U heeft een uitkering en wilt graag een eigen bedrijf starten? Dat kan. En de gemeente kan u hierbij helpen. In de informatie staat alleen het begrip eigen bedrijf. Hiermee wordt ook bedoeld: het zelfstandig beroep.
Wie is een zelfstandige
U bent een zelfstandige als u niet bij iemand in loondienst bent, maar uw inkomen verdient met een eigen bedrijf. U moet tussen de 18 en 65 jaar oud zijn. U moet bovendien minstens de helft van de totale werktijd maar minimaal 1225 uur per jaar in uw eigen bedrijf werken. Daarnaast kunt u alleen als zelfstandige worden aangemerkt als uw onderneming aan de wettelijke eisen voldoet en u uw activiteiten in Nederland uitoefent. Het bedrijf moet dus rechtmatig gevestigd zijn. Dat wil zeggen dat u alle vergunningen en diploma's heeft die nodig zijn en dat u voldoet aan de eisen van de milieuwetgeving en het bestemmingsplan.
Startende zelfstandigen
Als u voor uzelf gaat beginnen, betekent dat dat u niet langer beschikbaar bent voor de arbeidsmarkt. Uw werkloosheidsuitkering of bijstandsuitkering vervalt dan. Toch levert een nieuw bedrijf de eerste tijd vaak nog niet genoeg op om van te leven. Die eerste tijd kunt u nog een uitkering van van de gemeente krijgen in het kader van de Wet werk en bijstand (WWB) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz).
Arbeidsgehandicapten
Gedeeltelijk arbeidsongeschikten en arbeidsgehandicapte werklozen ontvangen een uitkering van het UWV (bijvoorbeeld Gak of Cadans). Als u arbeidsongeschikt of arbeidsgehandicapt bent en u wilt een eigen bedrijf beginnen, dan kunt u voor een starterskrediet en borgstelling terecht bij uw eigen kantoor van het UWV.
Geld nodig
Als u een bedrijf gaat starten, moet u vaak machines, voorraad of een auto kopen. Of misschien moet u de bedrijfsruimte verbouwen en inrichten (zie ook huren van een startershal). Bovendien heeft u geld nodig om de aanloopkosten te financieren en de periode te financieren tussen de levering van goederen of diensten aan uw klanten en de betaling daarvan door uw klanten. U heeft dan een startkapitaal nodig. Ook daarmee kan de gemeente u helpen.
Voorwaarden
Wanneer u zelf ontslag neemt om een eigen bedrijf te starten, kunnen wij u niet helpen.
Om een startkapitaal en/of een maandelijkse uitkering te ontvangen, moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:
- u moet werkloos zijn of dit binnenkort worden en recht hebben (of krijgen) op een uitkering van de gemeente of het UWV, of u bent werkzaam in het kader van de Wet Inschakeling Werkzoekenden of Wet Sociale Werkvoorziening (met een tijdelijk contract)
- u heeft zelf niet voldoende inkomsten of vermogen om in uw onderhoud te voorzien. Daarbij tellen ook de inkomsten van uw partner mee
- u kunt niet bij een bank terecht voor een lening. Dit betekent dat u eerst moet proberen om bij een bank een startkapitaal te lenen. Vaak is dat moeilijk omdat u een uitkering heeft. Mogelijk is een bank bereid uw startkapitaal te financieren met toepassing van de "Kredietregeling borgstelling midden- en kleinbedrijf". Als de bank bereid is aan u een lening te geven als de gemeente hiervoor borg staat, kunnen wij hierbij helpen; u heeft ook geen gebruik kunnen maken van de regeling borgstelling MKB-kredieten
- de onderneming moet levensvatbaar zijn. Dat is het geval als u waarschijnlijk binnen 18 maanden zoveel inkomsten uit uw onderneming haalt dat u aan al uw zakelijke en persoonlijke verplichtingen kunt voldoen.
Voorbereiding
De gemeente kan u u toestemming geven voor een voorbereidingsperiode van een jaar. Een van onze medewerkers begeleidt u hierbij. In dat jaar hoeft u niet te solliciteren en kunt u zich goed voorbereiden. Informeer of u voor de voorbereidingsperiode in aanmerking komt.
Ondernemingsplan
Voordat de gemeente u kan helpen, moet u een ondernemingsplan maken. Voor advies en informatie kunt u terecht bij onder meer de Kamer van Koophandel en het Instituut Midden- en Kleinbedrijf.
Wij (laten) uw ondernemingsplan beoordelen op een aantal punten:
- het bedrijf dat u wilt opzetten moet levensvatbaar zijn. Dat wil zeggen dat uw bedrijf naar verwachting voldoende oplevert om van te leven, om investeringen te doen en om aflossingen te betalen
- u moet de benodigde vergunningen hebben.
Alleen als de gemeente dit ondernemingsplan goedkeurt, kunt u worden geholpen met een startkapitaal en met een uitkering voor levensonderhoud.
Het startkapitaal
Het startkapitaal is bedoeld voor aanschaf van machines, inventaris, voorraad, een vervoermiddel en/of verbouwingskosten enzovoort. U kunt maximaal € 33.366 lenen.
Het startkapitaal is een lening. Deze lening moet u met rente terugbetalen. De lening moet u binnen 10 jaar hebben afgelost. Soms is de looptijd korter. De gemeente geeft de bestemming aan van het bedrijfskapitaal.
De periodieke uitkering
De periodieke uitkering is voor uw dagelijkse levensonderhoud. De uitkering is een aanvulling op het bedrijfsinkomen en overig gezinsinkomen tot het bijstandsbedrag waarop u recht heeft. Mensen met een WAO-, WAZ- of WAJONG-uitkering behouden in principe deze uitkering naar mate van hun arbeidsongeschiktheid (het UWV beoordeelt dit).
Duur uitkering
De uitkering op grond van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen gaat in op het moment van de start van de ondernemingsactiviteiten. In principe ontvangt u de uitkering voor een periode van 12 maanden. Na elke periode van 6 maanden wordt de ontwikkeling van uw bedrijf beoordeeld. Als dan blijkt dat verdere groei naar een levensvatbaar bedrijf niet meer wordt verwacht, wordt de uitkering beëindigd. Als na de eerste zes maanden blijkt dat het bedrijf wel kans van slagen heeft, kan de aanvullende uitkering voor maximaal 3 jaar worden verlengd. Als daarna uw bedrijf levensvatbaar is maar nog onvoldoende winst oplevert, kan de uitkering nogmaals voor 6 maanden worden verlengd.
Hoeveel uitkering
De periodieke uitkering is altijd een aanvulling op uw inkomen en dat van uw eventuele partner. Het is daarom moeilijk om te zeggen op hoeveel uitkering u recht heeft. Het inkomen van een zelfstandige is pas achteraf bekend, na afloop van het boekjaar. Daarom ontvangt u de uitkering in eerste instantie in de vorm van een renteloze geldlening. Na afloop van het (boek)jaar berekenen wij hoeveel u daadwerkelijk had moeten ontvangen. Dit gebeurt aan de hand van uw winst- en verliesrekening en uw belastingaangifte.
Als uw inkomen meeviel, heeft u dus te veel geld van de gemeente ontvangen. Dit te veel ontvangen bedrag moet u terugbetalen; de rest van de lening hoeft u niet terug te betalen.
Als uw inkomen tegenviel, heeft u van ons te weinig geld ontvangen. U krijgt dan een nabetaling.
Bedrijf beëindigen
Het kan zijn dat uw bedrijf na verloop van tijd toch niet levensvatbaar is. U heeft dan weer recht op een uitkering op grond van de WWB. Als u tot de start van uw bedrijf een WW-uitkering ontving, kunt u deze uitkering weer aanvragen. U moet uw bedrijf dan wel beëindigd hebben binnen 1,5 jaar nadat uw WW-uitkering is stopgezet in verband met uw start als zelfstandige. Tijdens de beëindigingsfase kunt u een aanvullende uitkering voor het levensonderhoud aanvragen.
Bij de beëindiging van het bedrijf moet u het resterende gedeelte van het bedrijfskapitaal aflossen. Voor het deel van het bedrijfskapitaal dat u niet kunt aflossen, blijft u verplicht dat alsnog te doen en wordt een regeling getroffen.


