Aan de bijstandsuitkering zijn verplichtingen verbonden. Als u zich niet aan de verplichtingen houdt, zal de gemeente meestal een maatregel opleggen. Zo'n maatregel kan inhouden dat u één of meerdere maanden een lagere uitkering krijgt of dat de uitkering tijdens een periode helemaal wordt geweigerd. Als de gemeente geen financieel nadeel heeft geleden, kunnen wij een waarschuwing geven en afzien van de maatregel.
Opleggen maatregel
Wij leggen u een maatregel op als u:
- passende arbeid of scholing niet accepteert;
- door eigen schuld werkloos wordt;
- niet genoeg moeite doet om weer aan werk te komen;
- niet ingeschreven staat bij het UWV WERKbedrijf, terwijl u wel die verplichting heeft;
- niet op tijd informatie geeft die nodig is voor de voortzetting van uw uitkering of het vaststellen van de hoogte ervan (bijvoorbeeld het inleveren van de periodieke verklaring);
- niet meewerkt aan een door ons ingesteld onderzoek;
- langer dan de toegestane periode op vakantie gaat;
- u niet goed of helemaal niet meewerkt aan de uitvoering van uw tegenprestatie.
Zwaarte maatregel
Voordat wij een maatregel opleggen, beoordelen wij uw individuele situatie. Daarbij kijken wij onder andere naar:
- de ernst van de gedraging;
- de mate waarin het u verwijtbaar (uw schuld) is;
- de omstandigheden en de mogelijkheden van u en van uw gezin.
Normaal gesproken varieert een maatregel van minimaal 5% van het normbedrag (inclusief vakantiegeld) tot 20% voor de duur van één maand. Bij een zeer verwijtbare gedraging kan uw uitkering tijdens een bepaalde periode volledig worden geweigerd. Bij meerdere verwijtbare handelingen binnen de periode van 12 maanden kan de duur van de maatregel verdubbeld worden.


