:
Naar aanleiding van uw advies zullen wij deze maatregel schrappen.
Maatregel 4: Verlagen van individuele inkomenstoeslag.
Uw advies:
Deze toeslag is bedoeld voor inwoners die langdurig op een zeer laag inkomensniveau zitten. Met het
verlagen van de inkomenstoeslag is het risico groot dat mensen die ook negatieve effecten hebben van
andere maatregelen in financiële problemen komen, bijvoorbeeld op het moment dat ze voor
onvoorziene uitgaven komen te staan. Als de gemeente besluit over te gaan tot een benchmark dan
adviseert de ASD dit te doen met vergelijkbare gemeenten, zoals Lansingerland.
Onze reactie:
De nieuwe bedragen die wij binnen deze maatregel voorstellen komen niet alleen overeen meer in lijn
met de gemeente Den Haag en de gemeente Rotterdam, maar juist ook goed overeen met de hoogte
van de bedragen van de gemeente Lansingerland.
Een individuele inkomenstoeslag bedraagt op dit moment per kalenderjaar voor onze gemeente:
a. € 497,- voor een alleenstaande;
b. € 635,- voor een alleenstaande ouder;
c. € 707,- voor gehuwden.
Er wordt voorgesteld om de normbedragen met 100 euro te verlagen:
a. € 397,- voor een alleenstaande;
b. € 535,- voor een alleenstaande ouder;
c. € 607,- voor gehuwden.
Normbedragen van de gemeente Lansingerland:
a. € 402,- voor een alleenstaande;
b. € 510,- voor een alleenstaande ouder;
c. € 571,- voor gehuwden.
De ASD zullen wij goed op de hoogte houden van de voortgang van het interventieplan.
Wij gaan ervan uit u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.
Hoogachtend,
het college van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
secretaris
Björn Lugthart
burgemeester
Aan het College van Burgemeester en
Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 26 maart 2025
Betreft: advies van de Adviesraad Sociaal Domein inzake Interventieplan kostenbeheersing en
innovatie sociaal domein 2025 – 2028 gemeente Pijnacker-Nootdorp.
Geacht college,
Recent ontvingen wij uw verzoek om advies uit te brengen over bovengenoemd Interventieplan.
Tijdens de ASD vergadering van dinsdag 18 februari heeft Wijnand Kort ons geïnformeerd over dit
Interventieplan, gericht op het structureel beheersen van de stijgende kosten en het waarborgen van
de kwaliteit van de dienstverlening in het sociaal domein. Aan onze adviesraad is advies gevraagd over
het hele pakket aan maatregelen. Onderstaand vindt u ons advies dat tot stand is gekomen na
raadpleging van onze schil en we de voorgestelde maatregelen vooral getoetst hebben aan de effecten
voor de betrokken inwoners.
Algemeen
Als adviesraad hebben we begrip voor de keuze van de gemeente maatregelen te nemen om de kosten
verder te beheersen. Het voorliggende plan zien we over all als een helder en goed doordacht plan om
dit te realiseren. Daarbij is de titel van het plan ons inziens wat misleidend, daar het aspect van
innovatie niet echt naar voren komt. Het plan dat voorligt is naar ons idee een kostenbeheersingsplan.
Het uitgangspunt van geen nieuwe taken is zonder dekkende middelen een begrijpelijke, maar dit
brengt wel het gevaar met zich mee dat het college onvoldoende in kan spelen op maatschappelijke
veranderingen (of terug moet naar de raad als dit zich voor zou doen). In dat kader adviseren we dit
uitgangspunt onder voorbehoud van grote maatschappelijke ontwikkelingen op te nemen.
Wat betreft de maatregelen zien we er een aantal die, als daar niet goed op wordt gestuurd, negatieve
gevolgen kunnen hebben voor de kwaliteit van dienstverlening. In onderstaand advies per maatregel
geven we aan waar we vinden dat de gemeente zou moeten expliciteren op welke wijze gestuurd wordt
op behoud van kwaliteit. Daarbij is adequaat contract management belangrijk om als gemeente grip te
houden of daadwerkelijk die diensten worden geleverd die zijn afgesproken en die aansluiten bij de
behoefte van de inwoner.
Verder wordt opgemerkt dat de druk op mantelzorgers en vrijwilligers toeneemt, maar zien we in het
plan zelf geen maatregelen ter ondersteuning van deze groep inwoners. Ook zien we nog niet bij alle
maatregelen concrete oplossingen voor de genoemde risico’s en zijn de meeste maatregelen gericht
op situaties waarin al een zorgvraag bestaat. We adviseren de gemeente de maatregelen die genoemd
worden aan te vullen met preventieve maatregelen om het ontstaan van een zorgvraag te voorkomen
of uit te stellen.
Ten slotte willen we benadrukken dat het belangrijk is dat maatregelen proportioneel zijn. Daarbij is
het belangrijk oog te hebben voor kwetsbare inwoners die, al dan niet door het optellen van
maatregelen, onevenredig hard getroffen worden. Het is ons bekend dat de gemeente in al haar beleid
een hardheidsclausule hanteert. De ASD vraagt zich af of de kaders waarbinnen van de hardheidsclausule gebruik gemaakt kan worden helder zijn en of ambtenaren dit in de praktijk ook inzetten. Om willekeurige toepassing van de hardheidsclausule te voorkomen vragen we de gemeente expliciet in het plan op te nemen op welke wijze zij de meest kwetsbare inwoners gaat beschermen.
Advies per maatregel
Maatregelen WMO:
Maatregel 1: Budgetplafond hulp bij het huishouden in combinatie met wachtlijst
Dit is een maatregel die in strijd is met de wet. Dat lijkt ons onverstandig. Eventuele kosten
voortkomend uit rechtszaken kunnen hoog zijn en de gemeente positioneert zich hiermee als
onbetrouwbare overheidspartij. Daarom adviseren we deze maatregel niet in het plan op te
nemen.
- Maatregel 2: Inwoners actief waarschuwen voor het inkomensafhankelijke abonnement
Het is een goed idee mensen actief te waarschuwen. Wel is het belangrijk daarbij rekening te
houden met een toeloop van aanvragen zolang het inkomensafhankelijke abonnement nog
niet is doorgevoerd. De vraag is dan ook of dit uiteindelijk leidt tot besparing voor de gemeente. - Maatregel 3: Hulp bij huishouden slimmer inkopen
Hoewel de besparing beperkt is, is het zeker een goede maatregel om door te voeren. Hier zien
we wel een risico voor de meest kwetsbare inwoners die niet goed uitkomen met het
ingekochte aanbod. Hoe stuurt de gemeente op kwaliteit met een beperkt aantal aanbieders? - Maatregel 4: Werken met ambulant team volwassenen/Wmo
Het voordeel van een dergelijk team is helder. Het roept wel de vraag op hoe de gemeente de
onafhankelijkheid bewaakt. Ook in dit geval is het belangrijk te expliciteren hoe voldoende
ruimte voor onafhankelijke en kwalitatief goede dienstverlening wordt geborgd. - Maatregel 5: Krachtig Ouder Worden als voorliggende voorziening (powerfull ageing)
We adviseren de gemeente om juist voordat mensen een beroep doen op de Wmo in te zetten
op het stimuleren van krachtig ouder worden. Bijvoorbeeld door een campagne om mensen te
helpen zelf actief te blijven.
Als iemand vervolgens een beroep doet op de Wmo kan het aanbod om de zelfredzaamheid te
vergroten een goed aanbod zijn. Het zal echter niet voor alle doelgroepen werken. Bovendien
is de ASD van mening dat het altijd een vrije keuze moet zijn van het aanbod gebruik te maken
en dat het niet dwingend opgelegd mag worden. Het advies van de ASD is vooral bij gemeenten
te gaan kijken die hier al ervaring mee hebben, hoe zij het hebben ingericht en wat daar de
ervaringen zijn.
Met betrekking tot de beoordeling wijzen we op het belang dit neer te leggen bij een
onafhankelijke beoordelaar om een perverse prikkel te voorkomen.
In de omschrijving staat verder dat er in geval van een beweegaanbod geen individuele
maatregel wordt toegekend. Meer regie nemen over je eigen gezondheid en normaliseren past
bij het gemeentelijk beleid. Tegelijkertijd is de ASD kritisch over het niet toekennen van een
individuele maatregel. Het advies is dit aan te passen in het heroverwegen van een individuele
maatregel, passend bij wat de inwoner zelf (weer) kan.
Verder is er ingezet op een flink kostenbeheersingsdoel. We twijfelen of deze beoogde
bezuiniging met de maatregel behaald zal worden. - Maatregel 6: afspraken met woningcorporaties over (voorkomen van) woningaanpassingen.
Het lijkt ons goed om hier afspraken over te maken. Daarbij adviseren we de gemeente zoveel
mogelijk te voorkomen dat ouderen uit hun vertrouwde buurt weg moeten. Juist nu we
proberen meer ‘noaberschap’ ‘naar elkaar omzien’ in de wijken/buurten te realiseren, is het
belangrijk dat men in de oude, vertrouwde omgeving kan blijven. - Maatregel 7: Woningaanpassingen aanbesteden bij vaste aannemers
Dit kan voordelen opleveren. Wel is het belangrijk dat de prijs marktconform blijft. - Maatregel 8: Kostendekkende leges vragen voor een gehandicapten parkeerkaart
Een gehandicaptenparkeerkaart wordt vaak aangevraagd door inwoners die te maken hebben
met een stapeling van zorgkosten. De argumenten die destijds golden om een eigen bijdrage af
te schaffen, zijn ook vandaag de dag nog steeds van kracht. Mocht hier toch iets van een
bijdrage wenselijk zijn, dan is het advies deze bijdrage beperkt te houden. Bijvoorbeeld alleen
het bedrag van medische keuring door de inwoner te laten betalen. Door anders om te gaan met herhaal aanvragen en deze bij chronische of progressieve aandoeningen automatisch te verstrekken, zou nog op arbeidskosten bespaard kunnen worden. - Maatregel 9: Jongeren Perspektief Fonds
De ASD staat positief tegenover deze maatregel. Andere gemeenten, zoals Den Haag, hebben
dit ook en er zijn goede ervaringen mee.
Maatregelen Jeugd:
- Maatregel 1: Inzet Basis GGZ qua uren en inhoudelijk afkaderen
De ASD ziet hierin een juridisch risico omdat het vanuit een ander wettelijk kader speelt. Inhoudelijk is het een prima maatregel, maar het roept de vraag op of het juridisch voldoende is uitgezocht. - Maatregel 2: Inzet rond echtscheidingsproblematiek
Wij adviseren hier met klem ruimhartig om te gaan met toepassing van de hardheidsclausule
zodat ruimte is door te gaan waar dat nodig is. En alleen te betalen voor wat gebruikt wordt. - Maatregel 3: Sturen op minder inzet producten/zorg met WO en HBO jeugdzorg
Het is goed om niet te hoog in te zetten bij het toewijzen van hulpverlening. Daarbij is zorg op
mbo niveau wel schaars. Mocht de capaciteit daarvan bij uitvoerders niet toereikend zijn, dan
mag het niet zo zijn dat jeugdigen hiervan de dupe worden. - Maatregel 4: Minimaliseren overbruggingszorg
De ASD vindt het goed dit na te streven. Er zit wel een risico aan vast dat de druk op
mantelzorgers toeneemt. Dat roept de vraag op of je zo het probleem niet verschuift.
Daarnaast benoemt men vanuit SkippyPepijn, de grootste kinderopvangorganisatie van onze
gemeente, zorgen over de ontwikkeling van de groep kinderen die op een wachtlijst komen te
staan. Vanuit de kinderopvang wordt zo lang als mogelijk gezocht naar manieren om kinderen
met (zware) problematiek in de reguliere opvang te houden. Maar deze kinderen hebben iets
anders nodig dan de reguliere opvang kan bieden. Als de opvang niet in het belang van het kind
is of als het niet haalbaar is voor de groep, wordt deze gestopt. Door de lange wachtlijsten
worden ouders in zo’n geval gedwongen te stoppen met werken om hun kind op te vangen en
treedt vertraging op in de ontwikkeling van het kind. In dat geval is overbruggingszorg geen luxe
maar een noodzaak. Daarbij wijzen we ook op het advies vanuit de regionale adviesraden over
de regiovisie jeugdhulp Haaglanden, waarin geadviseerd wordt in geval van wachtlijsten
passende ondersteuning te bieden aan jeugdigen en hun gezinnen.
We roepen de gemeente op in actie te komen als de nood hoog is. In dit geval is maatwerk
noodzakelijk. Als maatregel 4 wordt uitgevoerd, adviseert de ASD goed te monitoren wat het
effect is op de wachttijden en op andere ongewenste effecten. Verder is het raadzaam te
kijken welke mogelijkheden er zijn om in eerste instantie hulp te bieden zolang geen
professionele hulp is gestart. Bijvoorbeeld zoals gebeurt met de wachtverzachter. - Maatregel 5: Jeugdhulp vanuit de regio ‘Gezamenlijk toezicht’
Dit lijkt ons een prima maatregel om door te voeren. - Maatregel 6: Onderzoeken mogelijkheden voorkeursaanbieders en een maximum
budgetplafond per aanbieder
Hoewel de ASD zich in deze maatregel kan vinden, is er een klein risico dat minder
keuzevrijheid leidt tot gedwongen winkelnering. Ook is er een risico op onder prestatie. Hoe
zorgt de gemeente dat de negatieve prikkel uit blijft en dat het aanbod passend is en de
kwaliteit goed blijft? - Maatregel 7: vergoeding specialistische BSO beperken tot kosten bovenop reguliere BSO
Dit lijkt ons een goede maatregel om door te voeren. - Maatregel 8: Collectieve en context gerichte inzet op scholen
De insteek van deze maatregel is zeker goed. De ASD adviseert de gemeente te bewaken dat
het benodigde maatwerk geleverd wordt. En goed in beeld te brengen wat de gevaren zijn en
welke mogelijkheden er zijn om bij te sturen. - Maatregel 9: zorgwekkende verzuimers
Een prima maatregel. Wel adviseert de ASD om het perspectief van de betrokken leerlingen in
het oog te houden zodat ze wel een uitdagende invulling krijgen die past bij hun niveau.
Maatregelen Participatie
- Algemeen
Door een veranderende samenstelling van de bevolking is het belangrijk dat de gemeente blijft investeren op het (terug) begeleiden van mensen naar de arbeidsmarkt. - Maatregel 1: Praktijkleren en praktijkervaring
De ASD vindt dit een positieve maatregel voor zowel gemeente als betrokkenen - Maatregel 2: ondertussengroep van statushouders
Goed dat er aandacht is voor deze groep die tussen wal en schip is geraakt. Wel ziet de ASD
een risico in de investering van 2 ton om 40.000 euro te besparen. Kijkend naar de geringe
groepsgrootte en de investering wordt hier wel een groot risico genomen voor een relatief
geringe opbrengst die mogelijk niet behaald wordt. - Maatregel 3: bijzondere bijstand-maatschappelijk verkeer
In lijn met het recente advies van de ASD om bijzondere bijstand te indexeren, adviseren we de
gemeente deze maatregel te schrappen. Het is niet in lijn met eerdere beleidsvoornemens om
mensen te stimuleren mee te doen. Als mensen niet mee kunnen doen in de maatschappij
brengt dat uiteindelijk maatschappelijke kosten met zich mee.
Bovendien missen we een impactanalyse op basis waarvan een weloverwogen besluit kan
worden genomen. - Maatregel 4: Verlagen van individuele inkomenstoeslag
Deze toeslag is bedoeld voor inwoners die langdurig op een zeer laag inkomensniveau zitten.
Met het verlagen van de inkomenstoeslag is het risico groot dat mensen die ook negatieve
effecten hebben van andere maatregelen in financiële problemen komen, bijvoorbeeld op het
moment dat ze voor onvoorziene uitgaven komen te staan.
Als de gemeente besluit over te gaan tot een benchmark dan adviseert de ASD dit te doen met
vergelijkbare gemeenten, zoals Lansingerland. - Maatregel 5: loonkostensubsidie en maatregel 6: onderzoeken plaatsingsbeleid voor sociale
huurwoningen
Dit lijken ons prima maatregelen om door te voeren.
Tot slot juichen we toe dat de gemeente de samenwerking zoekt met andere gemeenten. Naast het
onderlinge leereffect kan samenwerking schaalvoordeel opleveren en zorgt het voor een sterkere
onderhandelingspositie richting andere partijen, zoals leveranciers van diensten.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
voorzitter
c.c. Gemeente Pijnacker-Nootdorp, de heer W. Kort
Aan het College van Burgemeester en
Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 4 december 2024
Betreft: aanvullende vragen beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Pijnacker-Nootdorp 2024.
Geacht college,
Op 27 juni bracht de ASD een advies uit over de beleidsregels bijzondere bijstand. Kort daarop ontvingen wij uw reactie, brief nr. 11373524. Die reactie hebben wij besproken en dat heeft geleid tot deze brief, waarin we nogmaals uw aandacht vragen voor ons advies ten aanzien van artikel 16 in de beleidsregels: Kosten van deelname aan het maatschappelijk verkeer.
De Adviesraad heeft daarover in het advies van 27 juni het volgende opgemerkt en geadviseerd:
Artikel 16. Kosten van deelname aan het maatschappelijk verkeer
Het verbaast de ASD dat bij deze update van de beleidsregels de bijdrage voor deelname aan het maatschappelijk verkeer niet is verhoogd en zelfs niet is geïndexeerd. Waar in het beleid binnen het sociaal domein juist wordt ingezet op ‘meedoen’, levert een bedrag van deze omvang daar in ieder geval geen bijdrage aan. De opsomming van mogelijkheden suggereert veel, zeker met de toevoeging ‘onder andere’ maar de aanvrager kan in veel gevallen niet eens één keuze uit de bijdrage betalen. Ter illustratie: De contributie van een sportvereniging voor een volwassene bedraagt meer dan
€ 300,00, een abonnement op een krant € 400,00. Samengevat, wanneer iemand wil sporten, een krant lezen en ook nog lid is van bijvoorbeeld een koor of andere vereniging, dan is de bijdrage van maximaal € 150,00 niet echt de stimulans om dat mogelijk te maken. Natuurlijk bestaat ook de mogelijkheid voor volwassenen met een inkomen tot 130 % van het sociaal minimum om een bijdrage aan te vragen uit het Volwassenenfonds Sport en Cultuur, maar dat kent wel de beperking dat alleen voor sport óf cultuur kan worden gekozen.
De ASD adviseert u om in artikel 16 de bijdrage tenminste te indexeren en, als u echt deelname aan het maatschappelijk verkeer wilt stimuleren, de bijdrage te verhogen.
In reactie daarop ontvingen wij van uw College het volgende antwoord:
Artikel 16. Kosten van deelname aan het maatschappelijk verkeer
Het klopt dat de bijdrage voor de deelname aan het maatschappelijk verkeer niet is geïndexeerd. Wel is er, zoals u zelf ook al noemt, in 2023 een mogelijkheid bijgekomen om een vergoeding voor maatschappelijke activiteiten aan te vragen: het Volwassenenfonds Sport & adres Oranjeplein 1, 2641 EZ Pijnacker post Postbus 1, 2640 AA Pijnacker telefoon 14 015 e-mail info@pijnacker-nootdorp.nl internet www.pijnacker-nootdorp.nl pagina 2/3 Cultuur. Het budget bijzondere bijstand is helaas niet toereikend om daarnaast ook nog de bijdrage voor deelname aan het maatschappelijk verkeer te verhogen. We willen verder benadrukken dat deze regeling bedoeld is als bijdrage in de kosten en niet als volledige vergoeding. We nemen daarom uw advies niet over om de bijdrage te indexeren.
Dit antwoord heeft ons verbaasd. Eerlijk gezegd verwachtten we een positieve reactie.
Met name de argumentatie vonden we teleurstellend. In feite werd niet inhoudelijk ingegaan op onze argumenten, maar bleef de onderbouwing beperkt tot de opmerking dat het budget bijzondere bijstand niet toereikend is om de bijdrage te verhogen.
Wij begrijpen dat budget nodig is om extra financiële ondersteuning mogelijk te maken en kunnen ons voorstellen, dat u om die redenen afziet van het advies om de bijdrage echt te verhogen. Maar afzien van indexering, als het beleid gericht op ‘meedoen’ niet gewijzigd is en er heel breed sprake is van forse prijsverhogingen in de voorbije jaren, dat kunnen we niet begrijpen.
U verwijst in uw antwoord ook naar het Volwassenenfonds Sport en Cultuur. In het jaarverslag Participatie 2023 lazen we dat daar in 2023 door 36 personen een beroep op is gedaan. In onze ogen een beperkte groep, ook als we in aanmerking nemen dat dit het eerste jaar van deze regeling betreft.
Het totaal overziend roept dat bij ons de volgende vragen op:
- De ASD is benieuwd hoeveel cliënten een beroep doen op de financiële ondersteuning voor deelname aan het maatschappelijk verkeer vallend onder de bijzondere bijstand?
- Is bekend voor welke activiteiten, abonnementen e.d. de aanvragen worden gedaan?
- Is er sprake van terugkoppeling over de besteding en is bekend hoe de bijdrage wordt gewaardeerd door de cliënten?
- Is er sprake van een toe- of afname van het aantal aanvragende cliënten?
- Welk bedrag is door de gemeente in 2023 in totaal toegekend voor aanvragen deelname aan het maatschappelijk verkeer?
- Kunt u onderbouwen in hoeverre indexeren van dit bedrag niet mogelijk is binnen het beschikbare budget bijzondere bijstand?
De antwoorden op deze vragen zijn voor ons van belang om te kunnen bepalen of we hier toch ook nog aandacht voor willen vragen bij de gemeenteraad.
Als er veel gebruik gemaakt wordt van de regeling, is het in onze ogen belangrijk dat de regeling aantrekkelijk blijft en ‘meedoen’ blijvend wordt gestimuleerd.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem
voorzitter
c.c. Gemeente Pijnacker-Nootdorp, mevrouw L. Hoogen Stoevenbeld
Aan het College van Burgemeester en
Wethouders Pijnacker-Nootdorp
Postbus 1
2640 AA Pijnacker
Pijnacker, 6 november 2024
Betreft: Advies van de Adviesraad Sociaal Domein inzake het opstellen van een Lokale Inclusie Agenda (LIA) voor de gemeente Pijnacker-Nootdorp
Geacht college,
Onlangs kregen wij het verzoek advies uit te brengen voor het opstellen van een Lokale Inclusie Agenda (LIA) voor de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Tijdens onze studiedag op 23 oktober jl. hebben wij het onderwerp inclusie en diversiteit nader verkend en vervolgens onderstaand advies opgesteld.
Algemeen
Als adviesraad onderstrepen wij het belang van een inclusieve gemeente. Een inclusieve samenleving is essentieel voor de sociale cohesie en het welzijn van inwoners. Een LIA kan helpen om het bewustzijn van (onbedoelde) uitsluiting te vergroten en daarmee deelname van alle inwoners aan de samenleving te bevorderen. We juichen dan ook toe dat het college heeft besloten een LIA op te stellen om te streven in 2050 een inclusieve gemeente te zijn. Tegelijkertijd roept dit bij ons de vraag op wat de gemeente verstaat onder een inclusieve gemeente en wat zij hierin in 2050 bereikt hoopt te hebben.
Inclusie is een breed begrip waar veel thema’s onder vallen. Te denken valt aan fysieke en sociale toegankelijkheid, LHBTQI+ acceptatie, voldoende beantwoording van culturele diversiteit, bestrijden van discriminatie, etc. Om te komen tot een LIA is het belangrijk een visie te hebben op inclusie en te analyseren waar binnen onze gemeente de prioriteiten liggen. Daarnaast is inclusie geen statisch gegeven maar iets dat mee verandert met maatschappelijke ontwikkelingen en de bevolkingssamenstelling. Tot slot is inclusie niet absoluut maar betreft het interactie tussen mensen. Daarbij helpt het als inwoners zich gehoord en gezien voelen en zich kunnen identificeren met de gemeenteambtenaar die hen te woord staat.
Advies
Onze belangrijkste aandachtspunten bij het opstellen van een LIA zijn:
- Analyseren huidige situatie binnen de gemeente, stel vervolgens de prioriteiten;
- Zorgen voor een heldere visie op dit onderdeel van het lokale gezondheidsbeleid;
- Zorgen voor een inclusief (personeels)beleid;
- Meetbaarheid: stel indicatoren op en laat ze een vast onderdeel worden bij de bestuurlijke besluitvorming;
- Evalueer en stel bij;
- Maak gebruik van best practices en betrek stakeholders;
- Zorg voor geoormerkte (financiële) middelen.
Hieronder lichten we onze aandachtpunten toe:
- Analyseer de huidige situatie binnen onze gemeente en bepaal waar de prioriteit ligt.
Het is belangrijk zicht te hebben op waar de grootste uitdagingen liggen als het om inclusie binnen de gemeente gaat. Door met inwoners en belanghebbenden in gesprek te gaan kunnen de grootste knelpunten die inclusie belemmeren worden geïdentificeerd en worden opgenomen als startpunt voor de inclusie agenda. - Zorg voor een heldere visie op inclusie als onderdeel van het lokale gezondheidsbeleid.
Inclusie is een belangrijke factor in de gezondheid van inwoners. Om een doelgerichte inclusie agenda op te stellen die bijdraagt aan een gezonde samenleving, is het noodzakelijk te weten wat het uiteindelijke doel is waar aanpak en resultaten aan afgemeten kunnen worden. - Zorg voor een inclusief (personeels)beleid.
Goed voorbeeld doet goed volgen en het is belangrijk dat de inwoners zich herkennen in de medewerkers die bij de gemeente werken. Door als gemeente te zorgen voor een inclusief personeelsbeleid geef je het goede voorbeeld. Bovendien zorgt diversiteit binnen het personeelsbestand ervoor dat er vanuit verschillende invalshoeken naar beleid wordt gekeken, wat de inclusiviteit van beleid bevordert. - Stel indicatoren op om inclusie meetbaar te maken en zorg dat deze indicatoren een vast onderdeel worden bij bestuurlijke besluitvorming.
Inclusie komt tot stand in een continu en iteratief proces. Om te borgen dat er concrete stappen worden gezet is het noodzakelijk om een vaste brede werkwijze te creëren. Door beleid standaard te toetsen op inclusie-indicatoren bevorder je de bewustwording en breng je het belang van een inclusieve samenleving doorlopend onder de aandacht - Evalueer en stel bij.
De samenleving is dynamisch. Daarmee is het vraagstuk van inclusie een vraagstuk dat voortdurend verandert. Door een cyclische aanpak van prioritering, evaluatie en bijstelling zorg je voor een lerende organisatie en beweegt de inclusie agenda mee met de samenleving. Als ASD worden we graag vast onderdeel van deze cyclus. - Maak gebruik van best practices en betrek stakeholders.
De rol van de gemeente als het gaat om inclusie is het vormgeven van inclusief beleid en daarmee richting geven en vervolgens handhaven. Maar de gemeente staat niet alleen als het gaat om de uitdagingen voor een inclusief beleid en het nastreven van een inclusieve samenleving. Het is belangrijk om gebruik te maken van ervaringen van vergelijkbare gemeenten en om lokale organisaties te betrekken bij het opstellen en uitvoeren van inclusie bevorderende maatregelen.
Tot slot
We realiseren ons dat een goede aanpak om inclusie te bevorderen investeringen vraagt. Door continu te werken aan inclusie stimuleer je als gemeente dat inwoners mee kunnen doen aan de samenleving. Dit heeft naast een groot welzijns- en gezondheidseffect ook een kostenbesparend effect op andere beleidsterreinen, zoals sociale zekerheid en veiligheid. Dit past ook bij het door de gemeente ingezette en lopende beleid omtrent positieve gezondheid, RIGA, Jeugdzorg, Wmo, schuldhulpverlening, opvang van vluchtelingen en andere sociale vraagstukken waar de gemeente beleid voor maakt. Belangrijk is te zorgen dat aansluitend bij het lopende beleid geoormerkte middelen worden vrijgemaakt voor inclusie, zodat inclusie een blijvend onderdeel kan worden van het Lokale Gezondheidsbeleid.
Met vriendelijke groet,
namens de Adviesraad Sociaal Domein Pijnacker-Nootdorp
Piet van Adrichem, voorzitter
Oudere verslagen, adviezen en reacties
Oudere verslagen, adviezen en reacties vindt u onder Politiek en Organisatie > Adviescommissies op de archiefwebsite.
Vergaderingen
De ASD vergadert ongeveer tien keer per jaar in het bestuurscentrum van het gemeentekantoor (ingang Emmastraat). De bijeenkomsten zijn openbaar. Wilt u bij een bepaald onderwerp aanwezig zijn? Mail dan naar adviesraadsociaaldomeinpn@gmail.com.
- Regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling
- Stand van zaken normaliseren 2025
