Sluiten
  1. stuur door
  2. bedankt
stuur door

Ondergrondse tanks

De overheid verplicht eigenaars van ondergrondse tanks die niet meer worden gebruikt om deze te melden bij de gemeente en om de tank te saneren. Dit is geregeld in het Besluit Opslaan in Ondergrondse Tanks (BOOT).

Er zijn nog steeds woningen met een ondergrondse tank, waarin vroeger huisbrandolie werd opgeslagen die werd verstookt voor verwarming. Door de uitbreiding van de gasdistributie zijn de meeste van deze tanks in onbruik geraakt. Deze tanks bevatten vaak een restant olie en kunnen gaan lekken. Daarom zijn deze buiten gebruik gestelde tanks een potentiƫle bron van bodemverontreiniging.

Eerst bodemonderzoek

Voordat tank wordt verwijderd, moet eerst bodemonderzoek worden gedaan. Hierbij wordt gekeken naar mogelijke bodemverontreiniging die als gevolg van olielekkage is ontstaan. Als dat het geval is, moet u de bodemverontreiniging op de wettelijk voorgeschreven wijze saneren.

Tanksanering

Het BOOT stelt onder meer eisen aan de sanering van een tank. Na het reinigen moet de tank worden verwijderd door een gecertificeerd tanksaneringsbedrijf. De tank moet worden afgevoerd naar een erkend verschrotingsbedrijf.

KIWA-certificaat

Na een tanksanering die voldoet aan het BOOT, ontvangt de (voormalig) eigenaar een zogeheten KIWA-certificaat. Dit is een schriftelijke verklaring dat de tank door een erkend bedrijf is behandeld volgens de geldende regels. Ook het tankverschrotingsbedrijf moet u een verklaring geven, namelijk een verschrotingscertificaat. U moet het KIWA-certificaat en het verschrotingscertificaat goed bewaren, omdat hiernaar gevraagd kan worden door de gemeente. Ook bij verkoop van de woning wordt naar het certificaat gevraagd.