Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp 2050

Hoe wonen, werken en leven we in 2050? Dat beschrijven we in de Omgevingsvisie Pijnacker-Nootdorp voor 2050. De Omgevingsvisie schetst een toekomstbeeld van Pijnacker-Nootdorp en de koers die we willen volgen om daar te komen. Het Panorama Pijnacker-Nootdorp is een verbeelding van de Omgevingsvisie. Hier kunt u zien welk toekomstbeeld we voor ogen hebben.

We maken de Omgevingsvisie samen

Samen met inwoners, ondernemers en organisaties. In twee rondes konden zij informatie en ideeën aanleveren voor de Omgevingsvisie: een eerste keer bij het Panorama 2020 en een tweede keer bij het Panorama 2050. Het laatste panorama ging samen met de concept Omgevingsvisie en een milieu-effectrapportage.

14 oktober stelde het college de concept Omgevingsvisie voorlopig vast, samen met het participatieverslag. Hierin kunt u lezen hoe we zijn omgegaan met alle opmerkingen. Op basis van de zienswijzen is de Omgevingsvisie op een aantal punten aangepast.

Laatste stap: raadsbehandeling

In november bespreekt de gemeenteraad de Omgevingsvisie.   We verwachten dat de raad de concept Omgevingsvisie vaststelt tijdens de besluitvormende vergadering eind november. Daarna is de Omgevingsvisie definitief.

Op de webpagina van de griffie ziet u wanneer de Omgevingsvisie behandeld wordt in de raad van november. Ook vindt u hier de stukken (agendapunt 3a).

Stukken

Het college en de gemeenteraad hebben als voorbereiding op het maken van de Omgevingsvisie nagedacht over de grote lijnen voor de toekomst voor onze gemeente. Deze zijn verwoord in toekomstperspectieven op het gebied van groen, gezond, energie, leven en wonen, werken en bereikbaarheid. Zij zijn verwoord in de documenten ‘Het Fundament’ en ‘De Vloer’. De perspectieven zijn gebruikt als basis voor de vragen in het panorama 2020.

De ‘fysieke leefomgeving’ staat voor datgene wat je ziet, voelt en ruikt. Dat zijn bijvoorbeeld gebouwen, wegen, parken, een schone lucht, sloten, rivieren, bossen, enzovoort. Het gaat dus over van alles in onze leefomgeving; een compleet, maar ook een ingewikkeld plaatje. Het is daarom belangrijk om alles goed op elkaar af te stemmen.

De fysieke leefomgeving heeft te maken met de sociale leefomgeving, zoals verenigingen, goede contacten in de buurt en mantelzorg. Zo is het fijner wonen in een veilige wijk en nodigen bankjes in een park uit tot gesprekken tussen buren. Een fijne sociale leefomgeving is dus ook een belangrijk doel van de Omgevingsvisie.

  • Startnotitie – In februari 2019 is de startnotitie Omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin staat hoe we de Omgevingsvisie gaan maken en hoe we inwoners daarbij willen betrekken.
  • De basis – Het fundament; Waarden en data als basis voor onze Omgevingsvisie is in de zomer van 2019 bestuurlijk vastgesteld.
  • De perspectieven voor 2050 – zijn januari 2020 vastgesteld in het document ‘De Vloer van de Omgevingsvisie’.
  • Panorama Pijnacker-Nootdorp – najaar 2020 konden alle inwoners reageren op het online Panorama Pijnacker-Nootdorp 2020. Alle reacties zijn verwerkt in het Participatieverslag De muren van de Omgevingsvisie (participatie).
  • Ontwerp Omgevingsvisie – Met de reacties uit de samenleving op het Panorama Pijnacker-Nootdorp is een eerste concept van de Omgevingsvisie opgesteld. Dit heet een ontwerp Omgevingsvisie. Hierin schetsen we ons gezamenlijke beeld van Pijnacker-Nootdorp in 2050 en de koers die we willen volgen om daar te komen. Eind mei is de ontwerp Omgevingsvisie vastgesteld door de raad. Iedereen kon daarna de visie en het beeldende Panorama 2050 bekijken en hierop reageren. Samen met de milieu-effectrapportage.
  • Participatieverslag
    Alle opmerkingen, officieel heten dat zienswijzen, worden bekeken, afgewogen en beantwoord in een participatieverslag. Op basis hiervan kan de Omgevingsvisie worden aangepast. Het college van B&W besluit dit in oktober. 
  •  definitieve Omgevingsvisie
    In november 2021 bespreekt de gemeenteraad de Omgevingsvisie. Degenen die een zienswijze hebben ingediend, kunnen 2 november inspreken bij de raad. Hoe je dit kunt aangeven lees je op de pagina Inspreken. Uiteindelijk stelt de griffie de definitieve Omgevingsvisie vast bij de besluitvormende vergadering aan het einde van de maand.

De reacties uit de samenleving zijn heel divers. Daarom zijn er ook veel verschillende wijzigingen in de Omgevingsvisie: inhoudelijke, visuele en tekstuele. Alle wijzigingen zijn terug te vinden in hoofdstuk 11 ‘Staat van wijzigingen’ van het participatieverslag.

Met ongeveer 300 zienswijzen hebben we veel input gekregen om de Omgevingsvisie nog beter te maken. Een samenvatting is eigenlijk niet mogelijk, maar hieronder in de uitklapvensters toch een korte impressie van alle reacties op de vier ontwikkelingslijnen. Lees in het participatieverslag alle zienswijzen en de reactie van de gemeente.

  • Groen is belangrijk – Bij de reacties valt op hoe belangrijk en waardevol iedereen het groen vindt. Over het algemeen is men dan ook blij met de aandacht die in de Omgevingsvisie aan dit onderwerp wordt gegeven.
  • Veel ideeën voor omgevingsplannen – Er zijn vele ideeën, voorstellen en suggesties gedaan om het groen een nog betere plek te geven door meer gedetailleerde informatie op te nemen in de Omgevingsvisie. Vaak zijn deze suggesties te gedetailleerd om op te nemen in een Omgevingsvisie, die alleen gaat over de hoofdlijnen. We nemen ze dus mij bij de omgevingsprogramma’s waarin we het beleid per programma gaan uitwerken.
  • Groen beschermen – De bescherming van het groen is een ander opvallend onderwerp. Diverse partijen vragen om een harde groene contour. Dat komt straks ook duidelijk in de Omgevingsvisie te staan.
  • Groene woonomgeving – Tot slot zien we dat inwoners ook begaan zijn met het groen in hun wijk. Voorbeelden daarvan zijn de zorgen over het groen langs de A13 in Emerald, de oproep om te stoppen met de verkoop van snippergroen en het vergroenen van tuinen.
  • Het is hier fijn wonen – Veel inwoners geven aan dat ze hier graag wonen. Om verschillende redenen: de hechte gemeenschap, de groene omgeving en de goede bereikbaarheid zijn daarin belangrijk.
  • Woonruimte voor jongeren en ouderen – De keerzijde is dat het vooral voor jongeren en ouderen moeilijk is om een passende en betaalbare woning te vinden. Ruimte om woningen te bouwen, moeten we maken. Dat doen we door herstructurering van de glastuinbouw en door het bouwen van woningen op passende plekken in de bestaande kernen.
  • Nieuwe woongebieden – Wat betreft nieuwe woongebieden voor de toekomst ziet de provincie ruimte om op korte termijn te starten met de ontwikkeling van Dwarskade in Nootdorp en Balijade in Pijnacker. Voor de Overgauw en Rijskade ziet zij voorlopig nog geen mogelijkheden voor transformatie. Hierover gaan we graag in gesprek met de provincie.
  • Wonen in Delfgauw – Het voorstel om te onderzoeken of er woonruimte voor jongeren en ouderen in Delfgauw kan zijn, heeft tot onrust en onduidelijkheid geleid. Het is niet de bedoeling om al het groen langs de A13 te bebouwen. Daarom zijn de teksten en kaarten voor het onderzoeksgebied aangepast. Wel willen we graag onderzoeken of we in een deel van het gebied woningen kunnen bouwen, rekening houdend met de waarde van het gebied voor de bewoners van Emerald.
  • Duidelijk over de toekomst – We hebben veel reacties gekregen over de glastuinbouw die lopen van het ene uiterste tot het andere – van uitbreiden tot halveren van het gebied en alles daartussen in. Voor iedereen is het dus belangrijk dat we duidelijk zijn over onze ambities en de toekomst van de glastuinbouw in onze gemeente.
  • Grenzen om de drie grote glastuinbouwgebieden – Pijnacker-West, Pijnacker-Oost en Noukoop zien we als een blijvend onderdeel van de Greenport West Holland.
  • Herstructurering, modernisering en optimale benutting – Dit maakt de glastuinbouw tot toonaangevende en innovatieve glastuinbouwbieden. Hiermee kunnen deze gebieden efficiënter worden gebruikt. Ruimte die mogelijk aan de randen vrijkomt, kan gebruikt worden voor energieopwekking en groen. Dat betekent dat in de Omgevingsvisie nu geen ruimte is voor woningbouw in de glastuinbouwgebieden, zoals bijvoorbeeld aan de ’s Gravenweg, langs de Kooltuin en tussen Ackerswoude en de Zijdeweg.
  • Moderne bedrijvenparken – De gezamenlijke bedrijvenparken geven bij de gemeente veel suggesties een ideeën mee die een plek krijgen in de omgevingsvisie. De parkachtige werklocaties en de moderne bedrijvenparken zijn belangrijk voor de economie en het aantal banen in onze gemeente. Ook zijn er veel kansen om te innoveren, te verduurzamen en de gebieden (verder) te verbinden met de samenleving.
  • Energiemix van geothermie en zonne-energie – Inwoners en organisaties zijn voor een energiemix die hoofdzakelijk bestaat uit geothermie en zonne-energie. Bijvoorbeeld via het plaatsen van zonnepanelen tegen de gevel van woningen en bedrijfsgebouwen. Wel zijn er zorgen, bijvoorbeeld van eigenaren van oudere huizen over de (financiële) impact van de energietransitie (agendapunt 3b).
  • Energie en glastuinbouw – De glastuinbouw twijfelt of er voldoende ruimte is voor alle ambities voor energiebesparing. De sector ziet bijvoorbeeld mogelijkheden voor 50 hectare zonnepanelen door dubbel ruimtegebruik in de glastuingebieden. De gemeente ziet graag combinaties die ten dienste staan van de sector. Het meest genoemde voorbeeld is een waterbassin met daarop zonnepanelen. In de omgevingsvisie is echter ook ruimte voor zonne-energie op land. Op die plekken waar dit de sector niet in de weg zit, bijvoorbeeld bij plekken die te klein of niet geschikt zijn voor kassen. Dit kunnen we uitwerken in een omgevingsprogramma.
  • Omgevingskwaliteit – Inwoners reageren ook op allerlei aspecten van de omgevingskwaliteit. Bijvoorbeeld: geluid, luchtkwaliteit, externe veiligheid, waterkwaliteit en licht. De één wil graag voldoende ruimte hebben om te ondernemen (en het daarbij behorende geluid en licht te kunnen produceren), terwijl de ander juist graag het tegenovergestelde wil. In een omgevingsprogramma willen we dit nader uitwerken, zodat we een balans kunnen vinden tussen de verschillende belangen

Een milieu-effectrapportage of het PlanMER maakt duidelijk welke effecten nieuw beleid heeft op de leefomgeving. Ook laat het zien of het beleid bijdraagt aan het halen van de verschillende ambities. Het plan MER bij de Omgevingsvisie geeft alle informatie over het milieu die nodig is om de Omgevingsvisie vast te stellen. Zo worden milieubelangen goed meegewogen.

Heeft u nog een vraag? Mail dan naar omgevingsvisie@pijnacker-nootdorp.nl